Over de onmetelijke en verzengende banaliteit en absurditeitvan mens, media en maatschappij

Er is een bolletje in het heelal en we noemen het planeet aarde. Van dichtbij bekeken bestaat de aarde uit zand, water en lucht. Op het zand lopen dieren, in zee zwemmen dieren en in de lucht vliegen dieren. Eén diersoort zet ferme stappen in het zand, het is de frappante Homo sapiens, de o zo verstandige en wijze mens. In zijn spaarzame en tevens kostbare tijd speculeert deze wijze mens of er nog andere bolletjes in het heelal bestaan; een tweede aardbol met nog eenzelfde mensachtige. Of moeten we, voordat we onze antennes uitzetten naar onbekend gebied, miljoenen lichtjaren van ons vandaan, onszelf eerst maar eens leren kennen? Het banale en absurde van onszelf, mens en maatschappij? Eerst deze kritische introspectie in gang zetten voordat we ons hypothetisch spiegelbeeld begroeten? Is één aardbol met één mensensoort voorlopig niet meer dan genoeg?