Mister Motley heeft een boek gemaakt. Koop hier 'Dit is een vertaling'.

Image

Diamonds in the sky

04-01-2014 Saskia Janssen

DONDERDAG, 4 APRIL 2013,
HET VIJFDE SEIZOEN, DEN DOLDER

De komende drie maanden woon en werk ik op het terrein van psychiatrische instelling de Willem Arntsz Hoeve in Den Dolder. Ik heb hier een groot paviljoen helemaal aan de achterkant van het terrein, aan de rand van een bos. Ik ben nog nooit eerder in een psychiatrische instelling geweest en ik maak me er van tevoren ook niet teveel voorstellingen van. Ik heb me ook niet voorbereid of ingelezen in de psychiatrie, het liefst zie ik gewoon zelf hoe het hier is. Ik houd er van om naar onbekende hoeken van de maatschappij te gaan en ik ben altijd benieuwd naar mensen in situaties die ik niet echt ken.

DINSDAG, 9 APRIL 2013
AFLEIDING

Ik ben er pas een week, maar het is helemaal niet moeilijk patiënten te leren kennen. Sommigen lopen de hele dag in zichzelf gekeerd rond en lijken helemaal geen andere mensen op te merken. Maar anderen lijken zich te vervelen en hebben wel zin in een praatje en komen gewoon naar me toe. Lopend op weg naar het station kom ik Tarik tegen. Hij verblijft hier in Wier Plus, een afdeling in een gebouw dat helemaal omgeven is door hekken en camera’s. De achtertuin lijkt op een kooi. In vijftien minuten vertelt hij in razend tempo zijn hele levensverhaal. Hij praat zo snel, dat ik het amper kan bijhouden met luisteren. Aan het einde van zijn verhaal legt hij ook het probleem waarvoor hij hier is haarfijn en razendsnel uit. Hij heeft een erge vorm van ADHD en daardoor grote concentratie problemen. Eenvoudige handelingen, zoals post openmaken en beantwoorden, of zijn kamer opruimen lukken hem niet en worden één en al chaos. Van alles leidt hem af van wat hij ook maar aan het doen is op dat moment. En van de dingen die hem afleiden is hij ook snel weer afgeleid door weer iets heel anders. Ik denk ineens dat hij zo snel praat om niet afgeleid te worden van zijn eigen verhaal, om het in één adem helemaal te kunnen vertellen. Op het station nemen we ieder een andere trein. Vlak voordat ik instap vertelt me nog snel dat het hem opgevallen is dat er in Den Dolder maar weinig mensen met gouden tanden wonen. In Den Haag zijn het er veel meer volgens hem.

Saskia Janssen, Diamonds in the Sky
Saskia Janssen, Diamonds in the Sky

MAANDAG, 15 APRIL 2013
ORIENTALISME MET JAMILA EN BOB

Op het terrein staat een middelbare school voor jongeren met ernstige gedragsproblemen. Ik ga kijken bij de les beeldende vorming. Ik ben benieuwd wat er in die les gedaan wordt, wie weet kunnen we wel samenwerken. De docente stelt me aan de klas voor als de gast kunstenaar die een paar maanden op het terrein komt wonen om hier een kunstwerk te maken. De les is dit keer een theorie les en gaat over Oriëntalisme in de kunst. Aan de hand van dia’s laat de docente zien hoe kunstenaars in de laat 19e eeuw hun inspiratie zochten in reizen naar het mystieke, kleurrijke en ondoorgrondelijke Oosten dat zo haaks op het koele en rationele Westen staat. Ze legt uit hoe kunstenaars op zoek gingen naar het exotische en het onbekende. Ineens zie ik mezelf  hier ook zitten als ‘kunstenaar op zoek naar inspiratie in een exotische situatie’, maar gelukkig ben ik zelf de enige die deze link legt.

De klas bestaat maar uit twee leerlingen, Bob en Jamila, en ze zijn allebei knap, slim en grappig. In de les kunnen ze zich niet langer dan een minuut concentreren. Ze zijn druk bezig met lachen, praten, elkaar uitdagen, op telefoons kijken en er is voortdurend gerommel in tassen en jaszakken. Een uur lang zijn ze in volle actie, bezig met van alles behalve met het Oriëntalisme. Jamila legt me tussendoor even snel uit dat dat nou een maal zo gaat bij leerlingen die op hun 16e al te veel geblowd hebben en dat ze er écht niets aan kunnen doen, die hersencellen zijn gewoon door de war. De docente heeft eindeloos geduld. Halverwege de les dreigt ze heel even de twee uit elkaar te zetten, ieder aan de andere kant van het lokaal maar ziet daar toch maar van af. De twee zijn zo geestig en ad rem dat het moeilijk is boos op ze te worden.

Ik begrijp nu waarom er maar twee in één klas zitten, twee gaat namelijk nèt. 

WOENSDAG, 17 APRIL 2013 - XYLOFOON
De eerste maand wil ik hier gewoon alleen maar wonen, het dagelijkse leven meemaken en meedoen aan alles, net als de patiënten. Ik wil niet te resultaat gericht aan de slag gaan in mijn atelier door meteen beginnen met het maken van een werk. Eerst veldonderzoek doen waar dat werk hopelijk gewoon organisch uit voort gaat komen, eigenlijk zoals ik het altijd doe: het pad leidt niet naar het doel, het pad zelf ís het doel.

Ik ben nieuwsgierig naar de creatieve therapieën die de patiënten hier hebben en ik ga proberen die zoveel mogelijk bij te wonen. In de kunstwereld is ‘kunst als therapie’ niet erg populair. Kunst moet zo autonoom mogelijk zijn en geen enkel doel dienen behalve zichzelf. Ik heb het eigenlijk nooit logisch gevonden dat dat zo is. Ik zou trots zijn op de kunst als ze werkelijk inzetbaar als therapie is. Patiënten genezen met kunst zou een grote eer voor de kunst zijn. Muziek therapeut Pelle laat me de twee muziektherapie ruimtes zien. Eén is voor klassieke muziek en de andere ziet er uit als de oefenruimte van een rockband. In de klassieke ruimte staat een indrukwekkend zelfgemaakt houten object. Het is een soort rechtopstaande xylofoon met hangende balkjes op verschillende lengtes afgezaagd, van klein naar groot. Het klinkt perfect gestemd als je er op slaat. Het is een paar jaar geleden door een patiënt gemaakt. Die is er weken mee bezig geweest om het instrument te stemmen: tikje er op, goed luisteren, stukje afzagen, weer tikje er op, luisteren, nog een stukje er af etc. etc. Andere patiënten werden gek van het dagenlange getik en gezaag. Pelle vindt het geen probleem als ik bij de muziektherapie ben, mits de patiënten geen bezwaar hebben. Ik mag ook meedoen. De eerste sessie waar ik bij ben is in de rock ruimte. Vijf  jongeren en twee stagiaires vormen samen een bandje en spelen Keep your head up, keep your heart strong van Ben Howard. Het klinkt heel overtuigend. Ze lijken echt te menen wat ze zingen. Twee van de bandleden zijn Jamila en Bob, de jongen en het meisje die ik gisteren nog in de les beeldende vorming zag. Het lijken nu wel hele andere mensen. Hier zijn ze helemaal geconcentreerd en spelen moeiteloos samen. Jamila is heel muzikaal en speelt goed piano. Ze heeft geen aansporingen nodig, het gaat helemaal vanzelf. Ook zie ik sommigen na een paar nummers van instrument wisselen, alsof het niets is. Van gitaar naar piano, van bas naar drumstel, etc etc.

Ik ben vandaag onder de indruk van de houten xylofoon en de band van ‘de jongeren met de ernstige gedrags¬problemen’. Ik begin te geloven dat men hier in de psychiatrie makkelijke dingen moeilijk doet en moeilijke dingen makkelijk doet.

DINSDAG, 23 APRIL 2013 - GEESTEN
Ik kan ’s nachts slecht slapen. Ik begrijp niet waarom, mijn woning hier is ruim en stil en er is niets te vinden dat me wakker houdt. Ik vraag aan een paar van de jongeren of ze daar ook last van hebben en of ze weten waardoor het komt. 
“Iedereen slaapt slecht hier in het begin maar na een maand of twee went het wel”, is het gezamenlijke antwoord.
Jamila voegt er nog aan toe dat het logisch is dat iedereen hier zo slecht slaapt. Dat komt namelijk door alle geesten die hier nog rondhangen. Van de mensen die zich opgehan¬gen hebben en die hier voor de trein zijn gesprongen. Zelf slaapt ze hier gelukkig niet want ze gaat hier alleen overdag naar school en naar muziektherapie. Maar ze zou hier zeker ook slecht slapen met al die geesten.

WOENSDAG, 24 APRIL 2013
DIAMONDS IN THE SKY (1)
Vandaag ben ik weer de hele ochtend bij muziek therapie. Het eerste uur zit ik op de bank te luisteren. Het is weer dezelfde jongeren band en ze oefenen Diamonds in the Sky van Rihanna. Deze klinkt nóg beter dan de Ben Howard song. Ik vind het echt ontroerend zoals iedereen in de tekst opgaat en ik ben er stil van. Oprecht ontroerd. Ik hoop maar dat niemand het aan me ziet, is vast niet cool. Ik vraag me af waarom het me zo ontroert. Het komt niet alleen door dat het goed klinkt. Rihanna klinkt ook goed, stukken beter zelfs, maar die ontroert me niet. Misschien komt het doordat ik vijf jongeren in een hele moeilijke periode van hun leven heel even zie ontsnappen aan hun situatie. Even aan niets denken, even helemaal in de muziek. Geen tijd voor allerlei shit, gewoon muziek, hier en nu.

Ik heb zelf nog nooit muziek gemaakt, ik ben een soort van muzikaal dyslectisch. Maar ik luister er graag naar, ik zou niet zonder kunnen.
In het tweede uur vraagt Pelle of ik ook mee wil doen, of ik misschien wil drummen? Wel komen kijken maar niet willen meedoen vind ik geen optie. Iedereen wordt hier aan een instrument gezet, of je kan spelen of niet. Dus dan maar mee drummen. Het nummer is Beat It van Michael Jackson. Eén van de stagiaires doet me precies voor wat ik moet doen, en dat moet ik proberen het hele nummer zo gelijkmatig mogelijk na te doen, met handen en voeten tegelijk. Met grote moeite sla ik mezelf door Beat It heen. Maar het is stukken leuker dan ik gedacht had. Het helpt wel dat de jongeren niet al te veel op me letten. Heel beleefd laten ze me niet merken dat het heel erg slecht was.

DINSDAG, 14 MEI 2013
WIT PAPIER 
Elke dag komen er een aantal patiënten langs die aanschuiven aan de atelier tafel. Het liefst alleen voor koffie en een sigaret. Ik heb allerlei materialen, papier, verf, hout, gereedschap, van alles. Ik probeer een paar patiënten tijdens de koffie te bewegen tot het maken van een tekening maar dat valt niet mee. Er gebeurt niet veel op het witte papier. Een paar uur lang zitten we aan tafel te praten met ieder een leeg vel papier voor ons. 
Later op de dag vraag ik Pelle hoe het zou komen dat iedereen zo vanzelfsprekend meedoet aan de band maar dat dit niet lukt met het maken van een tekening. Ik heb altijd wel gedacht dat de kracht van muziek groter is dan die van beeldende kunst maar ik geloof niet dat dat hier de reden is. Er moet nog een praktischere of ‘sociale’ verklaring voor zijn. 
Pelle denkt dat het zo zit: bij muziek kun je rustig gewoon wat spelen. Klinkt het heel slecht, dan heeft het slechts eenmaal heel slecht geklonken en is het meteen al weer weg. Een slechte tekening daarentegen ligt nog steeds voor je op tafel en iedereen kan ’m zien. En voor een groep waarvan niet iedereen momenteel zo sterk in z’n schoenen staat is dat nog een stapje erger, dan kan je alle tekeningen met elkaar vergelijken en over ze oordelen. Binnen een band heb je juist veel baat bij goede mede muzikanten. Ze tillen de hele band naar een hoger niveau en de matige muzikanten profiteren daar van mee. 
Het klinkt logisch.
Als ik wil tekenen met de patiënten moet ik dus tekenen als een bandje met tekeningen als songs.

DONDERDAG, 17 MEI 2013
JACK NICHOLSON
Een groepje van vijf patiënten wil graag op excursie. Sommigen zitten hier al jaren en willen heel graag af en toe het terrein af. Ze willen graag naar het Rijksmuseum, dat is net weer open en het is de hele tijd op tv. Ze willen het graag in het echt zien. Allemaal komen ze van een gesloten afdeling maar hebben al bepaalde ‘vrijheden’ dus het moet lukken. Eén van de vijf, René, organiseert het allemaal, met broodjes en al.
Vorige week hebben we al een klein uitstapje gemaakt met vier patiënten van dezelfde afdeling. We zijn naar een fort eiland in de buurt geweest. Misschien ziet onze groep er als een merkwaardige mix van mensen uit want iemand op het eiland vraagt ons spontaan wat wij eigenlijk voor een groep zijn, en waar wij van zijn. René antwoordt meteen: “Wij zijn van “One flew over the Cuckoo’s nest” en wijzend op mij: en zij is Jack Nicholson.”


WOENSDAG, 22 MEI 2013
BEELDENDE THERAPIE
Vandaag bij de beeldende therapie. Het is op een gesloten afdeling waar ook de tbs afdeling is.
De therapie ruimte is gezellig met veel materialen en een grote werktafel in het midden. Het heeft iets weg van het handenarbeidlokaal op een middelbare school. Er zitten vier wat oudere patiënten aan tafel. Eén tekent een boom en een ander werkt heel netjes aan een kleurplaat. In een kast liggen werken van klei en papier. Er ligt ook een beschilderd eierdoosje tussen. Het stelt me wel gerust dat tbs-ers ook gewoon eierdoosjes versieren.
De therapeute laat me verschillende tekeningen uit de therapie sessies zien. Meerdere patiënten werken bijvoorbeeld om de beurt aan dezelfde tekening op één vel papier waarbij niet alleen geobserveerd wordt wát ze tekenen, maar ook hoe ze met de tekeningen van anderen omgaan. Of ze bijvoorbeeld contact maken met andermans werk, of er altijd omheen gaan of er gewoon dwars doorheen gaan. Er is ook een opdracht waarbij men zichzelf moet tekenen als boom, nú en als boom over een jaar. Het zijn fascinerende tekeningen om naar te kijken. Ik kan het niet vergelijken met tekeningen die ik eerder ergens zag.

VRIJDAG, 24 MEI 2013
HANGMAT/VANGNET
Ik ben altijd gefascineerd geweest door de grote vangnetten die in een circus onder de trapeze hangen.
Ik bedenk me dan hoe je risicoloos van alles aan de trapeze kan uit proberen omdat je altijd weer in dat veilige verende net terechtkomt. Ik vind een net ook een heel mooi object. Het is eigenlijk niets; als je het uit elkaar haalt is het gewoon een hele lange draad. Maar geweven op een bepaalde manier wordt het een constructie, die op zichzelf ook een intrigerend ding is; je kunt er mensen of dieren mee redden maar ook mee vangen of verstrikken. Een positief en negatief ding tegelijk.
Op de afdeling Roosenburg zag ik dat er netten in de trappen¬huizen zijn gespannen om zelfmoorden te voorkomen. Ik vind het net ook een mooie metafoor voor de psychiatrische instel¬ling zelf. Patiënten lijken verstrikt in hun eigen net hier, terwijl de instelling tegelijkertijd als een groot vangnet fungeert.

Ik ben van plan een heel groot net maken en dat te hangen tussen de bomen op het terrein. Een soort combinatie van een enorme hangmat en een vangnet: een groot geruststellend net om in te liggen. Gewoon om een moment helemaal niets te doen en helemaal in ‘het Nu’ te zijn en naar de lucht te staren. Het liefst wil ik de netten ook zelf  knopen van repen textiel, samen met de patiënten. Maar dat blijkt geen realistisch idee. Met de concentratie problemen die de meesten hebben gaat het heel lang duren voor dat we ook maar een klein stukje af zouden hebben.
Van een collega kan ik grote stukken fel blauw net overnemen. Die ga ik samen met een paar patiënten aan elkaar maken tot één groot net en dit geheel gaan we ophangen tussen de bomen.

ZATERDAG 25 MEI 2013
TEKENEN ALS EEN BANDJE MET TEKENINGEN ALS SONGS

Het valt me op dat veel patiënten ófwel erg bezig zijn met hun verleden ófwel erg met de toekomst. Ze piekeren over wat er allemaal gebeurd is of over hoe het hierna verder moet met hun leven. Het lijkt wel alsof er helemaal geen ‘Nu’ tussen in zit.
Het is mijn grootste reden om het net te maken tussen de bomen. Bij muziektherapie zie ik dat het lukt om even geen zorgen te hebben, maar een moment helemaal in de muziek te zijn.
Ik wil proberen dat zelfde ‘Nu’ te activeren door middel van tekeningen. Kijken of het mogelijk is om door middel van tekenen heel even de alledaagse werkelijkheid te ontstijgen. Om helemaal in het ‘Nu’ van de tekening te zijn. De tekening als hangmat, of de tekening als song.
Ik probeer samen te vatten wat ik hier geleerd heb wat betreft tekenen: 

–          Een wit vel papier werkt niet. Erger nog, een leeg vel
  papier levert stress op.

–          Een individuele tekening die vergeleken wordt met
  andermans tekeningen is ook stressvol, want nodigt uit
  tot oordelen.

–          Samen aan een resultaat werken is veiliger en de besten                  

van de groep tillen het resultaat op voor iedereen.

–          Een kleurplaat werkt goed omdat je zelf geen onderwerp
  hoeft te verzinnen en toch een doel hebt om geconcentreerd
  aan te werken. Maar het is niet bepaald verheffend. Je bent
  er niet trots op en neemt hem niet graag mee naar huis.

–          En er is ook nog iets heel praktisch, door het gebruik van
  medicijnen hebben sommige patiënten trillende handen.
  En het gebruik van medicijnen schijnt creativiteit tijdelijk
  te doen verdwijnen.

Ik moet dus een manier van tekenen bedenken waarbij er meerde patiënten aan één tekening werken, en waarbij het vel niet leeg is aan het begin. Waarbij niemand zelf een onderwerp hoeft te verzinnen. Iets dat qua techniek zodanig is dat dat het voor iedereen haalbaar is, zelfs voor degenen met trillende handen en voor degenen die normaal alleen kleurplaten inkleuren.
Maar het moet wel een tekening zijn die je zodanig kan boeien dat je er in opgaat. En het belangrijkste van alles:
het moet betekenisvol zijn en voor iedereen begrijpelijk.

DINSDAG, 28 MEI 2013
NEGATIEF EN POSITIEF & 
STERREN AAN DE HEMEL

Een vriend liet me een paar weken geleden een boek zien met oude Tantrisch Hindoeïstische meditatietekeningen. 
Ik werd op slag verliefd op de tekeningen.
Ik haal het boek weer tevoorschijn en kijk nogmaals naar de tekeningen. Ik heb lang niet meer zo geboeid gekeken naar tekeningen ondanks dat ik hun betekenis niet ken en die ook niet kan doorgronden.
Het zijn eenvoudige, maar heel aantrekkelijke en eigenwijze voorstellingen. Ze zijn volstrekt autonoom. Er is weinig informatie te vinden over deze tekentraditie maar in een paar boeken en op internet vind ik iets. De tekeningen zijn bedoeld om op te mediteren. Je hangt zo’n tekening aan de muur in je kamer en gebruikt deze iedere dag als object van meditatie. Afhankelijk van wat het patroon oproept bij degene die mediteert zijn ze op te delen in drie categorieën: ‘subliem en sereen’, ‘dynamisch en actief’ of ‘afschrikwekkend’.
Degenen die de tekeningen maken worden niet beschouwd als kunstenaars maar zijn eerder ambachtslieden in een kopieertraditie. De afbeeldingen worden namelijk niet steeds opnieuw bedacht maar al eeuwenlang opnieuw gekopieerd door bepaalde families. Wie de oorspronkelijke auteur van de voorstellingen is, is onbekend en is ook niet van belang. Het ego speelt hier geen rol.  

Er staan vooral veel ovale vormen in het boek. Het zijn Shiva Lingam vormen: een soort van visuele mantra als een manier om het onzichtbare goddelijke te verbeelden en een representatie van Shiva.
De tekeningen zien er erg hedendaags uit maar dateren al minstens uit de 17e eeuw. Al is het ook goed mogelijk dat de voorstellingen zelf al veel ouder zijn. Door de klimatologische omstandigheden in Noord-India blijft papier niet lang goed en is het niet precies meer na te gaan.

Ik moet steeds opnieuw kijken naar de tekeningen. Ik krijg er geen genoeg van, ze blijven maar boeien ondanks hun eenvoud. Het boek ligt naast mijn bed en naast me op tafel, ik neem het overal mee naar toe. De tekeningen zijn magisch. Ik zou zo’n tekening graag aan mijn muur hebben. Zou dit net zo zijn als dat ene favoriete liedje dat je keer op keer kunt beluisteren? Een liedje voor elke stemming, een om vrolijk van te worden, een ander juist voor tijdens liefdesverdriet.
Ik wil proberen of dit de tekening als song is. Of misschien de song als tekening.
Ik krijg ineens een idee. Als we nu eens met zijn allen hier aan een gezamenlijke serie meditatie tekeningen gaan werken, waarbij er geen auteur is. De tekeningen kopiëren we dan, net zoals het gaat in de oorspronkelijke traditie. Er is dan geen kunstenaar, je hoeft geen afbeelding zelf te verzinnen, en als ik zelf al een begin maak is er ook geen wit papier. Iedereen doet dan alleen het gedeelte dat hij of zij wil of kan. En misschien heeft de voorstelling  tijdens het tekenen al een goede uitwerking op degene die er aan werkt. Ik ga het proberen.
Ik kies twee tekeningen uit voor de patiënten waarvan ik denk dat ze ‘subliem en sereen’, en ‘dynamisch en actief’ zijn. De categorie ‘afschrikwekkend’ sla ik maar over.
‘Sereen en subliem’ zie ik in een zacht blauwe Shiva Lingam met gekleurde confetti. Op internet lees ik dat het de cosmos met sterren verbeeldt.
‘Dynamisch en actief’ zie ik in een vierkant dat bestaat uit gelijke witte en zwarte strepen. Ik lees er over dat het de afwisseling van het goede en het kwade, het positieve en het negatieve voorstelt.

Ik schilder een aantal blauwe hemels op papier;  blauwe Shiva Lingam vormen zonder de sterren. En ik schilder zwarte strepen op vellen papier, zonder het wit er tussen.
Aan patiënten die langs komen vraag ik of ze mee willen schilderen aan een grote gezamenlijke serie en ik leg het uit. De gekleurde stippen zijn direct populair om te doen. Geen wit papier betekent inderdaad geen teken stress meer. Er worden al snel ook blauwe ondergronden en witte strepen geschilderd met de mallen die ik gemaakt heb. Als er gewerkt wordt is het opvallend rustig, alsof de meditatie al in gang gezet is. Als de ‘rehab’ groep langskomt om te tekenen willen ze graag de ‘positief & negatief’ tekeningen maken. Vooral omdat ze alleen aan het witte positieve gedeelte hoeven te werken, het zwarte negatieve gedeelte is al gedaan. Een aantal willen hun tekening ook echt graag mee naar hun kamer nemen om op te hangen en komen hem later, als de verf droog is, ophalen.

Alleen Anthony  kan niet lang stilzitten aan tafel, hij wil liever iets nuttigs maken van hout. Ik stel hem voor om een ladder te timmeren. Dat is altijd nuttig en ook symbolisch want een ladder laat je bij plaatsen komen waar je gewoonlijk niet bij kan. In twee dagen timmert hij twee perfecte inklapbare houten ladders voor zichzelf. 
Als we al een eind op weg zijn met de tekenproductie lees ik ergens dat de afbeeldingen die we aan het kopiëren zijn heilig en geheim zijn, want goddelijk voor Hindoes. Ik maak me ineens zorgen over wat we aan het doen zijn. 
Kunnen we dat zomaar doen hier? 

Maar als ik zie hoeveel rust en concentratie het de patiënten geeft kan ik me niet voorstellen dat er iets goddelijks is dat hen dat niet zou gunnen.

MAANDAG, 3 JUNI 2013
PIÑATA’S
Mariska komt vragen of ze bij mij piñata’s mag komen maken. Bij haar op de afdeling is er geen plek voor en haar mede patiënten hebben er niet veel belangstelling voor. Omdat ik nog nooit piñata’s heb gemaakt wil Mariska me ook graag leren hoe het moet. Ze haalt een doos met allerlei materialen en richt een hoek van de woonkamer in als Piñata Atelier. Ze laat me zien hoe ik ballonnen moet beplakken met repen oude kranten en dat is wat ik deze middag doe. Als ik de ballonnen af heb, zie ik dat ik ze beplakt heb met de speciale bijlage van de krant over de Biënnale van Venetië. Op de ballonnen probeer ik nog wat te lezen en zie ik foto’s van een prachtig werk van Mark Manders. De kunst is hier ver weg en dichtbij tegelijk.

DINDAG, 4 JUNI 2013
DIAMONDS IN THE SKY (2)
Het net is nu een week af en hangt tussen de bomen. 
Het doet zijn werk vanaf dag één zonder dat ik me er mee hoef te bemoeien. Er ligt altijd wel iemand in het net te roken of te slapen. Soms liggen er groepjes jongeren in. Ook patiënten die elkaar niet kennen omdat ze van verschillende afdelingen zijn hangen samen in het net. 
Op zondag zie ik een compleet gezin -op bezoek- in het net zitten, de auto er naast geparkeerd. In de ochtend vind ik wel eens een kussen of een laken in het net en bekertjes en veel sigarettenpeuken er onder. Het net leidt een eigen leven.
De jongerenband van de muziektherapie nodig ik uit voor therapie op locatie in het net en voor de opname van hun videoclip: een akoestische versie van Diamonds in the Sky, uitgevoerd in het net met gitaren en al.

WOENSDAG, 18 JUNI 2013
LADDERS IN DE COSMOS
In het atelier is het een rustige chaos. Overal papier, karton en verf en bekertjes water. Er wordt geconcentreerd gewerkt in verschillende hoeken: Anthony maakt iets met hout en flessen, Mariska werkt aan de piñata’s, Aki kookt iets in de keuken en Eve schildert heel geconcentreerd stippen. 

Het  aantal tekeningen groeit met de dag. Vooral de kosmos teke¬ningen. Ik denk terug aan de les over Het Oriëntalisme: niet alleen in de laat 19e eeuw was het Oosten een inspiratiebron voor kunstenaars.
Ik tel 52 meditatie tekeningen die af zijn en nog een hoop halve. Ze liggen op een kleed op de grond en Anthony’s ladders staan er tussen. Ze vormen samen weer een eigen exotische kosmos, met ladders, om zelfs deze kosmos nog te ontstijgen.

Ook adverteren op mistermotley.nl? Stuur dan een mail naar maurits@mistermotley.nl