Rietveld zag zijn rood-blauwe stoel als het eindstation van zijn denkwijze. Hij heeft de stoel gereduceerd tot de meest functionele vorm. Maar met deze ont-werpmethodiek is de rood-blauwe stoel juist het begin van het ontwerpproces.

De ont-werpmethodiek gaat uit van het weghalen van onderdelen en daarmee ook van het herdefiniëren/ wijzigen van de functie. 
De rood-blauwe stoel bestaat uit 17 onderdelen waarvan er in ieder ontwerp, volgens de 
ont-werpmethodiek, steeds één meer werd weggehaald. Het resultaat van de methodiek is 16 nieuwe ontwerpen, waarbij niet alleen iets is weggehaald, maar ook de functie ervan veranderde. Door het veranderen van de functie, wordt de ontwerper gedwongen om met de incomplete stoel een nieuwe samenstelling te ontwikkelen. Het weghalen van onderdelen zorgt voor een nieuw speelveld waarin creativiteit ontstaat. Met deze creativiteit wordt een nieuwe functie gegeven aan de overgebleven onderdelen.

Het project speelt onder andere in op de Rood-Blauwe stoel als icoon. De stoel is ontworpen als een stoel voor het volk, terwijl hij nu verheven is tot icoon. De stoel wordt in mijn project als het ware ge-deiconiseerd.