Soms, vaak op de meest onbenullige momenten, zoom ik zonder voorbedachte rade uit en zie ik mezelf staan. Als een net-niet Jep Gambardella, sta ik dan in de rij van de supermarkt.  Of ik ben in een museum – op het moment nadat ik kopje onder ging in een kunstwerk en weer bovenkom. Ik zie een waardeloos acteur in een film die wacht op een plotwending.

In De Hallen in Haarlem is een donkere witte ruimte met daarin een witte nis. Achter mij is een zwaar gordijn en in het plafond van de nis zitten vijftig lampen, gekleurd en knipperend. Het licht vult de nis in steeds een andere menging van kleuren. Dan is er maar een blauw lampje aan, dan weer is alles rood. Soms zijn alle lichten uit. Uit speakers komt getoeter, geroezemoes en muziek. Het geluid en het licht spelen samen. Ik kijk even door mijn wimpers en zie ik waar ik naar kijk: een film.

Het is How to Act (1999-2015) van de Amsterdamse kunstenaar Gabriel Lester. Een film die op een film lijkt, zelfs precies een film is, maar waarbij het allerbelangrijkste ontbreekt: het beeld. Want dat is toch waar het bij films om draait. Dat weet iedereen. Een film is gefilmd. Maar Lester laat me twijfelen. Hadden we het al die tijd bij het verkeerde eind en is niet beeld het meest essentieel bij film, maar juist al het andere?

Al kijkend naar How to Act word ik gevangen door totale twijfel. Wat is een boek? De bladzijden of de letters? Dat het bedacht, of dat het geschreven is? En wat is het belangrijkst bij een sculptuur? Het metaal of de ruimte eromheen? En wat maakt precies een vraag een vraag? De taal waarin hij wordt gesteld of het vraagteken?

Het maakt me weerloos, maar het is een prettige weerloosheid. Ik weet het even niet. (Denk ik.)

En dan besef ik dat ik de camera ben. Ik ben de film. De kleuren vormen een gemoed en dit is mijn leven. Het licht verandert en de geluiden veranderen mee, maar voor de rest ben ik dit. Ik kijk en ik zie meer dan ik daarvoor zag. Dit is het leven waarin ik als hoofdrolspeler in ben gerold. Het leven overkomt je, net als dat filmpersonages het leven hen overkomt – of is het andersom?

En dan is de film afgelopen. Ik zit er nog en ik zie mezelf zitten, met m’n veters los. De film is nog lang niet afgelopen.


*Maandelijks beschrijft Ko van ’t Hek (de helft van Kunst Kijken met Ko & Kho) over zijn ontmoeting met een kunstwerk in zijn rubriek Tussen Kunst & Ko.