‘Dit heb ik hier nog niet eerder gezien.’ Een oudere man stapt moeizaam van zijn fiets en neemt het vreemdsoortige bouwwerk onder zich aan de voet van de dijk in ogenschouw. ‘Weet jij wat dit is?’ Het werk van Jasper Niens heeft wel iets van een uit het heelal neergedaald object. In een glimmend stalen buisconstructie hangt een getordeerde houten slurf die zo groot is, dat je er in kunt kruipen, maar of (en hoe!)  je er aan de andere kant uit komt is niet zeker. Het bouwwerk is prachtig geplaatst tegen een decor van wilgen en populieren en je mag er op klimmen. ‘510’ is uit vele hoeken te bekijken, van dichtbij en er bovenop, van veraf als je aan komt fietsen of vanuit de hoogte vanaf de dijk. De IJssel stroomt er vlak achterlangs. 

510, Jasper Niens
510, Jasper Niens
510, Jasper Niens
510, Jasper Niens

‘510’ toont de kracht van kunst in de openbare ruimte: een locatie bijzonder maken en een publiek van toevallige voorbijgangers uitnodigen om even pas op de plaats te maken. Om zich te verhouden tot iets, wat geen dagelijkse kost voor ze is. Het leven kan onvermoede kanten hebben. De zorg die aan de constructie, de materiaalkeuze en de vormgeving zijn besteed dwingen zowel respect als aandacht af. 

Voor verreweg het grootste deel bestaat de IJsselbiënnale uit nieuwe kunstwerken die speciaal voor de biënnale en hun locatie zijn gemaakt zijn: 22 van de 26. Als een spoor van broodkruimels -want dat zijn het op de schaal van het rivierlandschap- tussen Doesburg en Zwolle uitgestrooid. Een wandel- en fietsroute verbindt ze. Het thema van de IJsselbiënnale is, niet geheel verrassend, klimaatverandering. Zeker in de context van het rivierlandschap waarin de manifestatie plaats vindt, dat in het afgelopen decennium klimaat proof is gemaakt door onder andere dijkaanpassingen. In de inleiding van de mooi verzorgde reisgids formuleert schrijver Alex de Vries het als volgt: “De relatie tussen de rivier als natuurlijk gegeven en als een door mensen beheerste waterweg in een klimatologisch veranderlijk tijdperk is het uitgangspunt voor de kunstenaars.” Het thema klimaatverandering zie je in lang niet alle werken terug en misschien is dat maar goed ook. Wanneer kunst gekoppeld wordt aan dit soort thematiek loop je het risico, dat ze te instrumenteel of illustratief wordt. 

De IJssel Chinampa van de Zweed Peter Osjtersek is daar een voorbeeld van. Dit werk verbindt zich wel -en wat al te nadrukkelijk- met het thema. Osjtersek heeft een bolvormige drijvende kas -voorzien van een windmolen en zonnepanelen- in de monding van de Berkel gelegd. In de kas worden Azteekse planten gekweekt. De kas is een zogeheten geodetische koepel, een zelfdragende constructie waarvan het ontwerp wordt toegeschreven aan de Amerikaanse architect Buckminster Fuller. De locatie zo vlak voor de stuw die de Berkel van de IJssel scheidt is goed gekozen, de vormgeving en het gebruik zijn heel verantwoord, maar verrassend en nieuw is het allemaal niet.

De IJssel Chinampa, Peter Osjtersek
De IJssel Chinampa, Peter Osjtersek
De IJssel Chinampa, Peter Osjtersek
De IJssel Chinampa, Peter Osjtersek

Hoe beoordeel je een kunstmanifestatie als de IJsselbiënnale? In tegenstelling tot exposities in relatief neutrale ruimtes als die van een museum of galerie wordt bij dit soort buitententoonstellingen zowel de beleving als de betekenis van de kunstwerken in belangrijke mate bepaald door de omgeving, landschappelijk of stedelijk, waarin de bezoeker ze aantreft. Omdat de werken verspreid liggen over een groot gebied, zijn ze met goed fatsoen niet allemaal in één dag te bekijken. Daardoor wordt het ‘tentoonstellingsbezoek’ een reis, met de IJssel als gids. Zelf doe ik de eerste etappe van Doesburg naar Zutphen en vrij snel kom je als bezoeker, wanneer je het kralensnoer aan kunstwerken volgt, ongemerkt in een aangenaam, lome gemoedstoestand.

Ijssellandschap nabij Brummen
Ijssellandschap nabij Brummen

Een werk dat dit versterkt, is Room – The Collapse of Cohesion, een videowerk van Levi van Veluw. Al krijgt de lome gemoedstoestand hier ook een  donkere onderstroom. De video wordt getoond in een zwarte kubus in een enorme loods in de kleine haven van Doesburg. Uiterst vertraagd wordt een opstelling van eenvoudige houten meubels door een explosie? natuurkracht? omver geblazen, tot er niets meer van over is dan een hoeveelheid ordeloos materiaal. Zonder geluid, in monochrome donkere beelden in hetzelfde kleurengamma als dat van het interieur van de loods, zweven de meubelstukken in slow motion door de ruimte in een wolk van traag wervelend stof. Onwillekeurig denk je, dat de film hier ter plekke geschoten is. Deze film in deze setting, het klopt precies.

The collapse of Cohesion (2014), Levi van Veluw (foto van de website van Levi van Veluw)
The collapse of Cohesion (2014), Levi van Veluw (foto van de website van Levi van Veluw)

Ook de sculpturale installatie Analgesia (eerder te zien als onderdeel van Beaufort 2012 in België) van Paolo Grassino heeft zo’n duistere ondertoon. De roedel hondachtigen (of zijn het wolven?) rond enkele autowrakken wekken onwillekeurig post-apocalyptische visioenen, waarin een verlaten boerderijcomplex enkele kilometers verderop wonderwel op zijn plek is. 

Analgasia, Paolo Grassino
Analgasia, Paolo Grassino
Analgasia, Paolo Grassino
Analgasia, Paolo Grassino

Aan het slot van de eerste fietsetappe arriveert men in Zutphen. Vlak voor het binnenfietsen van de stad ontdek ik onderaan de IJsseldijk een kleine nomadische nederzetting. Hier is Hillie de Vries met THE FELT FACTORY neergestreken voor het uitvoeren van een community art programma. Samen met bewoners en bezoekers creëert zij een mythisch beest met gejutte materialen uit de omgeving (tot medio juli). Zij is onderdeel van het culturele randprogramma rond de IJsselbiënnale.

THE FELT FACTORY
THE FELT FACTORY

Aan het eind van de route grijpt de realiteit in: de IJsseldijk ligt open tot voorbij het centrum van Zuthpen voor een forse infrastructurele ingreep. Met grote moeite slaag ik er in de Waagschaal van Bouke Groen te vinden, maar de Terp voor een toekomst van Jeroen van Westen & Curdin Tones blijft voor mij heel passend toekomstmuziek. Maar dit soort ongemakken hoort er nu eenmaal bij, wanneer men zich met kunst buiten de beschermde muren van kunstinstituten in de maatschappelijke werkelijkheid begeeft. De IJsselbiënnale weet een serie kwalitatief hoogwaardige kunstwerken organisch te verbinden met de landschappelijke en stedelijke setting van de IJsselvallei. De ontwikkeling van een totaalconcept op deze schaal is in artistiek, maar zeker ook in logistiek opzicht, geen geringe opgave. De IJsselbiënnale wordt georganiseerd door stichting IJsselbiënnale en is een initiatief van Kunstenlab te Deventer. Met deze eerste editie van de IJsselbiënnale hebben artistiek directeur Mieke Conijn en haar team op waardige wijze hun visitekaartje afgegeven. De kunstwerken langs de Ijssel zijn nog tot en met 24 september te zien.