Ik was 12 jaar oud toen ik leerde dat de hele wereld in 118 hokjes past.
In het Scheikunde lokaal hing een grote poster van het periodiek systeem der elementen: een tabel met 9 rijen en 18 kolommen waarin iedere bekende en voorspelde atoomsoort een eigen kamertje kreeg. Zelfs de materie waaruit de zon en alle andere sterren bestaan werd in dit overzicht teruggebracht tot ordelijke één of twee letter namen. 

Vol verwondering luisterde ik naar mijn Scheikunde leraar die ieder hokje benoemde en daarbij een universum ontsloot. Hij verklaarde hoe de geur van gras, de temperatuur van de badkamervloer en onze adem op de autoruit allemaal te ontleden zijn tot een groep deeltjes die samen op een schoolbord passen.

Ik leerde dat de definitie van de wereld zich misschien in hokjes laat stoppen, maar dat ieder deeltje daar continue weerstand toe biedt; dat materie altijd in een fase is en nooit een gestold gegeven. Zelfs het zware Goud en Osmium kunnen het gasvormige Argon nauwelijks aan de grond houden en Helium bestaat uit zulke kleine deeltje dat het zelfs door de atmosfeer heen de aarde verlaat waarmee de voorraad dus eindig is.
Waarom dan toch die hardnekkige poging de wereld in kaders te versimpelen? Misschien omdat we zelfs helium willen kunnen omvatten, al is het maar voor eventjes in een ballon, die op ten duur uit een hand glipt.

In de loop van tijd zijn hokjes symbool geworden voor de uniformiteit van ons brein. En hoewel ons denken nauwelijks rechtlijnig is (ieder lichaamsdeel heeft zelfs de neiging om af te buigen) bestaat er de overtuiging dat hokjes overzicht en inzicht bieden. En dus worden hele steden uniform uit de grond gestampt. Mensen vinden het vaak onbegrijpelijk dat ik juíst verdwaal in overzichtelijke steden, waar straten opkruisen als een potje boter kaas en eieren. Maar het is alsof een dergelijk raster van straten en avenues geen houvast biedt aan herinneringen, die eerder de vorm aannemen van steegjes en zigzaggende grachten. De rasterstad ontkent dat ik naar de bomen kijk in plaats van de straatbordjes.

Dit is een oude plattegrond van de wereld die ik vond in een archief in Guayaquil (Ecuador). Het is een gestyleerde 8e eeuwse plattegrond van de wereld door de Spanjaard Orosio.
Dit is een oude plattegrond van de wereld die ik vond in een archief in Guayaquil (Ecuador). Het is een gestyleerde 8e eeuwse plattegrond van de wereld door de Spanjaard Orosio.
 

Wat een opluchting is het dan om in een stad te belanden waar de wegen verspringen zoals gedachten. Waar straten zelden een naam hebben en woonplaatsen zich laten beschrijven aan de hand van kenmerkende aanknopingspunt in de buurt. Niemand kijkt daar op van een huisadres als: aan de voet van de berg, links van het postkantoor, tegenover de gele deur. En als de overburen vandaag besluiten hun deur hemelblauw of karmozijn rood te schilderen, verandert het adres van tientallen buurtbewoners. Inwoners van deze stad bevinden zich continue ten opzichte van elkaar.
 
Maar deze stad lijkt een uitzondering te worden.
Ik verwijt het de plattegronden dat de we het overzicht van steden en gebieden als hokjes zijn gaan zien. De uitvouwbare wegenkaarten hebben cijfers en letters waarmee iedere verplaatsing zich als op een schaakbord laat benoemen. En hoewel je de grenzen van zo’n kaart kan opzoeken en zo uit het overzicht kan stappen, is er altijd een vervolgkaart waarop je beweging in een aansluitend hokje hervat. En hoewel digitale kaarten de mogelijkheid geven om eindeloos overheen te scrollen, worden ook deze continue afgesneden door het kader van een scherm.
Afgaande op de plattegronden zou je gemakkelijk kunnen geloven dat de hele aarde uit vakken bestaat. Met landen in verschillende kleuren en een raster aan meridianen. 
Van al die lijnen is er is maar één die daadwerkelijk op de plek zelf te demonstreren is. Eeuwenoude beschavingen noteerden al dat een stok in de grond hier op het middaguur nergens een schaduw projecteert. Juist het gebrek aan die schaduwlijn, vormt het bewijs dat de stok exact op de evenaar staat. In San Antonio de Pinchincha, ten noorden van de Ecuadoriaanse hoofdstad Quito, kruiste ik onlangs deze onzichtbare scheidslijn. Het was een overgang die onopgemerkt had kunnen verlopen, ware het niet dat hier in 1936 het enorme Mitad del Mundo (midden van de wereld) monument onthuld werd ter ere van de Franse expeditie die in 1736 de evenaar bepaalde naar aanleiding van een onenigheid tussen Descartes en Newton. De Republiek Ecuador werd later vernoemd naar de onzichtbare lijn waarop het land balanceert als een koorddanser.

Mitad del Mundo (midden van de wereld) monument
Mitad del Mundo (midden van de wereld) monument
Frederic Edwin Church, Het fyctieve bouwwerk op het magisch realistische schilderij 'Cayambe' (1858) wordt wel gezien als de inspiratie voor het ontwerp van het Mitad del Mundo monument
Frederic Edwin Church, Het fyctieve bouwwerk op het magisch realistische schilderij 'Cayambe' (1858) wordt wel gezien als de inspiratie voor het ontwerp van het Mitad del Mundo monument

Overigens bleek enkele jaren geleden dat het midden van de wereld een kleine 240 meter onder de evenaar lag, en dat er dus miljoenen mensen op de verkeerde evenaar gebalanceerd hadden. Maar het 30 meter hoge monument stond aan de grond genageld en er werd daarom besloten om verderop een tweede monument te bouwen: zo kreeg de wereld twee middens. De enige evenaar die zeker is, is die welke door een afwezige schaduw wordt gekenmerkt.

Zolang we in hokjes blijven denken, zullen we bezig zijn haar grenzen te herdefiniëren. Misschien is het juist die lucide en eindeloos onzekere herdefinitie die ons vrijheid geeft de wereld te beschouwen zonder haar direct te duiden. Moeten we voor de vorm steeds tijdelijke scheidslijnen blijven opwerpen om ergens gaandeweg te merken dat we het midden, en alle uiteindes van wereld gekruist zijn. Zelfs na de dood dalen we nog in een kist neer in een rechthoekig stukje aarde. Dan kunnen we tenminste hopen dat een ziel licht is als helium, en moeiteloos het graf verlaat.

Vibeke Mascini (Den Haag, 1989) studeerde Beeld en Taal aan de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam. Met haar werk onderzoekt zij knelpunten in culturele systemen zoals het internationale meetsysteem en de taal. Daarnaast ontwerpt Mascini lesprogramma’s voor onder andere de Academie van Bouwkunst in Amsterdam. Onlangs publiceerde zij haar tweede  kunstenaars boek Cloud Inverse (2017).

Website Vibeke Mascini