Image

In gesprek met Ron Mandos

26 Jun 2016 Lieneke Hulshof

Jaarlijks studeren er honderden studenten af aan de Nederlandse kunstacademies. Ieder jaar wint één daarvan de Young Blood Award. Een prijs die in het leven is geroepen door Galerie Ron Mandos voor een net afgestudeerde kunstenaar met de meest veelbelovende eindexamenpresentatie. Meerdere kunstenaars die anno 2016 zeker zijn van een plekje in het Nederlandse kunstklimaat hebben deze prijs eerder gewonnen zoals Jan Hoek, Tom Lore de Jong en Rik Smits. Maar hoe kies je uit al die honderden studenten de meest veelbelovende? En help je kunstenaars met deze prijs of is het gevaarlijk om zo vroeg succes te krijgen?

Achterin de lichte witte galerie met zijn glimmende vloer zit Ron Mandos aan zijn bureau. Het is nog winter en de galeriehouder heeft even tijd voor een interview, daarna moet hij door naar Art Rotterdam. Al snel wordt duidelijk dat zijn ervaring met beurzen doorschemeren in de selectie van jonge kunstenaars. ‘Altijd als ik een eindexamen expositie bekijk, dan projecteer ik eigenlijk het werk op een beurs, of dat overeind blijft.’

Lieneke Hulshof: Is die manier van kijken het meest relevant bij het selecteren van kunstenaars voor de Young Blood Award? 
Ron Mandos
: ‘Voor mij misschien wel, maar ik heb een team waarmee we academies langsgaan en daaruit komt verschillende input. We kiezen 20 kunstenaars via alle verschillende academies en met deze kunstenaars wordt er een expositie georganiseerd in onze galerie.  Samen hebben we besloten om te selecteren op eigenzinnigheid, uniekheid en vakmanschap. Degene die deze drie eigenschappen het meest bezit en dus het meeste talent, wint en geven wij een zetje in de rug.’ 

artist collective Troika (DE/FR)
artist collective Troika (DE/FR)

(LH): Worden deze winnaars door jou succesvol?
(RM): ‘Niet per definitie. Voor jonge afstudeerders betekent succes de juiste aandacht krijgen. Het is heel fijn voor jonge kunstenaars om op het pad te komen van professionals in de kunst, mits ze niet te snel een groot podium krijgen.’ 

(LH): Maar jij hebt toch juist met Best of Graduates show een podium voor jonge makers gecreëerd?
(RM):
‘Jawel, maar de winnaar krijgt dit podium niet direct. Eerst moet hij of zij meestal twee jaar wachten voordat we gaan samenwerken. De bedoeling is dat de winnaar een traject met de galerie aangaat en het is best mogelijk dat de expositie niet doorgaat. Dat ligt aan de klik gedurende die periode. Als galeriehouder moet je met je kunstenaars intensief werken en duidelijke afspraken maken zoals een strategie die de kunstenaar wil volgen. Als blijkt dat na die tijd de kunstenaar zich heeft ontwikkeld komt er een expositie in de galerie of op een beurs.’ 

(LH): Je hebt het over een traject dat je aangaat met de kunstenaar. In hoeverre heb jij als galeriehouder invloed op het werk van kunstenaars? 
(RM): ‘Samenwerkingen tussen mij en kunstenaars is onderdeel van mijn beroep. Levi van Veluw was al een tijdje aangesloten bij mijn galerie, ik had al veel van zijn portretten bekeken en vroeg hem op een gegeven moment zijn tekeningen te laten zien. Die hebben we ook wederom succesvol tentoongesteld. Daarin kun je zien dat hij een megatalent heeft. 

Het is op te merken dat jonge kunstenaars al snel aan commercialiteit denken en daarin heb je als galeriehouder ook een begeleidende rol.  Ik denk dat het goed is dat jonge kunstenaars daar tegenwoordig mee bezig zijn, maar er is een gevaar dat ze concessies gaan doen. Door bijvoorbeeld alleen maar blauwe werken te maken omdat deze het best verkopen. Het is mijn taak kunstenaars hierop te wijzen. Daarnaast moeten ze ook een fanclub om zich heen hebben. Zij kunnen de kunstenaar een volgende stap geven, dat is heel belangrijk.’ 

Goof Kloosterman
Goof Kloosterman

(LH): Je bedoelt een netwerk?
(RM): ‘Ja precies, dat is een van de belangrijkste onderdelen van het hedendaagse kunstenaarschap. Dit netwerk krijg je door zoveel mogelijk te exposeren, zichtbaar te zijn en altijd kritisch blijven. Maar zoals ik al eerder zei, niet te snel op grote plekken exposeren.’ 

(LH): Organiseer je deze awards om jonge kunstenaars te steunen of is het vooral een hele slimme zet voor het aanzien van de galerie?
(RM): ‘Aan deze award zitten meerdere positieve kanten. Enerzijds is de prijs er echt voor de jonge maker om hem te stimuleren en dat veel mensen hun werk kunnen zien. Maar we komen ook zeker onze klanten tegemoet. Een eindexamen expositie is altijd appels met peren vergelijken omdat het niet gecureerd is, het gaat alle kanten op. Het is heel intensief om daar de parels uit te pikken, vooral als je geen tijd hebt om 13 academies langs te gaan.  Onze verzamelaars vinden het echter wel fijn om jonge kunstenaars een zetje in de rug te geven en daar bieden de awards een uitkomst voor. Tijdens de Young Blood wordt er dan ook veel verkocht omdat het betaalbaar is voor onze kunstverzamelaars. 

Daarnaast is de prijs ook een stimulans voor ons team. Op deze manier worden we op de hoogte gehouden wat de ontwikkelingen zijn bij jonge kunstenaars. Het vergt veel tijd, maar iedere academie verdient het dat er goed wordt gekeken naar de eindexamenshow.’

Tom Lore de Jong
Tom Lore de Jong

(LH): Jan Hoek heb je ook opgepikt tijdens een graduation show, hoe zag je dat hij goed was? 
(RM): ‘Het is mijn talent om dat te zien. Ik denk dat je door heel veel gezien te hebben een enorme ervaring krijgt in het ontdekken van talent: je weet beter kwaliteit te duiden. Soms kan een afstudeerder ook een eendagsvlieg zijn, het eindexamen is immers een moment opname. Wij kijken daarom altijd ook naar eerder werk van een kunstenaar. 

Om een tip te geven aan afstudeerders, maak een representatieve website. Ik zie zo vaak belabberde websites op eindexamen exposities, dat snap ik niet.  Tegenwoordig lijkt me het niet moeilijk iemand te vinden die een website voor je bouwt en er wordt dus echt naar gekeken.’  

(LH): Ontkomt de hedendaagse kunstenaar niet meer aan het creatief ondernemerschap?
Of hoort de kunstenaar hier helemaal niet mee bezig te zijn? 

(RM): ‘Jawel, de kunstenaar moet daar mee bezig zijn. Als kunstenaar moet je op de hoogte zijn van de algemene ontwikkelingen. Welke galeries doen ertoe? Een kunstenaar moet voor het ondernemerschap zichzelf vernieuwen, daar moet een continuïteit inzitten. Als een kunstenaar jarenlang hetzelfde werk maakt, is hij al snel niet meer interessant. Dit is ook mijn advies aan afstudeerders: kijk na een jaar in de spiegel en vraag je af of je het juiste vak hebt gekozen. Ik vind dat de criteria op academies steeds zwakker worden en het is steeds minder moeilijk om af te studeren aan de kunstacademie. Hierin komt mijn kritiek naar academies ook naar voren. Als je aangenomen wordt op een academie krijg je bepaalde verwachtingen, als dan naar vier jaar studeren blijkt dat er niks met je werk gebeurt, is dat toch storend. De selectie moet daarom strenger worden op academies, sowieso zijn 13 academies veel te veel.’ 

Goof Kloosterman
Goof Kloosterman

(LH): Even terug naar dat ondernemen. Sinds wanneer is dit ondernemerschap belangrijk voor kunstenaars? 
(RM): ‘Het is in ieder geval sinds tien jaar een maatschappelijke discussie. Kunstenaars werden een lange tijd als parasieten beschouwt, die alleen maar subsidie aan het slurpen waren. ‘ jullie met jullie subsidies’. Doordat deze subsidies nu voor een groot deel zijn weggevallen is het beter geregeld. Er zijn weinig luie kunstenaars en het kunstenaarschap wordt weer echt beschouwd als een vak. Het blijft natuurlijk belangrijk dat er middelen bestaan om mooie stappen te maken, maar doordat kunstenaars nu heel gericht aanvragen moeten schrijven voor hun werk, worden ze kritischer en moeten ze wel ondernemen.’ 

(LH): Waarom zijn er tegenwoordig veel meer prijzen voor jong talent dan een aantal jaar geleden?
(RM): ‘Ik denk dat wij een trendsetter zijn geweest. Het zijn tegenwoordig niet alleen de galeries, maar ook de musea die dit soort dingen doen.  Misschien wel omdat het een algemene tendens is in de internationale kunstwereld, de aandacht ligt op jonge makers.’ 

Tom Lore de Jong
Tom Lore de Jong

(LH): Zichtbaar, ondernemen, en netwerken wordt dus steeds belangrijker voor de jonge kunstenaar. Is de onzichtbare, in zichzelf gekeerde maker gedoemd te mislukken? 
(RM): ‘Misschien niet voor zichzelf. Dat is moeilijk te zeggen. Een schrijver werkt natuurlijk vaak op deze manier, voor sommige mensen is dit nodig. Ik denk wel dat je dan geen kunstenaar bent, maar veel eerder een filosoof.’ 

Gisterenavond opende in Galerie Ron Mandos de tentoonstelling Stream of consciousness met werk van collectief Troika, Tom Lore de Jong (winnaar 2013) en Goof Kloosterman (winnaar 2014) . Deze expositie is nog tot en met 30-07-2016 te zien. Klik hier voor de website van Galerie Ron Mandos 

Website Troika

Website Goof Kloosterman

Website Tom Lore de Jong