Wit - zwart
Wit - zwart
Wit - zwart

Met uiterste precisie gaat hij te werk. Het kan niet perfect genoeg, een veeg over het papier is funest, een reden om opnieuw te beginnen.
Het is monnikenwerk; minuten, uren, dagen gaan sluimerend voorbij.

De duisternis treedt in. Langzaam maar zeker worden honderden witte gaten opgezogen door gitzwarte inkt. 

Tom Lore de Jong, Around Abell 315, 2015
Tom Lore de Jong, Around Abell 315, 2015

ESO (European Southern Observatory) heeft een foto de wereld in gestuurd  waarop een van de meest rustige plekken in het heelal zichtbaar is. Het verbaast me te zien dat er toch nog honderden sterren zichtbaar zijn; als sneeuwvlokken in de nacht vullen ze de prent van Tom Lore de Jong. Wanneer hij zich buiten de veilige muren van de academie heeft begeven, helpt de foto hem te ontsnappen aan de o-zo-gevreesde werkblokkade. “Toen ik net afgestudeerd was zei iedereen: ‘Je gaat nu in een heel groot zwart gat vallen.’ En dat klopte ook, het idee dat ik nu alles zelf zou moeten doen beklemde me, waardoor ik vastliep en geen inspiratie meer had.” Eenmaal in het hopeloze zwarte gat gevallen te zijn, besluit hij dat juist dat hetgene is wat hij moet gaan maken. Hij wil een foto maken waar zo min mogelijk op staat, waarbij hij zich laat inspireren door de ruimte. Zo ontstaat Around Abell 315.  “Wanneer je in de ruimte kijkt, staar je als het ware in de leegte. Het is het meest ruime dat je kunt bedenken en tegelijkertijd is er heel veel gaande, maar staat alles ook waanzinnig ver uit elkaar.” De enorme hoeveelheid ‘stipjes’ trokken de aandacht van de kunstenaar, die het rustige sterrenstelsel dimt door sterretje voor sterretje weg te werken met een zwarte permanent marker. Een zwarte vlakte is wat resteert, een foto van niets maar ook van heel veel: een overdreven illusie. Als je goed kijkt, zie je het verschil tussen de stift en de print en besef je dat al deze voormalig lege plekjes handmatig door de kunstenaar zijn opgevuld. “Dan pas realiseer je je ook hoeveel het er zijn, zeker gezien het feit dat het een van de rustigste plekken is. Dat doet je even beseffen dat er nog zoveel om je heen is waar je totaal geen weet van hebt, een eindeloze zee aan ruimte. Ik was altijd heel lang op zoek naar de kern van mijn werk, nu heb ik me daar meer bij neergelegd. De helft van de dingen overkomen je, daar heb je zelf geen invloed op. Dat is een heel fijn idee, als je alles uitgedacht moet hebben word je heel beperkt.”

De ruimte en eindeloosheid zijn thema’s die de jonge kunstenaar vaker opzoekt in zijn werk, eveneens als tijd en licht. Hij gaat vaak analytisch te werk, fotografie is daarbij een van de belangrijkste media. Zijn liefde voor de camera is ontstaan uit een soort hebzucht die hij al vanaf kinds af aan bij zich draagt. “Toen ik mijn eerste spaarrekening opende bij de bank kreeg ik een oranje fotocamera. Ik vond het ontzettend fijn dat je iets kon fotograferen wat daarna van jou blijft. Je hebt een beeld vastgelegd en je kunt het daarna voor altijd bewaren. Ondanks het feit dat ik op de Rietveldacademie voor fotografie heb gekozen en de camera altijd ben blijven gebruiken, heb ik eigenlijk nooit echt gefotografeerd. Ik maak wel heel veel foto’s en fotografie blijft altijd een grote interesse, maar ik heb nog nooit een foto als eindwerk gebruikt. Tijdens de opleiding heb ik veel vrijheid ervaren in de dingen die ik deed, als ik zou willen schilderen had het ook gekund, maar dat wilde ik niet. Ik kreeg de ruimte om de opleiding op mijn eigen manier in te vullen en dat heb ik ook gedaan.”

Tom Lore de Jong, Sun, 2011
Tom Lore de Jong, Sun, 2011

Tom Lore de Jong, 0,75mm² Daylight, 2015
Tom Lore de Jong, 0,75mm² Daylight, 2015

Gedurende het gesprek merk ik dat een zekere vorm van hebzucht op een positieve manier bijdraagt aan de totstandkoming van een groot deel van zijn werk. Sun is hier een voorbeeld van. Naar aanleiding van een video van NASA met een close-up van de zon maakte hij een boek waarin alle frames zijn samengevoegd, waardoor er een dikke stapel ontstaat met allemaal plakjes van de zon. “Het voordeel van het boek is dat het tastbaar en zichtbaar is. Ik wil heel graag een stukje zon hebben, omdat ik daar enorm door gefascineerd ben. Het lijkt zo vanzelfsprekend: iedere ochtend staat de zon aan de hemel en schijnt hij naar binnen door het raam. Doordat alles constant belicht is kun je de zon niet altijd goed zien, maar hij is elke dag anders. Als ik dan het boek in handen heb, voelt het als een bezit, alsof ik een stukje zon in mijn huis heb liggen.”

Een ander werk waarbij hij zich ook bezig houdt met licht is 0,75mm² Daylight, een installatie die bestaat uit een glasvezelkabeltje. Het  kabeltje wordt vanuit het raam begeleidt naar een donkere ruimte en fungeert als lichtgeleider. We lopen naar zijn atelier, waar ik een demonstratie krijg. Hoe lang de kabel is maakt niet uit, het zal het licht altijd geleiden. “Wanneer je naar de lucht kijkt ziet alles er fel uit en kun je niet zien welke kleur het  daglicht is, maar bij de kabel is dit wel goed zichtbaar. Is het bewolkt dan is hij wat grijzer, tegen de avond is hij vaak wat geler en wanneer het zonnig is wordt het een heel fel wit lampje. Op deze manier kan ik een klein stukje licht voor mezelf maken.”

Lore de Jongs analytische werkwijze is opmerkelijk. Ik pak de kabel vast in mijn hand en staar naar het uiteinde; daar is een minuscuul puntje daglicht zichtbaar. “Omdat het zo’n klein fragment is kun je het ineens zien, je filtert het uit de enorme massa.” Het doet me denken aan de discolampjes die ze vroeger altijd verkochten in het circus. Het bestond uit een soort zaklamp die van kleur veranderde met daarboven allemaal sprietjes. Als kind dacht ik altijd dat het licht uit de ‘sprietjes’ zelf kwam, echter is de werkelijke bron van licht de lamp die erachter zit. Toch blijft het intrigerend hoe een doorzichtige kabel van glasvezel licht kan vangen en doorgeven.

Tom Lore de Jong, 117 Black Birds, 2013
Tom Lore de Jong, 117 Black Birds, 2013

Tom Lore de Jong, Group Portrait, 2013
Tom Lore de Jong, Group Portrait, 2013

Het werk van Lore de Jong heeft een heel poëtisch karakter. Met name in zijn videowerk komt dit sterk naar voren. De video-installatie 117 Black Birds intrigeert: honderdzeventien vogels zijn met spelden aan de lucht genageld. Het werkt rustgevend om er naar te kijken, de vogels vliegen allemaal in hetzelfde ritme; de spelden maken dat ze op hun plek blijven. Ook heeft zijn werk een duidelijke persoonlijke stempel. Toch wordt zijn idee vaak volledig gestript aangeboden aan de toeschouwer, als informatie die visueel gemaakt is: hij laat veel ruimte over om de toeschouwer zelf inhoud aan zijn werk te geven. Group Portrait is hier een goed voorbeeld van. Het bestaat uit een groepsportret met de hele wereldbevolking erop. “Ik las dat er op dat moment meer dan zeven miljard mensen op deze aardbol waren. Als je dat op Google intikt, krijg je allemaal klokjes te zien die constant bijhouden hoeveel mensen er zijn, en dat loopt alleen maar op. Als je bedenkt dat je een van die zeven miljard mensen ben, dan realiseer je je wel dat je echt niets voorstelt. Wanneer ik bijvoorbeeld baal omdat ik een pak melk vergeet bij de supermarkt, denk ik altijd daaraan. Dan denk ik: ‘Wat valt er eigenlijk te verliezen?’ Ik wilde dit enorme getal zichtbaar maken, omdat ik echt benieuwd was hoeveel mensen dat dan zouden zijn. Daarom maakte ik een foto van mezelf, verkleinde die en berekende hoeveel pakken papier ik nodig zou hebben om die zeven miljard keer af te drukken. Als snel kwam ik er achter dat het een enorm aantal was en dat het onmogelijk zou worden met een zichtbare foto. Zo werd de mens op de foto steeds kleiner, op een gegeven moment had ik fotootjes die ik alleen met een loep kon bekijken. Ik kon nog net een soort van kaal hoofd onderscheiden waardoor ik wist dat ik het zelf was, maar dat was het dan ook. Ik heb steeds meer verkleind, totdat er enkel nog een soort pixel brei overbleef. Toen heb ik berekend hoe het eruit zou komen te zien als ik het puur met pixels zou doen, wanneer ik zeven miljard mensen zou samenproppen op één print. Aan de hand daarvan kon ik uitrekenen welke afmeting het werk zou krijgen.” Het uiteindelijke werk bestaat uit een monochroom roze vlak dat staat voor een groepsportret van alle inwoners van deze aarde. Hij zocht uit wat de gemiddelde huidskleur van de wereldbevolking is, op deze wijze is de kleur tot stand gekomen. Als je er een loep op zet kun je nog net een beetje zien dat het losse stipjes zijn in plaats van een grote brei. Als je er naar kijkt besef je dat we ergens allemaal een puntje op het papier zijn.

Ik merk op dat zijn werken vaak minimalistisch zijn. Lore de Jong beaamt dit, maar vertelt dat dit nooit zijn uitgangspunt is. Het ontstaat vaak vanzelf gedurende zijn werkproces. “Ik wil het zo simpel mogelijk laten zien, zodat het duidelijk is. Wanneer je naar mijn werk kijkt, zou ik het liefst hebben dat je je even opgelucht voelt. Dat je er naar kan kijken en denkt: ‘Wat fijn dat iemand al die stipjes is gaan zetten, of heeft uitgerekend hoe groot een oppervlakte van zeven miljard pixels is. En dat je, ook al vind je het werk misschien niets, toch even denkt: ‘het is wat het is’, want het is wat het is en dat is al heftig genoeg. Zelf vind ik het fijn als een werk geen verdere uitleg nodig heeft, dat ik er gewoon naar kan kijken en dat het klopt. Ik hoef me er dan niet veel meer over af te vragen. Het hoeft niet groot of bombastisch te zijn.”

Tom Lore de Jong, Bloemendaal aan Zee, 2014
Tom Lore de Jong, Bloemendaal aan Zee, 2014

Tom Lore de Jong, Miele, 2010
Tom Lore de Jong, Miele, 2010

Ter afsluiting van ons gesprek vraag ik Tom Lore de Jong of hij nog een tip heeft voor de jonge opkomende kunstenaar. “ Je moet je af en toe kunnen vervelen. Als je je verveelt betekent het dat er niets meer te doen is, dus dan heb je alles voor elkaar. Het gelukkigst ben ik als ik thuis zit en overpeins wat ik vandaag zou kunnen gaan doen. Dan pak ik de tram, of fiets naar de Dam, neem daar plaats en ga daar naar alle voorbijgaande mensen zitten kijken. Ik aanschouw dan hoe druk iedereen om me heen is terwijl ik zelf niet zoveel doe. Dat is perfect, ik word er altijd heel rustig van. Als ik dat af en toe kan doen, dan is dat voor mij genoeg. Daarnaast moet je je niet te druk maken om kleine dingen. In mijn aanvraag voor het Mondriaanfonds zei ik: ‘Met het idee dat de zon negenendertighonderdachtenveertig miljard keer zo groot is als mijn hoofd, kan ik genoegen nemen met het feit dat ik kaal ben.’ Dat is nu een soort motto geworden, als ik me dat realiseer, dan is het allemaal zo erg niet meer.”
 

Het atelier van Tom Lore de Jong
Het atelier van Tom Lore de Jong

Bezoek hier de website van Tom Lore de Jong.