Mister Motley heeft een boek gemaakt. Koop hier 'Dit is een vertaling'.

Image

Atelierbezoek Thom Puckey, door het beeld bekeken

10-07-2020 Alex de Vries

Thom Puckey (Bexley Heath 1948) is een veelzijdig kunstenaar die in de jaren zeventig naam maakte met performances en later met sculpturen en analoge fotografie. Hij benadert het maken van beeldende kunst als een confrontatie met het bestaan. “Als je een goed boek leest,” zegt hij, “dan heb je altijd het gevoel dat jij ook door het boek wordt gelezen. Zo is het met beeldende kunst ook. As je naar een beeld kijkt, word je zelf ook door het beeld bekeken. Je ziet wie je bent.” Opvallend aan zijn recente werken is dat ze ook een beeld in zichzelf ontdekken. 
 

Bexley Heath in het graafschap Kent is een Londense upper working class wijk met bescheiden huizen. Thom Puckey groeide er op als zoon van een ingenieur en uitvinder die hem stimuleerde apparaten en hun functies te onderzoeken. Hij had twee broers waarvan de oudste op 13-jarige leeftijd na een mis-diagnose door een arts overleed, een traumatische situatie die vervolgens een schaduw over het gezin wierp. Na vele jaren resulteerde het in tragische consequenties voor zijn moeder.  Puckey: “Mijn geschiedenis met mijn moeder heeft de sporen van een aanzienlijk schuldgevoel bij mij achtergelaten, die mijn relaties met anderen soms op de spits heeft gedreven. Op de een of andere manier probeer ik dit alles in mijn leven en werk met elkaar in evenwicht te brengen, hoe precair dan ook, tussen de zorg voor anderen die van me gevraagd wordt en het opkomen voor mezelf en mijn kunstenaarschap.”

Dat hij voor een kunstopleiding koos was voor Thom Puckey onafwendbaar. Hij wist al vroeg dat hij voor niets anders geschikt was. Thuis was hij omringd door de objecten die zijn vader onderzocht en die hij op allerlei manieren uitprobeerde. Een manier van werken die hij zelf als kunstenaar ook altijd is blijven praktiseren. “Ik ben geen programmatisch kunstenaar. Ik doe eerst iets om te kijken wat het oplevert en pas daarna reflecteer ik erop om te bepalen wat ik er verder mee kan. In 2002 heb ik mijn eerste marmeren beeld tot stand gebracht, en al doende ben ik me dat vak eigen gaan maken. In het begin liet ik de afwerking van het marmer aan vakmensen over, terwijl ik wel zelf het beeld in klei maakte en in gips uitvoerde om ze daarna computergestuurd te laten frezen. Nu beheers ik de afwerking ook zelf en vertrouw ik dat soms alleen nog aan een handvol andere mensen toe. Hetzelfde geldt voor mijn analoge foto’s, ik doe het nu allemaal zelf. Als je je foto’s naar het lab brengt, krijg je nooit wat je zelf voor ogen hebt. Dat heb ik van mijn vader die ook fotografeerde en zelf afdrukte.”

Hij wist al vroeg dat hij voor niets anders geschikt was.

De Optica, 2019, Marmer, elektrische lamp, glazen lens 127 x 88,5 x 103,5cm Foto: Thom Puckey
De Optica, 2019, Marmer, elektrische lamp, glazen lens 127 x 88,5 x 103,5cm Foto: Thom Puckey
De Optica, 2019, Marmer, elektrische lamp, glazen lens 127 x 88,5 x 103,5cm Foto: Thom Puckey
De Optica, 2019, Marmer, elektrische lamp, glazen lens 127 x 88,5 x 103,5cm Foto: Thom Puckey

 

Het atelier van Thom Puckey in het voormalige Tetterodegebouw in Amsterdam, waar hij sinds 1982 woont en werkt, onthult die zelfwerkzaamheid op een verrassende manier. Het is wonderlijk om te zien hoe iemand die zulke perfectionistische beelden en foto’s maakt deze met zelfverzonnen en geconstrueerde voorzieningen tot stand brengt. Alles is effectief houtje-touwtje aan elkaar geknoopt en langs het plafond bewegen over houten rails katrollen waarmee hij lichtbronnen kan verplaatsen. Midden in de ruimte staat een recent marmeren beeld dat hij in het voorjaar van 2019 al liet zien bij zijn Antwerpse Galerie Annie Gentils dat er vers uit de marmerwerkplaats in Italië arriveerde. Tijdens de expositie ontdekte Puckey dat hij er nog wat aan wilde doen. Hij vond de ribben van de vrouwenfiguur te geprononceerd en zo waren er meer details die hij nu in zijn atelier alsnog verfijnt. Het beeld laat een vrouw zien die op haar knieën in gebukte houding voorovergebogen op een stoel zit. Met een zaklamp beschijnt ze een geometrische vorm – een conus – waarvan de reflectie door een lens valt die ze in haar andere hand houdt. Door de lens wordt het beeld van de conus omgekeerd geprojecteerd op het doek dat over de zijkanten en achterkant van de stoel valt. Het is een projectie in een beeld, een camera obscura in feite. De vrouw is naakt waarmee wordt benadrukt dat het een particuliere situatie is; een studieuze manier van observeren krijgt de vorm van zelfonderzoek. Het hoogwaardige marmer waarin het beeld is uitgevoerd maakt het beeld tijdloos, terwijl de verbeelding van de geometrische projectie vorm, licht en ruimte juist in een tijdsbeleving, de duur ervan, vangt als iets van voorbijgaande aard. Haar gehurkte houding is dusdanig onthullend dat er een provocerende werking vanuit gaat.

De vrouw is naakt waarmee wordt benadrukt dat het een particuliere situatie is; een studieuze manier van observeren krijgt de vorm van zelfonderzoek.

Op zijn vijftiende kreeg Thom Puckey van zijn vader een olieverfset. Dat was voor hem een openbaring. Hij had altijd al getekend, maar de mogelijkheden die het schilderen in zich droeg was voor hem een droom die uitkwam en gaf de doorslag om naar de kunstacademie te gaan. Hij begon zijn studie aan de Croydon College of Art waar hij eerst enthousiast begon te schilderen, maar waar hij uiteindelijk zou afstuderen met geluids- en muziekkunst. Daarmee meldde hij zich aan bij de Slade School of Art waar hij werd geweigerd. Thom Puckey: “Niet naar Slade gaan was voor mij geen optie. Er was voor mij geen alternatief. Ik ben bij de professor voor de deur van zijn kantoor gaan zitten totdat hij me binnenliet. Uiteindelijk zei hij, vooruit dan maar, maar je moet het zelf betalen. Zo kwam ik dan toch op Slade, maar na een jaar werd ik er weer afgegooid omdat ik geen beeldende kunst maakte, maar met geluid en muziek bezig was. Ik heb toen toelating gedaan bij het Royal College of Art met de getekende partituren die ik maakte en die heel grafisch oogden. Daar heb ik mijn studie vervolgd en ontmoette ik Dirk Larsen die meteen veel indruk op me maakte. Samen zijn we toen Reindeer Werk begonnen en zo is mijn professionele praktijk in de kunst gestart.”

De opleiding van Thom Puckey was zeker niet traditioneel en ambachtelijk. Zijn opleiding spiegelde zich aan de eigentijdse ontwikkelingen in de kunst van eind jaren zestig, begin jaren zeventig. De benadering van kleur- vlak- en vormstudies in de kunst en vormgeving van de Bauhaustraditie, zoals uitgedragen door Johannes Itten en Josef Albers, bepaalde grotendeels het onderwijsprogramma. De Fluxusbeweging en kunstenaars als Joseph Beuys waren ook belangrijke referenties. Alle technische vaardigheden die hij voor zijn latere werk nodig had, heeft hij zich door zelfstudie eigen gemaakt. Puckey: “Het voordeel is dat ik er niet van hou steeds hetzelfde te doen. Ik verveel me al snel als ik me begin te herhalen. Daarom onderzoek ik steeds nieuwe mogelijkheden. Het is niet zo dat ik steeds weer terugga naar het nulpunt – ik heb me natuurlijk het een en ander eigen gemaakt – maar ik herbegin wel steeds opnieuw om iets anders aan de orde te stellen. Wat ik me eigen maak, hangt samen met wat ik nog niet kan en weet...”

Reindeer Werk, Dirk Larsen en Thom Puckey, Performance, Gallery St. Petri, Lund, Sweden September 1975 Foto: Angela Spanswick
Reindeer Werk, Dirk Larsen en Thom Puckey, Performance, Gallery St. Petri, Lund, Sweden September 1975 Foto: Angela Spanswick

Tussen 1973 en 1980 vormde Thom Puckey met de kunstenaar van Brits/Deens afkomst Dirk Larsen (GB 1951) het performance-duo Reindeer Werk.  Ze omschreven hun werk als ‘Behavioural Art’. In hun presentaties brachten ze zichzelf in een trance en verloren daarbij de controle over hun doen en laten en bewogen zich trillend en schokkend met spasmen door de ruimte, klanken uitstotend, zich wrijven en krabbend, de toeschouwers confronterend met gedrag dat als psychotisch kan worden omschreven. Thom Puckey: “Ik had, als ik mijn moeder in de psychiatrische inrichting bezocht, van heel dichtbij dat catatonische gedrag gezien en meegemaakt, dat zo veel overeenkomsten vertoonde met wat ik als performance kunst uitvoerde. Hoe vreemd dat afwijkende gedrag ook was, het had iets noodzakelijks en onontkoombaars. Wij zagen alle zwervers en sociale outcasts toen als de heiligen van onze tijd. Mijn eigen toenmalige sociale ongemakken, met een flink spraakgebrek, is ook bij gaan dragen aan mijn onderzoek van hoe afwijkend gedrag wordt bekeken en ervaren.”

Inhoudelijk zijn de performances van Reindeer Werk nog altijd doorslaggevend voor het begrip van het werk van Thom Puckey.

In het internationale performancecircuit van de jaren zeventig was Reindeer Werk een belangrijke vertegenwoordiger van een kunstvorm die het publiek op een totaal andere manier betrok bij het beeldende werk dan gebruikelijk was. Met het mede-organiseren en deelnemen aan performanceprojecten in onder meer, Warschau, Hamburg, New York, Arnhem en Amsterdam vestigde Reindeer Werk een reputatie. Hun vijf dagen en nachten durende project ‘A Prediction’ in De Appel in Amsterdam (1978) was een hoogtepunt. Het kunstwerk en de beleving ervan lieten ze samenvallen waardoor de afstand tot het publiek werd opgeheven. Toeschouwers konden blijven slapen en eten, plaatjes draaien en elke dag een performance bijwonen. Reindeer Werk organiseerde tijdens performancefestivals ook ‘Behaviour Workshops’ en werkte onder anderen intensief samen met Joseph Beuys tijdens het Theater & Wij Festival In Arnhem, ook in 1978, het jaar dat Puckey zich in Nederland vestigde.

Inhoudelijk zijn de performances van Reindeer Werk nog altijd doorslaggevend voor het begrip van het werk van Thom Puckey. Het nastreven van een ander bewustzijn en een andere staat van zijn is een belangrijk aspect van zijn kunstenaarschap. Hij benadert licht als substantie en ruimte. Ervaringen buiten de alledaagse werkelijkheid maakt hij zichtbaar als onverklaarbare fenomenen die zich voordoen in de duur van hun verschijningsvorm. Zowel in het gebruik van materie als in niet materieel opzicht is het idee van transformatie – het omzetten van energie waardoor vorm en betekenis veranderen – doorslaggevend voor de betekenis van zijn werk. In zijn nieuwste foto’s uit zich dat in het samenvoegen van christelijke heiligen- en martelaarsgetuigenissen en eigentijdse verpersoonlijkingen daarvan, alsof die oude overleveringen in mensen van nu zijn gevaren. Hij combineert projecties van dia’s die hij in Italiaanse kerken heeft gemaakt – Puckey heeft ook een woning is het Toscaanse Valdarno – met lange tijdsopnames van vrouwenfiguren die als het ware door de kerkelijke voorstelling worden bezeten. 

5 Huizen/5 Steden, Het huis in Maastricht, 1983 Zink, ijzeroxide, water, hout, elektrische pomp Foto: Thom Puckey
5 Huizen/5 Steden, Het huis in Maastricht, 1983 Zink, ijzeroxide, water, hout, elektrische pomp Foto: Thom Puckey
5 Huizen/5 Steden, Het huis in Maastricht, 1983 Zink, ijzeroxide, water, hout, elektrische pomp Foto: Thom Puckey
5 Huizen/5 Steden, Het huis in Maastricht, 1983 Zink, ijzeroxide, water, hout, elektrische pomp Foto: Thom Puckey

 

Vlak na het beëindigen van de samenwerking met Dirk Larsen werkte Thom Puckey zijn belangstelling voor alchemistische en mystieke transformatieprocessen uit in het veelomvattende project ‘Vijf huizen, vijf steden’ (1983). Hij gebruikte vijf binnenruimten om chemische processen op gang te brengen waarmee hij een metafysische bewerking van de architectuur bewerkstelligde. In Maastricht gebruikte hij daarvoor zink en ijzeroxide, in Amsterdam lood en zwavel, in Eindhoven kopersulfaat en messing, in Arnhem koolstof en aluminium en in Groningen zout en koper. De ondergronds spiraalvormige fontein met rode vloeistof uit 1984 die hij voor het Museum Arnhem maakte, kan worden gezien als een sculpturale uitkomst van dit omvangrijke project.

In de jaren tachtig ontwikkelde Thom Puckey zich meer en meer tot beeldhouwer, een vakgebied dat hij min of meer vanuit het niets moest veroveren en waarin hij veel heeft geëxperimenteerd en onderzocht. De wisselwerking tussen zijn vrije werk en de beelden die hij in opdracht maakt laten een overeenkomst in de meestal scenografische benadering van de beeldopbouw zien. Beelden in opdracht hebben een meer prozaïsch karakter dan zijn vrije werk dat minder een verhaal vertelt en eerder een geconcentreerde beleving veroorzaakt. Zowel zijn sculpturen als foto’s maken in het hier en nu verschillende echo’s van andere ruimtelijke of mentale dimensies voelbaar.

Figure Falling Backwards with 2 Carbines, 2010  Marmer 140 x 160 x 110 cm
Figure Falling Backwards with 2 Carbines, 2010 Marmer 140 x 160 x 110 cm

 

Na zijn eerste marmeren beeld uit 2002 ontstonden tussen 2007 en 2011 een opeenvolging van sculpturen in hetzelfde materiaal waarin naakte vrouwen, tot in de intiemste details precies uitgevoerd, in opvallende poses met wapens zijn weergeven op alledaagse voorwerpen als matrassen, kussens en meubilair. Het contrast tussen de naar de klassiek oudheid verwijzende naaktheid en het intimiderende wapentuig op een banale ondergrond is tegelijkertijd verleidelijk, choquerend en verontrustend. Het zijn beelden die in de discussie omtrent de representatie van het vrouwelijk naakt in de beeldende kunst eerst ongewild, maar later bewust provocatief een rol spelen. Thom Puckey: “Voor mij is het maken van beelden naar het naakt onder andere een verwijzing naar de manier waarop in de archaïsche en klassieke beeldhouwkunst sacrale figuren en goden en godinnen vaak werden afgebeeld. Dat die naakt waren, was volkomen vanzelfsprekend, want een god of godin is nu eenmaal naakt. Doordat ik mensen uit mijn kennissenkring vraag om in de sculptuur naakt voorgesteld te worden, ontstaat er een andere vanzelfsprekendheid, namelijk die van het vertrouwen tussen mij en degene die ik vraag voor de sculptuur. Het zijn allemaal vrouwen die zelf als kunstenaar actief zijn of aan de kunst verwant werk hebben. In wezen zijn ze anders dan 'modellen'. Ik ben niet bezig om ze te portretteren, maar ik geef de lichamen wel waarheidsgetrouw weer. Ik kan zoiets alleen als er een bepaalde mate van vertrouwdheid is ontstaan. Je kunt het alleen doen als je uiterst respectvol met elkaar omgaat en alle protocollen volgt. Dat neemt niet weg dat ik wel de kwetsbaarheid van het lichaam aan de orde stel. Een beeld van een achterovervallende vrouw houvast zoekend met twee geweren, de benen gespreid, dat is natuurlijk een verbeelding van dat ze uit- of overgeleverd is aan een kracht die niet te weerstaan is, zoals de liefde. Ik stel die overweldiging aan de orde, maar ook het zich overgeven, bijvoorbeeld bij een operatie tijdens het verdoven. Ik stoor mij aan platte voor de hand liggende interpretaties, kenmerkend voor het nieuwe puritanisme van deze tijd. Maar aan de andere kant, deze mind-set fascineert mij zeer, misschien herken ik mijn moeder daar weer in.”

Het zijn beelden die in de discussie omtrent de representatie van het vrouwelijk naakt in de beeldende kunst eerst ongewild, maar later bewust provocatief een rol spelen.

Kim de Weijer as Amputee with 3 Pistols 2011 Marmer 92 x 98 x 96 cm Foto: Thom Puckey
Kim de Weijer as Amputee with 3 Pistols 2011 Marmer 92 x 98 x 96 cm Foto: Thom Puckey

 

Thom Puckey laat in zijn werk vrouwen zien in omstandigheden die doorgaans niet aan hun worden toegedacht. Hij tilt ze daar bovenuit om het patriarchale denken te compenseren door vrouwen, denkend, handelend, onderzoekend, niets verhullend en sterk, soms intimiderend, te representeren. Zelfs de sculptuur ‘Kim de Weijer as Amputee with 3 Pistols’ uit 2010 is een beeld dat de kracht van een zelfstandige vrouw laat zien. Hoe machteloos de situatie ook oogt, zij is er niet aan onderworpen.

In wisselwerking met het fotowerk dat Thom Puckey de afgelopen jaren maakt, veranderen de marmeren sculpturen in inhoudelijk opzicht. De wapens verdwijnen uit beeld en maken plaatsen voor fototoestellen en lenzen.  De analoge zwart-wit foto’s, rijk geschakeerd met een groot scala aan grijstonen, bestaan uit lange tijdsopnames van wel acht seconden. De vrouwen op de foto’s worden beschenen door lichtbronnen, vangen het licht op met een lens in hun handen en laten zo vormen van projecties ontstaan die het niet tastbare zichtbaar maken. Dat laatste simpelweg door het gebruikmaken van een rookmachine in de ruimte. Deze foto’s zijn verschijningsvormen van tijd en ruimte. De tijd die Puckey gebruikt om de vrouw op de foto met een lichtbron te beschijnen is net zo lang als de sluitertijd. Een liggende vrouw, op haar rug gezien, heeft door die bewegende lichtbron en de veroorzaakte schaduwwerking een translucente, albasten verschijning. Thom Puckey: “Het fotografische beeld ontleent zijn karakter en betekenis eraan dat de voeten acht seconden eerder zijn gefotografeerd dan het hoofd. Ik speel met het begrip ‘duur’ als tijdsbeleving zoals dat door de filosoof Henri Bergson is geformuleerd. Door zo te werken roep ik een innerlijk beeld op dat ik versterk door alweer met een rookmachine te werken, waardoor zich om het lichaam een mist vormt. Door de lange tijdsopname krijgt die mist een scherpe materiële aanwezigheid. Iets wat vervluchtig krijgt zo toch gedaante.” 

Establishing the Double Cone 2016 Analoge foto op bariet fotopapier 48 x 48 cm
Establishing the Double Cone 2016 Analoge foto op bariet fotopapier 48 x 48 cm
Prone Figure with Santa Fina 2019 Analoge foto op bariet fotopapier 47 x 58 cm
Prone Figure with Santa Fina 2019 Analoge foto op bariet fotopapier 47 x 58 cm


In zijn recente foto’s en beelden zie je bij Thom Puckey een vorm van visuele extase die vergelijkbaar is met de mystieke euforie die we kennen van heiligenlevens. Door die ervaringen van het onderbewuste te combineren met een onderzoekende, wetenschappelijke nieuwsgierigheid naar de natuurverschijnselen die samenhangen met licht, tijd, vorm en ruimte ontstaat een verwarrende wisselwerking tussen rationele en gevoelsmatige ervaringen. In enkele van zijn laatste analoge foto’s gebruikt hij afbeeldingen van de geschiedenis van de heilige Fina (1238-1253), de beschermheilige van het Toscaanse stadje San Gimignano. Fina was een doodziek meisje dat verkoos om op een plank te liggen waaraan ze min of meer vastgroeide. Ze stierf op haar 15de terwijl ze al was aangevreten door ratten en muizen. Op de plank ontsproten na haar dood op 12 maart witte viooltjes, zo getuigden de toeschouwers. Domenico Ghirlandaio (1449-1494) maakte in 1475 in de Collegiata, de Dom van San Gimignano, in een kapel fresco’s over het leven van de heilige. Puckey’s foto's combineren de projecties van dia's die hij van Fina’s plank en van de fresco's maakte met de opname direct daarvoor of daaroverheen van een naakte figuur die een mysterieus tegenbeeld van Fina vormt, soms flink overbelicht, soms wegsmeltend in de projectie. Het fotografische beeld in een geprojecteerde dia levert een versmelting van tijd en identiteit op. Thom Puckey is een kunstenaar die wat verloren gaat herneemt in een andere gedaante. Zijn persoonlijke betrokkenheid daarmee onttrekt hij aan de tijd die hij met zijn beelden overbrugt.

www.thompuckey.com

The Touch 2020 Analoge foto op bariet fotopapier 69 x 90 cm
The Touch 2020 Analoge foto op bariet fotopapier 69 x 90 cm
8 seconds, left to right (Odalisque) 2017 Analoge foto op bariet fotopapier 47 x 58 cm
8 seconds, left to right (Odalisque) 2017 Analoge foto op bariet fotopapier 47 x 58 cm

Ook adverteren op mistermotley.nl? Stuur dan een mail naar maurits@mistermotley.nl