Ik ben jij en jij bent mij
In Drawing Centre Diepenheim is tot en met 28 augustus 2017 de solotentoonstelling ‘Je suis toi – tu es moi’ van Aline Thomassen (Maastricht 1964) te zien. Op uitnodiging van curator Nanette Kraaijkamp laat recente tekeningen zien waarvan een aantal speciaal voor deze tentoonstelling zijn gemaakt. Alex de Vries ging bij haar op atelierbezoek en schreef een tekst over haar werkwijze en intenties.
 

De vrouwen en mannen die Aline Thomassen tekent zijn gewone mensen die in haar werk een transformatie ondergaan, omdat zij ze incorporeert. Tijdens het maken van haar tekeningen is zij van de wereld. Ze ontdoet wat zij tekent van de alledaagse referenties die er aanleiding toe geven om dit werk te maken. In de Marokkaanse vissersstad Larache waar ze al twintig jaar langdurig verblijft, ontmoet ze de mensen die simpelweg haar buren, vrienden en bekenden zijn en die binnen de sociale structuur van hun samenleving met elkaar zijn verbonden. Zij maakt deel uit van die gemeenschap en geniet vooral in de beslotenheid van ontmoetingen met vrouwen. Een vrijheid van persoonlijke uitwisseling die ze in andere sociale verbanden mist. De vrijheid die in de openbaarheid wordt nagestreefd en gekoesterd, heeft in die beslotenheid nog een pendant waarin alle taboes worden opgeheven en die enkel binnen die onderlinge vertrouwelijkheid recht kunnen worden gedaan. In de besloten vrouwengemeenschappen in Marokko krijgt die in de beleving van Aline Thomassen een ongedwongen en schaamteloos karakter die haar tekeningen weerspiegelen   
In Larache is een leven gaande dat in allerlei opzichten nog zichtbaar teruggaat op eeuwenoude gewoontes, zoals in het gebruik van kookgerei dat al in de prehistorie werd gemaakt en toegepast. Die verbondenheid met een oud cultureel en sociaal besef dat ook in praktische zin wordt beleefd, is een belangrijke inspiratie.

De tekeningen van Aline Thomassen zijn niet dialectisch. Ze gaan niet onderscheidend over vreugde of verdriet, wanhoop of geluk, lust of last, maar over heel veel meer dingen tegelijkertijd. Hoewel haar tekeningen er vaak uitzien alsof ze in een uitbarsting zijn gemaakt, werkt ze er weken of maanden aan. Dat de spontaniteit van haar werk desondanks intens kan worden beleefd, is een bewijs van haar kwaliteit als kunstenaar.
Aline Thomassen werpt zich op. Ze werpt zich op het papier. Ze laat iedere beschaving varen en leeft zich lichamelijk uit door alle gevoelens die op haar afkomen toe te laten. Ze houdt zich op geen enkel manier in, wat ertoe kan leiden dat ze zelf na afloop, als ze in ogenschouw neemt wat ze heeft getekend, erdoor wordt geïntimideerd. Die overgave aan haar werk is noodzakelijk om tijdens de uitvoering van haar intenties vorm te geven aan wat haar bezielt. Het is een vorm van romantische vervoering die je in de contemporaine kunst opvallend kunt noemen.

In haar tekeningen van vrouwen doorbreekt ze de het hedendaagse schoonheidsideaal. Bij haar zijn ze vaak voluptueus. Ze hebben zware wenkbrauwen en in hun expliciete sensualiteit hebben ze vaak ook uiterst mannelijke trekken. Je ziet haar eigen frêle figuur er ook in terug, alsof ze door het vrouwenlichaam dat ze tekent wordt omhuld en zich vereenzelvigt met haar onderwerp. Ze beweegt zich door de tekening heen. Ze moet erop papier bij kunnen en daarom hebben haar grote tekeningen ook dat formaat waar ze met gestrekte ledematen nog net bij kan. Ze staat weerloos tegenover haar onderwerp, maar niet willoos.



Een tekening van Aline Thomassen is vloeibaar. Je wordt erdoor omspoeld. Aline Thomassen tekent met gekleurd water. Je kunt het nauwelijks tekenen noemen. Het zijn eerder schilderingen en als zodanig vertekeningen; ze reikt verder dan een tekening doorgaans kan.

In de kunst spreken we bij vergelijkbaar werk van ‘het naakt’, maar bij Aline Thomassen zijn de vrouwen gewoon bloot. Van stilistisch naakt is geen sprake. De vrouwen die zij laat zien hebben alles om het lijf zo bloot als ze zijn. Opzichtig zijn ze niet, maar wel in het oog springend, omdat ze zonder reserve zijn verbeeld.

De vrouwen die Aline Thomassen tekent zijn in persoonlijke zin onherkenbaar; het zijn geen portretten. We hoeven niemand te herkennen. Juist daardoor zijn het vrouwen die in hun kunstzinnige aanwezigheid tot de verbeelding spreken. Je hoeft in hun fysiek niet naar identificatie op zoek te gaan: ze tonen zich daadwerkelijk zoals ze zijn. Ze worden getroffen in hun gemoed. Wat ze innerlijk beweegt komt aan de oppervlakte en vervloeit met invloeden van buitenaf. Innerlijke en uiterlijke gevoelservaringen lossen in elkaar op. Je moet je een tekening van Aline Thomassen voorstellen als een papieren gedaante waaruit ze zelf tevoorschijn komt. Als het gaat over ‘ik en de ander’ dan is zij die ander waarin ze zichzelf blijft.

Heel anders zijn de tekeningen van de jonge mannen die ze heeft gemaakt. Na twintig jaar half in Marokko en half in Nederland te hebben geleefd, vond ze het tijd de Marokkaanse mannen te betrekken in het ondergaan van de vertrouwelijke intimiteit die vrouwen onder elkaar bewerkstelligen. Hoe staan zij daar tegenover, hoe verhouden zij zich ermee, wat streven ze in relatie daarmee na, hoe stellen ze het leven voor, wat zijn hun toekomstverwachtingen? In de tekeningen van die mannen zie je van hun kant een grote reserve die ze inzetten om in zichzelf iets te overbruggen, hun onzekerheid om zich binnen de vrouwelijke vertrouwelijkheid die binnen hun cultuur zo vanzelfsprekend is een houding te geven; daar tegelijkertijd onafhankelijk en ondergeschikt tegenover te staan.

Waar de vrouwen in haar tekeningen geen verweer hebben in de wijze waarop ze zijn afgebeeld, zie je bij deze mannen nog een bedachtzame argwaan. Aline Thomassen raakt aan hun wezen, waar sprake is van een bijna gekwetste gevoeligheid voor ontmaskering van hun ware aard. In de tekeningen kunnen ze de schijn niet ophouden. Die is er door Aline Thomassen afgepeld. Toch hangt die schijn nog om ze heen en je ziet ze er schichtig naar kijken hoe ze zich er weer in kunnen hullen.

Aan al haar tekeningen gaat een uitlevering vooraf. Om die vrouwen en mannen in Larache te treffen in een verschijning die overtuigend is, moet ze zich aan het leven daar laven. Ze kan er niet buiten blijven. Ze wordt erin opgenomen, zodat die tekeningen daaruit voortkomen en een waarachtige identiteit aannemen. Iedere tekening is een legitimatiebewijs.

Waar Aline Thomassen zich in het leven met tegenzin genoodzaakt ziet haar gevoelsmatige reacties te dempen, compenseert ze dat in haar werk voluit in tekeningen waar geen enkele rem op zit. Zo laat ze ons iets zien, waar we wellicht eerst maar even van wegkijken vanuit een uiterst burgerlijk ‘moet dan nou’-idee. Ja, dat moet. Wie wegkijkt van de kunst is het leven niet waard.

www.kunstvereniging.nl
www.alinethomassen.com