Image

De bus is laat en het is de schuld van de kunst

01 Mar 2019 Ilse van der Velden

Diepenheim is geen plek waar je zomaar even langsgaat. De busverbinding is slecht, in schoolvakanties rijdt er om het uur één, waardoor ik door een ongelukkige timing vijftig minuten op de bus moet wachten. Ondertussen begint het donker te worden. Ik sla mijn boek dicht en begin aan het laatste streepje batterij van mijn telefoon. Nog voordat die helemaal leeg is, meldt mijn provider dat ik door mijn MB’s heen ben.

Misschien is Diepenheim wel de enige plek op aarde waar een expositie als deze plaats kan vinden: het is niet zoals in Amsterdam, waarbij je het Stedelijk Museum of het Rijksmuseum even meepikt, “omdat je er toch bent”. Met Diepenheim moet je een verbinding hebben: je woont er, of je bent er om het kunstcentrum te bezoeken, zo lijkt het tenminste. De hindernissen die je moet trotseren om in Diepenheim te komen zijn maar een voorproefje van (Dis)connection, een expositie over verbindingen. Verbindingen tussen jijzelf en de ander, tussen de wereld waarin we leven en onze bijdrage daaraan. We zijn individuen, maar onze omgeving vraagt om samenwerking. Hoe werkt dat? Hoe kunnen we samenleven? Dertien internationale kunstenaars gingen met deze vraag aan de slag.  

De installatie van Anetta Mona Chisa en Lucia Tkáčová. Foto: Rik Klein Gotink.

Wat zullen toekomstige archeologen vinden als ze over duizenden jaren onze beschaving opgraven? Het kunstenaarsduo Anetta Mona Chisa (1975) en Lucia Tkáčová (1977) geven het antwoord in de vorm van een reusachtige muurschildering van een rotsachtig landschap, waarin de moderne, de toekomstige en de verleden tijd vrij letterlijk hand in hand gaan; de rotswanden zijn bezaaid met vingers en nagels, die de drie tijdsbepalingen met elkaar verbinden. Er zijn handafdrukken zoals wij die uit de prehistorie kennen, haast ritualistisch, en anderzijds de plasticiteit van lange nepnagels die aan takken groeien en handen die hun vingers om een iPhone klemmen. De toekomst zijn de afgebeelde handen die het tafereel aanschouwen met pen en papier. “Wat is hier gebeurd?” dat lijkt deze verder vormloze toeschouwer te denken terwijl hij de restanten van de prehistorische en moderne tijd bekijkt. Misschien is het een archeoloog die meegeholpen heeft de grot uit te graven, gezien er geen graafmachines of andere moderne middelen zijn afgebeeld. Was daar de wand te klein voor, of is het een bewuste keuze, die verwijst naar een mistroostige toekomst zonder elektriciteit? Is de muurschildering een voorspelling of een waarschuwing? Hoe langer je kijkt, hoe meer details je ontdekt: de trademarks op de nagels, bijvoorbeeld, alsof het duo de anonimiteit en vrijheid van de prehistorische kunstenaars wil benadrukken, en het gebrek aan een ander soort begroeiing dan de kale struikjes en de genagelde takken die voor de rotswand zijn opgesteld.  

Er zijn handafdrukken zoals wij die uit de prehistorie kennen, haast ritualistisch, en anderzijds de plasticiteit van lange nepnagels die aan takken groeien en handen die hun vingers om een iPhone klemmen

‘We will redraw the map of Europe,’ zegt de leider van de Tsjechische communistenpartij in de fictieve documentaire van Adéla Babanová (1980), over een utopisch vakantieoord exclusief voor het Tsjechische volk. De film is gebaseerd op een idee dat nooit gerealiseerd is. De tunnel die professor Karel Žlábek schetste zou dwars door Europa naar een kunstmatig eiland aan de kust van de Middellandse zee lopen. Absurd, maar in de film is het werkelijkheid.

'A nation without a sea is never happy,’ predikt de leider op de achtergrond van de zwart-wit foto’s die tijdens de daadwerkelijke ontwikkelingsfase van Adriaport genomen zijn. Deze foto’s gaan over in foto’s van een strand en vakantiegangers, mogelijk kiekjes van bezoekers, geschoten tijdens die ene zomer in 1980 dat het oord open was.

Een vrouw vertelt dat haar vakantie in Adriaport heerlijk was, dat ze, hoewel er gesproken werd over prikkeldraad in het water, geen last heeft gehad van de politieke agenda. Was Adriaport een vrijstelling van het regime, georganiseerd door het regime, of simpelweg propaganda voor en door het Tsjechische rijk? Of was het een grote droom van een klein, door land ingesloten gebied? Er hangt een verraderlijke kalmte rondom Adriaport, die theorieën oproept en aanwakkert, en je haast doet vergeten dat de documentaire geen gerealiseerde situatie betreft.


Downtime, Lotte Geeven en Yeb Wiersma. Foto: Rik Klein Gotink
 

Lotte Geeven (1980) en Yeb Wiersma (1973) schetsten een radicaal wat-als-scenario: wat als je alle stoplichten in Den Haag, tijdens het spitsuur, zeven seconden op rood zet? Downtime is de naam van de film die het absurde idee met zijn mogelijke gevolgen verbindt. Zeven seconden lijkt niet lang, maar in een netwerk dat tot op de milliseconde is afgesteld zou het in theorie het verkeer tot aan Friesland stil kunnen leggen, en misschien nog wel verder. Dan zijn er nog de psychologische gevolgen: hoe reageert een mens dat voor een stoplicht staat en ziet dat niemand gas geeft? Zou hun groeiende ongeduld ongelukken kunnen veroorzaken? Hoe verschilt de reactie van een automobilist die recht voor het stoplicht staat van iemand twintig auto’s verderop in de ontstane rij, net zo onwetend maar nog minder bewust van de situatie?   

Het project van het kunstenaarsduo is momenteel in onderhandeling: het kan morgen uitgevoerd worden, of over vijf jaar, of helemaal nooit. De kracht van het werk ligt in de gedachtes die tijdens het kijken door je hoofd spoken: wat kan deze onschuldige knip in een verkeersnetwerk nu eigenlijk kwaad doen? Terwijl ik op de bus wacht, die drie minuten later komt dan gepland, durf ik zelfs te denken dat het komt omdat iemand met de stoplichten gerommeld heeft, en dat het resultaat tot aan een nietsvermoedend dorpje in Twente reikt.   

(Dis)connection is nog te zien tot en met zondag 5 mei in Kunstvereniging Diepenheim. Klik hier voor meer informatie.