Image

Make listening great again

27 Nov 2018 Julius Thissen

Nu politieke correctheid vaker gezien wordt als “schijnheilig” dan als “respectvol gedrag”, dringt de discussie zich op welke taal en toon nog effectief zijn? Inherent aan de betekenis van politieke correctheid ligt het grijze gebied over de vraag wie het recht heeft om welk verhaal te vertellen. Kan een witte en in Nederland geboren fotograaf werk maken over de oorlog in Congo? Kan een zwarte en in Afrika geboren acteur Willem van Oranje spelen? Of is het een voorwaarde dat makers de verhalen die ze vertellen ook zelf hebben ervaren of cultureel-historisch mee verbonden zijn? Voor het Brainwash festival afgelopen oktober nodigde mister Motley onder andere kunstenaar Julius Thissen uit een persoonlijke column voor te dragen over hoe om te gaan als maker met culturele appropriatie en politieke correctheid in onze hedendaagse samenleving. Lees hieronder de bijdrage van Thissen over waarom we wat vaker mogen luisteren: 


Het is stil. Het is een maandagochtend en ik heb uitgeslapen, ik heb voor de verandering eens geen wekker gezet. De afgelopen paar weken hebben zwaar aan mij getrokken. Ik wrijf in mijn ogen, pak mijn telefoon en open Instagram. Zo begin ik iedere dag, noem het een ochtendritueel. Ik open de app en zie bovenaan mijn feed de hashtag #WontBeErased met persbeelden van individuen in opstand en een wapperende regenboog vlag. Hier is iets mis, ik voel het gelijk. Na wat zoeken kom ik erachter dat de Trump administratie wederom de klok enkele decennia terug heeft gedraaid. “‘Transgender’ Could Be Defined Out of Existence Under Trump Administration” kopt het artikel van de New York Times. Het komt niet als een verrassing. Wie niet doorheeft dat er wereldwijd een ontmenselijking gaande is, heeft niet opgelet. Door een uitgelekte memo werd duidelijk dat de Amerikaanse overheid een nieuwe betekenis van het begrip ‘geslacht’ probeert vast te leggen in de wet. Sekse zou ‘onveranderlijk’ en ‘door genitaliën bij de geboorte bepaald’ zijn. Hierdoor zouden transgender, non-binaire en intersekse individuen hun wettelijke erkenning verliezen. Hiermee komen onder andere hun veiligheid, medische zorg en mensenrechten in gevaar. 

Woorden als ‘erkenning’ geven mij een dubbel gevoel. Wanneer ik een tweede keer de titel van het New York Times artikel lees, wordt weer duidelijk voelbaar hoe makkelijk de machthebbende partij ons het ene moment kan erkennen, en het volgende moment ons bestaan en onze rechten van tafel kan vegen. We kunnen stellen dat woorden een ontzettend grote impact hebben. Woorden maken verschil en ze komen ergens vandaan. Laten we ook duidelijk zijn dat de afwezigheid, uitwissing, uitsluiting en onzichtbaarheid van gemarginaliseerde gemeenschappen geen toevalligheid betreft.

Als artistiek onderzoeker werk ik voortdurend met deze thema’s. Ik maak kunst, organiseer onderzoeksprojecten, geef advies aan musea en ik stel exposities samen. Ik beweeg mij het liefst op het snijvlak tussen kunst, politiek, sociologie en activisme. Taal, machtsstructuren, verhoudingen en de invloed van verwachtingspatronen op ons gedrag spelen hierin een grote rol. Een van de mooiste aspecten van mijn baan is dat ik zoveel verschillende perspectieven te zien en te horen krijg. Perspectieven die even grip kunnen genereren op pijnlijke thema’s zoals hierboven. Een stevige grip, een grip die soms juist de teugels laat vieren, een grip die ik vier. In duistere tijden als deze kan ik altijd op activisten en kunstenaars vertrouwen die hart voor de zaak hebben, de zaak van menselijkheid en rechtvaardigheid. Zelf draag ik soms ook mijn steentje bij, wanneer dat gepast is. 

Wanneer gevraagd wordt naar hun eigen gender identiteit is het antwoord: ‘Gewoon, normaal.’

In het dagelijks leven zijn er ook veel casussen die exact het tegenovergestelde bewerkstelligen. ‘We moeten weg van dat hokjesdenken’ hoor ik witte hetero cisgender mannen én vrouwen lachend zeggen in de zoveelste talkshow. Ik zie de trots en overtuiging in hun ogen. Men denkt hiermee oprecht omarmend en progressief te zijn. Wanneer gevraagd wordt naar hun eigen gender identiteit is het antwoord: ‘Gewoon, normaal.’ Toen ik een collega kunstenaar enige tijd geleden vertelde over het onderzoeksproject dat ik ontwikkelde en uitvoerde in het van Abbemuseum –dat zich focust op het implementeren van de stem van de transgender gemeenschap in het museum– zei deze persoon lachend: ‘Maar als trans kunstenaars niet in het museum aanwezig zijn, moeten zij toch gewoon betere kunst maken?’ 
Ondertussen geeft de laatst aangeschoven tafelgast bij de talkshow een belangrijke inhoudelijke wending aan het gesprek door een waardevolle toevoeging over de zichtbaarheid van minderheden. Zij is intersectioneel feminist en legt uit wat dit inhoudt. De tafelgenoten grinniken om haar genuanceerde toon. Na enige tijd aan het woord geweest te zijn wordt haar spreektijd ongevraagd onderbroken: ‘We moeten oppassen dat we niet vervallen in politiek correct geneuzel, anders verliezen we onze neutraliteit’ is de reactie van haar tafelgenoot. De identiteit van deze persoon mag u zelf invullen. 

De tafelgasten en kunstenaar maken deel uit van een groot systeem dat voor henzelf onzichtbaar is, waardoor ze in de vooronderstelling zijn dat het niet bestaat. Dit ontstaat wanneer men het eigen perspectief als vanzelfsprekend beschouwt en als norm neemt. Deze norm verblindt. De illusie van neutraliteit weerhoudt hun ervan om dit verder te onderzoeken en te ontmantelen. Vaak hoor ik medewerkers van instituten, journalisten en kunstenaars zeggen dat zij ‘neutraal’ zijn, waar objectiviteit het hoogst haalbare doel is. Ik geloof daar niet in, dat we in staat zijn tot objectiviteit.

Vaak hoor ik medewerkers van instituten, journalisten en kunstenaars zeggen dat zij ‘neutraal’ zijn, waar objectiviteit het hoogst haalbare doel is. Ik geloof daar niet in, dat we in staat zijn tot objectiviteit.

Wanneer ik iemand hoor zeggen hoe politieke correctheid vrijheid van meningsuiting in de weg staat, weet ik in ieder geval één ding heel zeker: deze persoon wordt niet dagelijks in hun bestaan buitenspel gezet door de woorden van een ander. Taal sluit buiten, bedoeld of onbedoeld.

Toen ik gevraagd werd te reflecteren op het thema politieke correctheid en de vraag kreeg ‘Wie mag welk verhaal vertellen?’ dacht ik: was het maar wat vaker stil. Ik geloof er sterk in dat men zich vaker mag afvragen waarom zij zo nodig altijd iets te zeggen moeten hebben, wanneer zij geen kennis van zaken hebben. We willen spreken over elk en ieder onderwerp, ook al weten we er weinig tot niets van af. Wissel het gevoel van gerechtigd te zijn op spreektijd eens af met luisteren, er zal een wereld voor je open gaan. Listen or your tongue will keep you deaf, make listening great again.

Bekijk hier de website van Julius Thissen