Steun hier het nieuwe seizoen van de radiopodcast Kunst is Lang.

Image

‘Onteren en schaamte moeten op de menukaart van de herdenkingspraktijk worden gezet’ – Hans van Houwelingen over het schandbeeld

09-11-2020 Hans van Houwelingen

In het debat over racistische standbeelden wordt vaak het countermonument, of tegenmonument, voorgedragen als oplossing, een alternatief voor het klassieke iconoclasme. Het principe daarvan is om rond of in de omgeving van foute beelden, nieuwe beelden te plaatsen met tegengestelde boodschap, die opschreeuwen tegen hun opponenten. Begin vorige eeuw bestond dit fenomeen al. Om het rode leger te eren bouwde kunstenaar Nathan Altman, met permissie van Lenin, ter gelegenheid van de eerste verjaardag van de Oktober Revolutie in 1918, een geweldige suprematistische constructie (a la Malevitsj) rondom de zuil van Alexander I Pavlovitsj. Het moest gehoord en gezien worden dat de tijd van de tsaren voorbij was.

Nathan Altman Alexander Column celebrating red army first year anniversary, Petrograd 1919
Nathan Altman Alexander Column celebrating red army first year anniversary, Petrograd 1919

 

Het lastige van het tegenmonument is dat het wordt geplaatst in de context van het monument waartegen het opstaat, wat diens betekenis daarmee niet ontkracht maar juist bevestigt. Het countermonument heeft immers geen klank zonder zijn verfoeide aanleiding. Je kunt een fout beeld moeilijk goedmaken met een beeld dat wel deugt, of, zoals je vaak hoort, ‘in balans brengen’. In de Volkskrant van 2 juli dit jaar schrijft Hanco Jürgens dat het volgens hem uit Hamburg stammend tegenmonument dé oplossing is. “Gegen Dummheit kampfen Götter selbst vergebens” kopte echter de Hamburgse krant destijds in 1986 toen naast het Kriegerdenkmal voor het 76ste infanterieregiment uit 1934 met de glorieuze tekst “Deutschland muß leben, und wenn wir sterben müssen", dat nog door Hitler was onthuld, een sculptuur werd geplaatst van creperende concentratiekampslachtoffers. Het kan niet gênanter. Als het aan Jürgens ligt wordt Jan Pieterszoon Coen in Hoorn straks overeind gehouden door de slaafgemaakte Tabo Jansz en de Sultan Agung van Maratam. Ondanks de goede bedoeling hangt er een naar en neokoloniaal luchtje aan dit idee. Helemaal naïef is het recente tegenmonumentale plan van de Christenunie en D66 in Amsterdam om aan 'correcte' monumenten spiegels te hangen, 'voor zelfreflectie'. Kijk maar eens goed naar jezelf! Met wat moraliserende intimidatie kunnen we het monument effectiever maken moeten hulpelozen hebben gedacht. De populairste - en goedkoopste - reactie op controversiële standbeelden is ze van bordjes met uitleg voorzien. Dat pretendeert recht aan geschiedenis te doen maar is in feite alleen effectief in het de boel tot bedaren brengen. 

Het lastige van het tegenmonument is dat het wordt geplaatst in de context van het monument waartegen het opstaat, wat diens betekenis daarmee niet ontkracht maar juist bevestigt.

            Er wordt onterecht gesuggereerd dat monumenten fungeren als geschiedeniscanon en tegenmonumenten en bordjes derhalve als objectieve correcties. Maar dat verhult de context waaruit racistische standbeelden voortkwamen, met welk doel ze waren opgericht en waar ze nog steeds voor staan: de trots van Nederland, die hier synoniem is aan koloniale suprematie. Achter vele bronzen façades van standbeelden schuilen dubbele agenda’s met demagogische doelen, en als standbeelden racistisch zijn dan is dat pijnlijk, wat je niet kunt rationaliseren tot een historische anekdote. Vaak wordt het tegenmonument aangedragen als oplossing en als worst voorgehouden, maar dan vooral om de kou uit de lucht te halen en agressie tegen het controversiële erfgoed te beperken. In Londen en Parijs gingen bij de beeldenstorm dit jaar meteen de opdrachten voor tegenmonumenten de deur al uit. Standbeelden vernielen, er tegenmonumenten aan plakken of van bordjes voorzien, het blijft behelpen.

het Monument Indië-Nederland, oorspronkelijk  opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924)
het Monument Indië-Nederland, oorspronkelijk opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924)

 

            De herdenkingscultuur kan ook hervormen. Alle aandacht gaat uit naar de hardware van foute monumenten, maar in het veranderen van de software ligt wat mij betreft een serieuze en hedendaagse uitdaging. Eretekens hebben een gerichte boodschap, maar ménsen besluiten of ze die willen ontvangen. Wat monumenten betekenen berust op consensus en daar heeft brons of marmer zich in te schikken. Het probleem bij standbeelden is dat ze altijd in ere zijn opgericht. Eretekens, aangebracht om het hoofd te buigen. Nu we zien dat het morele tij zich keert t.a.v. verbeelde personen of gebeurtenissen wordt eren problematisch of zelfs weerzinwekkend, maar herinneren juist belangrijk. We kunnen een nieuw herdenkingsconcept, een ander denkmodel, invoeren dat meer recht doet aan geschiedenis en aan oude monumenten een hedendaagse dimensie toevoegt. Het past in deze tijd om het herdenkingsceremonieel te emanciperen en een monumentaal concept te introduceren dat de gelegenheid biedt om te onteren. Tussen eren en onteren zit alle ruimte om onbevangen met geschiedenis om te gaan. Onteren en schaamte moeten dan op de menukaart van de herdenkingspraktijk worden gezet. Die is hier nu niet toe uitgerust, want louter voor verering geoutilleerd. Als verering echter beschamend wordt dan rest ons thans niets anders dan woede of hypocrisie. De introductie van het 'schandbeeld', een conceptuele vertaling van de schandpaal, zou hier uitkomst kunnen bieden. Het kan een rol spelen als de tegenhanger van het standbeeld. Standbeeld en schandbeeld nemen vaak elkaars gedaante aan, zoals we dit jaar weer hebben zien. Het zou op zijn plaats zijn als we die transitie van zo’n monument ook erkennen en formaliseren dat herdenken ook gepaard kan gaan met ontering en schaamte. Als een standbeeld als ereteken volledig is misplaatst dan staat het als schandbeeld waarschijnlijk op de juiste plek.

Het probleem bij standbeelden is dat ze altijd in ere zijn opgericht.

het Monument Indië-Nederland, oorspronkelijk  opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924)
het Monument Indië-Nederland, oorspronkelijk opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924)

 

             “Wie alles wil herdenken herdenkt niets” betoogde het 4 en 5 mei comité toen ze in 2019 een verzoek afwees om op 4 mei op de Dam ook buitenlandse oorlogsslachtoffers te herdenken, zoals omgekomen vluchtelingen uit Syrië. Dit merkwaardige voorbeeld toont de maakbaarheid van ogenschijnlijk onbeweeglijke monumenten. Aan welke doden je wel en niet mag/moet denken wordt door een autoriteit gedicteerd en zet zich in het collectief geheugen, niet in marmer of brons. Op dezelfde wijze heeft in 2004 het Amsterdamse Stadsdeel Oud-Zuid de huidige denkkaders gedicteerd van het Monument Indië-Nederland. Een bordje aan de achterzijde legt uit dat het monument oorspronkelijk was opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924), maar dat hij “als pacificator van Atjeh door velen ook verantwoordelijk wordt gesteld voor een zwarte bladzijde uit de Nederlandse geschiedenis in Atjeh.” Eigenlijk wordt er gezegd dat als we wegkijken van zwarte bladzijden de koloniale tijd verder prima was. Om het monument zijn functie als ­ereteken (als instrument om te eren) te blijven garanderen moet er koste wat kost worden voorkomen dat een negatief beeld wordt gegeven van koloniale geschiedenis. Van Heutsz mag daarom niet meer mee doen, maar ook mag niets eraan herinneren dat Koningin Emma het voor het aanzien van haar dochter belangrijk vond uiting te geven aan een spijkerhard koloniaal bewind, wat de werkelijke reden was om dit monument op te richten. Van Heutsz werd, toen al 11 jaar dood, simpel gecast als het gezicht daarvan. 

het Monument Indië-Nederland, oorspronkelijk  opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924)
het Monument Indië-Nederland, oorspronkelijk opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924)
het Monument Indië-Nederland, oorspronkelijk  opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924)
het Monument Indië-Nederland, oorspronkelijk opgedragen aan de gouverneur-generaal in Nederlands-Indië Jo van Heutsz (1851-1924)

 

            Het blijkt nu eens te meer dat veel mensen wél herinnerd willen worden aan de koloniale geschiedenis, maar niet op een huichelachtige manier. Veel pijn en ongenoegen van mensen ligt in het feit dat autoriteiten altijd om de hete brei heen draaien, meeleven zo het uitkomt maar formeel omfloerst de blik afwenden. Juist dit monument zou zich in het collectief geheugen kunnen nestelen als een plechtig symbool van koloniaal verleden waarin niet weggekeken hoeft te worden en plaats is voor schaamte. Daarvoor moeten autoriteiten meebewegen en bereid zijn het als schandbeeld te formaliseren. 

Het blijkt nu eens te meer dat veel mensen wél herinnerd willen worden aan de koloniale geschiedenis, maar niet op een huichelachtige manier.

            In deze tijd waarin meer dan ooit de bereidheid is om het koloniale verleden in zijn pijnlijke omvang onder ogen te zien past het om ook de herdenkingscultuur te hervormen en ontering en schaamte symbolisch te institutionaliseren. In het begin zal men daar vreemd van opkijken. Maar stel dat het Monument Indië-Nederland officieel wordt aangewezen om schaamte te betuigen, dan zou dat een grote stap voorwaarts zijn m.b.t. het delen van ons koloniaal verleden. Het biedt het monument de taal om uit te drukken dat onderdrukking en racisme niet in deze samenleving thuishoort, maar haar geschiedenis ervan is doordrenkt. Bij het Nationaal Schandbeeld Indië-Nederland kan koloniale geschiedenis in al zijn pijnlijke omvang worden herdacht, waardig met schaamte.

Bekijk hier de lezing 'Van standbeeld naar schandpaal?' van Hans van Houwelingen in de Balie Amsterdam in 2018.

Lees hier meer over de praktijk van Hans van Houwelingen op zijn website. 

Ook adverteren op mistermotley.nl? Stuur dan een mail naar maurits@mistermotley.nl