Op een plek waar veelal de eeuwige liefde wordt bezegeld met een ring heb ik een stukje van een kunstwerk van Wassily Kandinsky laten tatoeëren. Op mijn ringvinger staat een figuur uit een van zijn vele studies aan het Bauhaus: niet zijn meest volmaakte werk. De reactie op mijn tattoo was al snel: ben je nu getrouwd met de kunst? Ik kan me niet voorstellen dat ik ooit zonder kunst kan. Eens liet een werk van Mark Rothko me aan de grond genageld staan en in het Tugendhat huis van Mies van der Rohe viel mijn mond open van al het schoon. Maar de ware in de kunst heb ik nog niet gevonden. Ik vraag mij af: In hoeverre kun je een liefdesrelatie opbouwen met een kunstwerk? 

Santa Croce, Florence
Santa Croce, Florence

In extase verlaat hij de Santa Croce in Florence. De zenuwen en hartkloppingen geven de Franse schrijver Stendhal het gevoel dat het leven hem verlaat. De ervaring van de romantische schrijver uit de 19e eeuw lijkt wat sentimenteel, maar ook vandaag de dag zijn er vakantiegangers die in Florence in extase raken bij het zien van de Renaissance kunst. De pracht en praal worden de toeristen meer dan eens fysiek teveel. Ze zakken door hun knieën zodra ze een kapel binnenlopen of vallen languit op de grond als ze een glimp van de fresco’s opvangen. De Italiaanse psychiater Graziella Magherini observeerde tientallen toeristen en beschreef zijn waarnemingen als het Stendhalsyndroom1. De medewerkers van de Uffizi Gallery in Florence zijn er inmiddels aan gewend en bellen zodra iemand begint te trillen en te zweten naar de speciaal ingerichte kliniek waar de toeristen worden opgevangen. 

Stendhal vergelijkt zijn ervaring in de Santa Croce met verliefdheid. Wanneer zijn oog op een meisje valt, kan hij net zulke weke knieën krijgen als in de Florentijnse basiliek. Het gebouw was voor hem als een vrouw1. Zou hij haar nog eens vaker hebben opgezocht? Heeft hij haar de liefde verklaard of bleef het bij die ene keer? 

De ware ontmoeting
Volgens de Franse filosoof Alain Badiou is de ware liefde als een eeuwigdurend spel waarin de liefde een beproeving is. Hij verzet zich tegen de romantische en religieuze opvatting dat de liefde een samensmelting of eenwording is. De liefde is niet één, maar juist vormgegeven door twee mensen2. In een toevallige ontmoeting tussen twee mensen ontstaat de liefde. Bij datingsites en Tinder wordt de liefde in gevaar gebracht, omdat de veiligheid er groter is. Je kunt er je liefde uitzoeken op basis van interesses, leeftijd, werk en andere zaken die jou aanspreken. Hierdoor is de confrontatie met de ander minder groot, de ontmoeting ontdaan van het risico en het succes in de liefde bijna verzekerd. We moeten het risico van de toevallige ontmoeting durven aangaan. Hij noemt deze ontmoeting tussen twee mensen het evenement, op dat moment ontstaat een breuk met hun bestaande wereld en hun oude identiteit. De twee verliefde mensen scheppen samen een nieuwe wereld die alleen zij verstaan. Het is hun waarheid3. 

In het museum kun je net als op Tinder een veilige ontmoeting hebben met een kunstwerk. Net als in de datingapp kun je vooraf onderzoek doen naar je mogelijke date. Het is een soort live Tinder, in enkele seconden ‘swipe’ je als het ware door de beelden. Je kijkt rond welk werk contact maakt. Bij de één gaat het makkelijker dan bij de ander. Waar wil je langer voor staan, meer van weten? Over lezen, weglopen en later nog eens bekijken? Als we kunst kijken met de theorie van Alain Badiou in ons achterhoofd, zouden we kunnen stellen dat bij een onvoorbereid bezoek aan het museum of kunst in de openbare ruimte de eerste ontmoetingen met de kunst toevalliger en daardoor krachtiger zullen zijn. Een voorbereid bezoek heeft meer weg van de gearrangeerde liefde op datingsites. Het toevallige karakter van de ontmoeting is volgens Alain Badiou heel belangrijk, omdat we het risico met het onbekende aangaan. Deze sprong in het diepe maakt dat de waarheid die wordt gecreëerd tussen twee mensen, krachtig tot uitdrukking komt2. 
Kunst kijken betekent een duik nemen in de wereld van het kunstwerk. Soms radicaal anders dan je eigen opvatting of wereldbeeld, soms beantwoordt het werk aan jouw eigen ideeën. Af en toe laat een werk je opnieuw kijken naar het bestaande, naar je identiteit of wereldbeeld. Ook in een kunstwerk kan een waarheid ontsprongen zijn in een evenement. De kunsten verkennen mogelijkheden naar een nieuwe opvatting, nieuw weten of een nieuw wereldbeeld. Een kunstwerk kan een drager zijn van een waarheid. Deze waarheid is altijd autonoom en gaat nooit verloren2. In een kennismaking met een kunstwerk kun je als beschouwer deze waarheid ontmoeten en ervaren als de toevallige ontmoeting krachtig is. Het kunstwerk en de beschouwer smeden samen een interpretatie. Met elkaar creëer je een nieuwe waarheid, waar de ontmoeting met een kunstwerk een evenement wordt.   

Eerste ontmoetingen 
Eerste dates zijn kwetsbaar en eng, want je kunt snel iets verkeerd zeggen wat de liefdesrelatie dwarsboomt2. De gekozen woorden vertellen niet altijd wat je bedoelt en worden al snel verkeerd geïnterpreteerd door de ander. De eerste indruk van een kunstwerk kan net zo ongemakkelijk zijn als een eerste date. Kunstwerken laten zich ook niet makkelijk vangen in taal. Woorden kunnen de esthetische lading en de betekenis van het werk vaak niet vatten. 
Huilen voor een kunstwerk bij de eerste ontmoeting is wellicht een teken van liefde. Huilen is het meest zichtbare bewijs, naast flauwtes en duizelingen, dat iemand diep wordt geraakt door een kunstwerk. De Amerikaanse kunsthistoricus James Elkins deed onderzoek naar dit fenomeen, al is het hem zelf nooit overkomen. Het is volgens hem van belang dat je alleen de kunst bekijkt en dat je daarin de rust zoekt. Deze mentaliteit is voor hem belangrijk, de beschouwer moet openstaan voor een ontmoeting1. 

Barnett Newman, How's Afraid of Red, Yellow and Blue, 1967-68
Barnett Newman, How's Afraid of Red, Yellow and Blue, 1967-68

Liefdes (de)constructie
Als zo’n toevallige ontmoeting de basis is voor meer dates, dan wordt de liefdesrelatie geconstrueerd. Met een liefdesverklaring wordt de toevallige ontmoeting gefixeerd. Een liefdesverklaring in de lijn van ‘ik hou van jou’ is fundamenteel en bevestigt het evenement van de ontmoeting. De waarheid die is ontstaan in het evenement van de ontmoeting, transformeert tot een duurzame constructie. Trouw zijn aan deze waarheid is een belangrijke voorwaarde voor een constructie en een ervaring van de ontstane waarheid. De liefdesrelatie is namelijk uniek, hoewel dit niet betekent dat je in je leven maar aan één waarheid trouw kunt zijn3. Een liefdesconstructie deint op een ‘hinkend ritme’, want aan de liefdesrelatie moet constant gewerkt worden2. De liefde moet telkens opnieuw worden verklaard, om de waarheid levend te houden. De wereld van de twee geliefden is nooit af3. 
De liefde verklaren is eng en kwetsbaar, want aan het uitspreken van de liefdesverklaring kleeft een groot risico, de gevolgen kunnen oneindig zijn. Het bouwen aan de liefdesconstructie is dan ook niet zonder gevaar. Ze is een van de meest pijnlijke ervaringen van het subjectieve leven3. De liefde heeft hevige ruzies, drama’s en slepende scheidingen op haar geweten.
Dat kunstwerken sterke emoties oproepen illustreert het bizarre verhaal rondom Who’s afraid of Red, Yellow and Blue III van Barnett Newman. Vol haat over de opkomst van abstracte kunst beende Gerard Jan van Bladeren met een stanleymes in zijn zak door de zalen van het Stedelijk Museum. Hij zag de abstractie van de werken van Barnett Newman als een plaag, een plaag die bestreden moest worden. Het rood van het doek Who’s afraid of Red, Yellow and Blue III straalde het museum in en stak sterk af bij de helwitte muren. Het daagde van Bladeren uit om zijn mes er meerdere malen flink in te zetten. Door dit voorval zijn we getuige van een drama dat zich afspeelde tussen de beschouwer en het werk. 
De kunsthistoricus James Elkins geeft tips om de kunstwerken meer tot je te laten spreken, de ontroering (of frustratie wellicht) dichterbij te halen. Alleen naar het museum gaan is volgens hem niet genoeg, want je hebt concentratie en focus nodig om de kunst echt te kunnen zien. Je hoeft niet de hele collectie te bekijken, neem een of twee zalen en bekijk deze werken goed. Volgens Elkins moet er aan de relatie met een kunstwerk ook flink en vooral geduldig gewerkt worden. Hij vraagt je trouw te zijn aan de kunst. ‘Stap eens achteruit, bekijk het werk opnieuw. Ga even zitten en relax. Loop een rondje en bekijk het werk nogmaals’1. Een kunstwerk werkt langzaam, je moet geduld hebben om de dialoog te kunnen starten. Om echt van een kunstwerk te houden moet het werk constant levend zijn in je verbeelding. Van moment tot moment kun je het dan tevoorschijn halen. Het kijken naar kunst zou ontwapend moeten zijn, anders is het gewoon een zakelijke relatie1. 

Tugendhat huis, Mies van der Rohe
Tugendhat huis, Mies van der Rohe

De liefde voor de kunst
Ik denk regelmatig terug aan het moment dat ik de trap af daalde in het Tugendhat huis van Mies van der Rohe. Daar onderaan de trap werd ik overdonderd door de esthetiek van de beroemde architect. De inrichting was in evenwicht, de materialen divers en het uitzicht had een geweldige uitwerking op het huis. Nog nooit had een werk mij zo in vervoering gebracht. De eerste ontmoeting was zeldzaam indrukwekkend. Ik liep uren in stilte rond, door de tuinen, door het huis. Door een tip van een vriend belandde ik in de Tsjechische woonwijk waar het huis staat, ik was echter niet voorbereid op een dergelijke ontmoeting. Met mijn geringe voorkennis voelde het bezoek niet als een gearrangeerde date. Een volledige focus voor het meesterwerk was aanwezig, zoals James Elkins in zijn essay aanraadt. Er waren geen tranen, duizelingen of hartkloppingen, maar ik werd stilletjes verliefd op het huis. Het bezoek is inmiddels enkele jaren geleden, maar een aantal elementen uit het huis kan ik me helder voor de geest halen. Als een stille aanbidder denk ik soms terug aan het moment op de trap en bekijk ik nog de foto’s. Alain Badiou zou zeggen dat ik het huis de liefde moet verklaren om de waarheid te construeren. Ik heb op afstand het huis de liefde verklaard, onze waarheid leeft voort in de verbeelding. Hopelijk valt het niet tegen als we elkaar weer zien.

1) Elkins, J. (2005). Pictures and tears. A history of people who have cried in front of paintings. New York, London: Routledge 
2) Bloois, de, J. (2013). Badiou. Amsterdam: Boom 
3) Badiou, A. (2016). Ode aan de liefde. Amsterdam: Parrèssia