Het is alweer bijna twee jaar geleden, maar ik herriner het mij nog goed. Op donderdag avond 2 juni 2016 is de koorzaal van het Concertgebouw in Amsterdam gevuld met cultuurliefhebbers. Tijdens het programma Re:Creating Europe - Made in Europe georganiseerd door het Holland Festival wordt er gesproken over de hoogtepunten van de Europese hedendaagse cultuur. ‘’Als we denken aan de hoogtepunten van de Europese cultuur, kijken we al snel naar Europa’s rijke culturele verleden. Maar wat zijn de hedendaagse kunstwerken die iedereen zou moeten kennen?‘’ De gastsprekers buigen zich over de vraag welk hedendaags kunstwerk over 100 jaar wordt gezien als hét hoogtepunt uit de Europese cultuur aan het begin van de 21ste eeuw. Directeur van het Research Center for Material Culture (het onderzoeksinstituut van het Nationaal Museum van Wereldculturen) en de voormalige hoofdcurator van het Tropenmuseum, Wayne Modest, is ook aanwezig. Hij presenteert het werk Planets in my head, Literature van Yinka Shonibare, gemaakt in 2010 en onderdeel van de collectie van het Tropen Museum. Het is die avond het enige gekozen kunstwerk dat is gemaakt door een kunstenaar met zowel een Europese als Afrikaanse achtergrond.

Yinka Shonibare - Planets in my head, Literature
Yinka Shonibare - Planets in my head, Literature

Yinka Shonibare onderzoekt al vanaf het begin van zijn kunstenaarschap de complexe politieke en economische geschiedenis van de relatie tussen Afrika en Europa. In zijn werk bevraagt hij dan ook de culturele identiteit van zowel Afrika als Europa in de hedendaagse globaliserende (kunst)wereld en roept vragen op over de erfenis van het kolonialisme. Shonibare woont en werkt in Londen waar hij in 1962 werd geboren. Op driejarige leeftijd verhuisde hij met zijn ouders naar de Nigeriaanse stad Lagos. Uit zijn tijd in Nigeria herinnert Shonibare dat hij als kind magische reizen maakte door de boeken die hij las. Onderwijs was erg belangrijk voor het gezin van Shonibare en daarom keerde hij veertien jaar later, toen hij zeventien was, terug naar London om daar een opleiding af te ronden. Toen hij vervolgens drie weken studeerde aan de Wimbledon School of Art werd de ziekte transversale myelitis bij hem geconstateerd en raakte zijn lichaam door een plaatselijke ontsteking in het ruggenmerg aan een kant verlamd. Na zijn revalidatie studeerde hij eerst aan de Byam Shaw School of Art en daarna aan het Goldsmiths College. Daar studeerde hij in 1991 af als een van de ‘Young British Artists’, een groep jonge kunstenaars die in de jaren ’90 de Britse kunstscene domineerde en waartoe ook kunstenaars als Sarah Lucas, Tracey Emin, Damien Hirst en Ron Mueck behoren. In 2002 nam hij deel aan de Documenta 11 met zijn veelbesproken werk ‘Gallantry and Criminal Conversation’ en dit was tevens zijn grote internationale doorbraak. Een nominatie voor de Turner Prize, de eretitel MBE (member of the ‘Most Excellent Order of the British Empire’), deelname aan de Biënnale van Venetië en retroperspectieven in het MCA Sydney, Brooklyn museum New York, Museum of African Art in Washington volgden. Vandaag de dag is Shonibare niet meer weg te denken uit het internationale kunstcircuit.[1]  

 

Het kunstwerk Planets in my head, Literature is een sculptuur van een kind dat voorover zit gebogen op een ouderwets, houten schoolbankje met gietijzeren frame over een lessenaar met opklapdeksel. De lengte van het lichaam doet denken aan een kind van een jaar of acht en het draagt een kleurrijk pak met diverse motieven. Het kind draagt een victoriaans ogend kostuum dat is gemaakt van Dutch wax print katoen met een voorstelling van onzinletters.[2]Om de nek van de sculptuur is een strik gebonden en onder het pak zit een rode legging. De sculptuur draagt geveterde laarzen. De benen van het kind zijn gebogen en daardoor zweven de schoenen een stuk boven de grond. Het hoofd van de sculptuur is een zwarte hemelglobe, maar de namen van de sterren en planeten zijn vervangen door namen van mensen. Met één arm leunt het sculptuur tegen de schoolbank en in de andere hand houdt het een goudkleurige griffel vast. In het houten tafelblad van het schoolbankje staan allerlei krassen en bovenin is de zin gekerfd: ‘’You can’t trust nobody’’.

 

Het in felle kleuren bedrukte katoen waar het pak van de sculptuur uit bestaat heet Dutch Wax en wordt gemaakte in de Nederlandse textielfabriek Vlisco te Helmond. In de 19e eeuw werd deze stof ontwikkeld door Vlisco om een mechanische versie van Indonesische batik te produceren voor de Indonesische markt, maar in Indonesië was er geen afzetmarkt voor deze machinale stof te vinden. De stof werd echter wel populair in West-Afrika. Het dragen van deze stoffen werd in de tijd van de dekolonisatie zelfs een teken van Afrikaanse trots en onafhankelijkheid.[3] ’’Dat zegt niet alleen iets over de subjectiviteit van de identiteit, het wijst ook op de 19e eeuw als grondleggend tijdvak voor intermenselijke verhoudingen wereldwijd.’’[4] 

 

Yinka Shonibare maakt veel gebruik van Dutch Wax in zijn oeuvre. De in Helmond gemaakte stoffen worden in zijn werk opgespannen of verwerkt tot kleding in Victoriaanse stijl. Tijdens zijn studie aan Goldsmiths gebruikt hij voor het eerst Dutch Wax in zijn dat hij vindt op Londense Brixton Market.[5] De Afrikaanse ogende stoffen fascineren hem. In de handelsroute die dit textiel heeft afgelegd - van Indonesië naar Helmond naar Afrika - ziet Shonibare een vergelijking met de geschiedenis van de Afrikaanse bevolking die door kolonisatie en slavenhandel ook overal ter wereld, via de macht van andere naties, terecht is gekomen. Dutch Wax is een symbool voor het kolonialisme, migratie en de Afrikaanse identiteit en verwijst naar het ironische karakter van identiteit.[6] 

 

Kijkend naar het oeuvre van Shonibare is het geen uitzondering dat het pak van het sculptuur Planets in my head, Literature een Victoriaans snit heeft. Veel van zijn sculpturen dragen deze pakken. Hiermee wil hij verwijzen naar dé periode dat het Britse rijk en ook het kolonialisme op haar hoogtepunt was: het Victoriaanse tijdperk (1837 – 1901).[7]Tijdens de heerschappij van de Britse Koningin Victoria ontstond er in het Verenigd Koninkrijk en Ierland een rijke middenklasse die dat voornamelijk te danken had aan het profijt van de overzeese gebieden van het Britse Rijk. Het Britse Rijk is het grootste imperium aller tijden en tussen 1890 en 1910 bereikte het zijn hoogtepunt qua macht (een bevolking van 458 miljoen mensen, een kwart van de toenmalige wereldbevolking) en rond 1921 qua oppervlakte (31 miljoen km², ongeveer een kwart van het landoppervlak van de wereld). Nigeria was sinds 1903 officieel een kolonie van Engeland en dus ook onderdeel van het Britse rijk. Tijdens zijn studie op het Goldsmiths College (1989-1991) raakte Yinka Shonibare al gefascineerd door deze periode, onder andere door de toenmalige Britse premier Margaret Thatcher die in die tijd met veel lof over de Victoriaanse waarden in de hedendaagse politiek sprak en deze waarden terug wilde brengen in de samenleving.[8]Shonibare begon zich toen af te vragen wat deze Victoriaanse ideeën betekenden, waarom ze terug zouden moeten komen en wat er dan zo goed aan was?[9] Er ontstond bij hem een haat-liefde verhouding met het Victoriaanse tijdperk. Enerzijds is het een progressieve periode van vooruitgang en Shonibare vindt de levensstijl die toen is ontstaan relatief aantrekkelijk. Zo woont hij in een Victoriaans huis en geniet van de ornamenten en decoraties, maar tegelijkertijd ging deze expansie van kennis en rijkdom wel ten koste van andere mensen uit gekoloniseerde gebieden.[10] Gebieden waar zijn familie vandaan komt en waar hij in zijn kindertijd op school heeft gezeten. In zijn oeuvre reflecteert hij dan ook met deze zelfde kritische en nieuwsgierige houding op datgene waar het Britse Rijk in het Victoriaanse tijdperk voor stond; voorspoed, machtsuitbreiding en kolonialisme. Hij wil de keerzijde van deze welvaart tonen in de beelden die hij maakt; de prijs die de gekoloniseerde burger voor deze macht moest betalen.[11]   

 

Op de hemelglobe van Planets in my Head, Literature zijn de namen van planeten en sterren vervangen door de namen van schrijvers van over de hele wereld en uit allerlei eeuwen. Zo staat de Brits-Amerikaanse theoloog, predikant en dichter Michael Wiggleswordth (1631-1705) op de globe, maar ook de Nigeriaanse poëet Christopher Okigbo (1932-1976) die overleden is in de strijd jegens de onafhankelijkheid van Biafra (staat in Nigeria). Bovenin staat de naam van de Perzische, islamitische geleerde en bibliograaf Ibn al-Nadim (geboortejaar onbekend, vermoedelijk overleden in 990 N.CHR.), de schrijver van de index Kitāb al-Fihrist met daaronder de naam van de Australische dichter Banjo Paterson (1864-1941) die veel gedichten schreef over het Australische achterland de outback.

Yinka Shonibare - Planets in my head, Literature
Yinka Shonibare - Planets in my head, Literature
 

 

Dat het sculptuur Planets in my head, Literature in plaats van een hoofd naar menselijke maatstaven, een hemelglobe heeft, past ook in Shonibare’ s oeuvre. Een opvallend kenmerk van zijn mensfiguren is het ontbreken van het hoofd. Door geen hoofden te gebruiken en daarnaast zijn sculpturen een naar eigen zeggen, koffiekleurige huid te geven, hebben de mensfiguren een zekere anonimiteit en een onbekende nationale identiteit.[12]Daarnaast vindt hij zelf dat hij door het niet gebruiken van hoofden op een humoristische wijze een link legt met het idee van de guillotine. ‘’The idea of bringing back the guillotine was very funny to me’’.[13]Een historische handeling waarbij zij, die ooit macht en eerbied genoten, werden onthoofd. Deze interpretatie geldt niet specifiek voor het kunstwerk Planets in my head, Literature omdat het min of meer een hoofd draagt (het is niet onthoofd), maar het verklaart wel mede waarom hij ervoor heeft gekozen een andere interpretatie van het hoofd te gebruiken. De beelden van Shonibare zijn nooit eenzijdig te interpreteren en hij vindt het dan ook van belang, dat naast de link met de guillotine en anonimiteit, zijn sculpturen door het ontbreken van het hoofd (of het weergeven van een andere interpretatie van het hoofd), in eerste instantie normaal lijken, maar wanneer de toeschouwer beter kijkt, zich een probleem ontvouwt; een misinterpretatie. ‘’Therefore it is always important for me that it has a degree of almost perfection.‘’[14] 

 

Met het plaatsen van een hemelglobe, met daarop de namen van schrijvers van over de hele wereld uit allerlei tijden, wil Shonibare de universele en diverse cultuur die de wereld rijk is, maar die veelal over het hoofd wordt gezien in de westerse kennis-canon, tonen.[15] Het kunstwerk is onderdeel van de serie Planets in my head en ieder sculptuur uit deze serie verbeeldt een kind dat bezig is met de kunsten en/of de wetenschap. In totaal bestaat de serie uit vijf werken en de andere disciplines zijn Arts, physics, Mathematics en Philosophy. Zo is er bijvoorbeeld een sculptuur van een kind dat viool speelt en een beeld waar een kind door een telescoop kijkt, allemaal met een geplaatste hemelglobe ter hoogte van het hoofd. Shonibare verbeeldt met deze serie het tegenstrijdige wereldbeeld van een kind uit een Britse kolonie. ‘’Zijn hoofd is gevuld met namen van denkers uit alle werelddelen. Maar op school in de koloniën werd alleen de westerse canon gedoceerd. De waarde van andere kennis werd niet erkend. Zo claimden de Europese mogendheden niet alleen een monopolie in de handel, maar ook in ideeën.’’[16] 

Yinka Shonibare - Headless Actors On A Global Playground
Yinka Shonibare - Headless Actors On A Global Playground

 

Wat schuurde aan de avond in het concertgebouw was het feit dat het specifiek ging over hoogtepunten uit de Europese cultuur. Meerdere sprekers liepen tegen deze thematiek aan, want paste de focus op Europa nog wel in de tijd van globalisering en wereldwijde verbindingen?

Kijkend naar het werk Planets in my heads, Literature kan de vraag worden gesteld of het wel recht doet aan het werk om het te reduceren tot een Europees kunstwerk? Schuilt de betekenis van het kunstwerk niet juist in het idee dat er niet zoiets hoort te bestaan als een westerse, Europese canon en dat we moeten streven naar een globale, wereldwijde kunst en wetenschap opvatting? Deze paradox schuilt ook in het kunstwerk zelf. Enerzijds geeft de serie Planets in my head kritiek op de westerse canon en tegelijkertijd zijn de werken ook weer onderdeel geworden van diezelfde canon. Deze tegenstrijdigheid is ook te vinden in het kunstenaarschap van Shonibare zelf. In zijn hele oeuvre reflecteert hij kritisch op de gevestigde Britse orde, de elitaire burgerij en tegelijkertijd accepteerde hij bijvoorbeeld in 2005 de MBE-eretitel en behoort nu tot ‘member of the ‘Most Excellent Order of the British Empire’. Shonibare is zich bewust van deze paradox en in een interview met Coline Milliard in het tijdschrift Catalogue legt hij uit dat hij deze dubbelzinnigheid juist nodig heeft om van binnenuit te reageren op de gevestigde orde. ‘’When I went to college, there were a number of other politically-aware black artists, gravitating around people like Eddie Chambers. They were seen as radical, but not really part of the mainstream. I’ve always thought that the Trojan horse approach was a better one, when you actually go in, you are part of everything, but you contest everything. Being mainstream also creates an interesting ambivalence. Are you complicit or challenging? It’s an open question.’’[17] 

 

Dit wetende past het kunstwerk Planets in my heads, Literature nog beter in het Tropenmuseum. Van binnenuit, als een Trojaans paard, laat het de bezoeker tussen de vele objecten uit ons koloniale verleden, kritisch nadenken over de rol van het westen in Afrikaanse landen en de gevolgen die door hebben gesijpeld in de betekeniswereld van het kind. Het kunstwerk was van 30 november 2012 tot en met 14 juli 2013 onderdeel van de tentoonstelling Onverwachte ontmoetingen in de Lichthal van het Tropenmuseum en daarna is het werk gesitueerd op de Nederlands-Indië afdeling. Naast de praktische redenen voor de nieuwe situering, laat de verplaatsing zien dat het Tropenmuseum de betekenis van het kunstwerk begrijpt. Het is geen Afrikaans of Europees kunstwerk, het is een kunstwerk dat gaat over onze wereldwijde kennis en dat commentaar geeft op het Europese superioriteitsgevoel. Daarom past het perfect op de afdeling van het land dat jarenlang onder de schaduw van de Nederlandse overheid heeft moeten leven.

 

Planets in my heads, Literature is te zien in het Tropenmuseum. Klik hier voor meer informatie. 

 

[1] Museum Helmond (2016) Yinka Shonibare MBA Paradise Beyond. Helmond: Museum Helmond. P. 8

[2] Collectie Wereldculturen
http://collectie.wereldculturen.nl/Default.aspx
(geraadpleegd 22-4-2017)

[3] Museum Helmond (2016) Yinka Shonibare MBA Paradise Beyond. Helmond: Museum Helmond. P. 4

[4] Collectie Wereldculturen
http://collectie.wereldculturen.nl/Default.aspx
(geraadpleegd 22-4-2017)

[5] Museum Helmond (2016) Yinka Shonibare MBA Paradise Beyond. Helmond: Museum Helmond. P. 3

[6] Kouoh, K(2012) Hollandaise – Een blik op iconisch textiel. In: SMBA Newsletter Nº 130, Amsterdam: 4 t/m 12

[7] Museum Helmond (2016) Yinka Shonibare MBA Paradise Beyond. Helmond: Museum Helmond. P. 3

[8] Museum Helmond (2016) Yinka Shonibare MBA Paradise Beyond. Helmond: Museum Helmond. P. 3

[9] Guldemond, J & Mackert, G(2002) To Entertain and Provoke Western influences in the work of Yinka Shonibare. In: Museum Boijmans Van Beuningen Yinka Shonibare Double Dutch Rotterdam: NAi Publishers Rotterdam: P.35 t/m P.41

[10] Idem.

[11] Idem.

[12] Sontag, D (2009) Headless Bodies From A Bottomless Imagination . In: The New York Times

[13] Idem.

[14] Guldemond, J & Mackert, G(2002) To Entertain and Provoke Western influences in the work of Yinka Shonibare. In: Museum Boijmans Van Beuningen Yinka Shonibare Double Dutch Rotterdam: NAi Publishers Rotterdam: P.35 t/m P.41

[15] Collectie Wereldculturen
http://collectie.wereldculturen.nl/Default.aspx
(geraadpleegd 22-4-2017)

[16] Zaaltekst, Tropenmuseum

[17] Milliard, C(2010) Yinka Shonibare MBE – Same But Different in: Catalogue