Tendens

  • Dirk de Wachter over eenzaamheid, populisme en zijn kat: ‘Nogmaals, dit is absurd.’

    Wanneer ik aankom op het perron in Kortenberg bij Leuven, zie ik bordjes langs de sporen hangen. Er staat een telefoonnummer op voor de mens in nood. Voor de springer. Nooit eerder gezien. Ik ben op weg naar het Universitair Psychiatrisch Centrum van de KU Leuven. Ik heb het niet zo op dokters, daar ben ik onverklaarbaar bang voor. De klinische hoveniers-activiteiten en onooglijke beeldhouwwerken, het grind, om maar niet te spreken van de wachtkamers. Ik hoor hoe iemand richtingaanwijzingen krijgt naar een dokterskamer. Onmogelijk ingewikkeld. Mocht je hier in verdwaalde toestand op consultatie moeten, zou je niet eens tot de deur komen. ‘Je kunt hier kilometers wandelen.’ zegt een warme stem en ik volg de man die ik ken van televisie. Het is de eerste lentedag en gerustgesteld door zijn lieve lach, wandelen we naar de werkkamer van de Belgische psychiater Dirk de Wachter. In die kamer schreef hij de boeken Borderline Times, Liefde en De Wereld van de Wachter. Op dit moment werkt hij aan De Kunst van het Ongelukkig zijn. Hij staat bij zijn studenten bekend als de Nick Cave van de psychiatrie en we willen kennelijk meer horen van de cultuurcriticus die tegenwoordig meer werk heeft dan ooit. Een van de redenen van zijn succes is zijn persoonlijke benadering van de mens waarin hij het algemeen gehanteerde boek DSM, Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, links laat liggen. In Nederland lijden we massaal aan eenzaamheid maar hoe behandel je dat? Zonder diagnose heb je geen recht op behandeling. Omdat eenzaamheid geen plaats kent in de protocollen van het DSM zijn we bij Belgische psychiater Dirk de Wachter aan het juiste adres.

  • De wereld op gepaste afstand

    In de achtertuin van Henk (Hein) Fortuin (1916 - 2007) blokkeren de hoge struiken en het onkruid het daglicht. Een van zijn familieleden, een aangetrouwde neef, houdt een oude fles slaolie vast; de fles is leeg, afgezien van wat ondefinieerbare donkere vormen. Het zijn dode muizen die in de fles kropen om er vervolgens niet meer uit te kunnen komen. ‘Oom Hein vond de muizen wel leuke beestjes. Voerde ze zelfs bij. Hij had enorm veel muizen, maar zag ze niet als een plaag.’