Mister Motley heeft een boek gemaakt. Koop hier 'Dit is een vertaling'.

Image

De open blik - In gesprek met Sanne Vaassen

17-02-2020 Alex de Vries

Hoe klein het atelier van Sanne Vaassen (Sittard, 1991) ook is, haar werk kent nauwelijks een maat. Ze verlegt de grenzen binnen de discipline van de beeldende kunst. De traditionele vaardigheden van tekenen, schilderen, beeldhouwen zijn bij haar ondergeschikt aan denkmodellen die ze veelal in samenwerking met anderen ten uitvoer brengt. Zo vertegenwoordigt ze de conceptuele kunst, maar wel op een tastbare manier waarin ze het ongrijpbare en het onbegrijpelijke een vaste vorm geeft. 
 

Haar kijk op het bestaan ontwikkelde Sanne Vaassen voor een deel tijdens wandelingen die ze als kind met haar vader maakte door het Limburgse landschap waar ze opgroeide. “Mijn vader liet mij zien hoe je kunt kijken en dat je je voortdurend vragen kunt stellen over wat je waarneemt. Mijn werk behelst nog altijd vragen die bij me opkomen als ik iets zie, ervaar of beleef. Dan probeer ik voor die vragen een vorm te vinden die iets verklaren over wat ik me afvraag. Dat hoeven geen antwoorden te zijn, maar wel mogelijkheden of alternatieven voor wat er is. Mijn vader leerde me vanuit verschillende perspectieven naar iets te kijken en het niet meteen voor waar aan te nemen. Ik denk dat je het meeste baat hebt bij de open blik.”

Mijn vader liet mij zien hoe je kunt kijken en dat je je voortdurend vragen kunt stellen over wat je waarneemt.

In haar jeugd en tijdens het begin van haar kunstenaarschap richtte de open blik van Sanne Vaassen zich vooral op de natuur. Wonend naast de Brunsummerheide was ze dagelijks in contact met planten en bomen. Sanne Vaassen: “Mijn belangstelling voor de natuur was daardoor vanzelfsprekend, ook door mijn persoonlijke verstandhouding met de mijnstreek waarin ik ben opgegroeid en wat voor invloed de mijnbouw op het landschap en het leven van de mensen heeft gehad. Mijn grootvader was mijnmeter, dat wil zeggen dat hij de cartografie van de gangen waarmee de mijnen werden uitgebreid nauwgezet verzorgde.

Sanne Vaassen besteedt in haar werk veel aandacht aan de wisselwerking tussen zintuigelijke waarnemingen en de verhouding tussen natuurverschijnselen en taal. In de Britse ‘Floral Dictionary’ uit de negentiende eeuw, ontdekte ze dat aan flora specifieke beschrijvingen en taalkundige betekenissen wordt toegekend. In bepaalde milieus in het Victoriaanse Engeland stuurde men elkaar samengestelde boeketten – een zogenaamde ‘Nosegay’ - waarin de goede verstaander precieze boodschappen kon lezen. Deze vertaling paste ze toe op drie toespraken van politici: de inauguratie speeches van Donald Trump en Jaïr Bolsonaro en de aftredingsspeech van Teresa May. Hun woorden vertaalde ze naar de bloemen en planten waarna ze op zoek ging naar de geuren ervan. Die gebruikte ze voor drie parfums die de toespraken ‘verbloemen’. Sanne Vaassen: “De tuincultuur in Engeland vind ik erg boeiend. Het is alsof ze in hun aandacht voor tuinen de controle over de wereld kunnen projecteren. Op The RHS Chelsea Flower Show zag ik in elke stand een speciale tuin gewijd aan bijvoorbeeld de pompoen of de roos. In iedere tuin was steeds iemand als tuinier aan het werk alsof het een performance betrof. Ik vraag me af waarom die controle wordt nagestreefd en welke betekenis we aan die minilandschappen toekennen, zoals ze dat bijvoorbeeld in Japan ook doen.”Na haar opleiding aan de kunstacademie in Maastricht (2009-2013) en aan de Jan van Eyck Academie (2014-2015) richtte haar belangstelling zich meer en meer op menselijke gedragingen en gebruiken, zoals nationale symbolen en taal. Sanne Vaassen: “Wat me interesseert is veranderlijkheid. Ik heb een jaar lang geobserveerd hoe een boom veranderde, hoe de bladeren vielen en waar ze terechtkwamen. Ik verzamelde de bladeren, bewaarde en droogde ze, maakte er dia’s van. Ik wilde steeds het moment bewaren en tegelijkertijd ondergaan hoe de verandering zich voltrok.” 

Sanne Vaassen besteedt in haar werk veel aandacht aan de wisselwerking tussen zintuigelijke waarnemingen en de verhouding tussen natuurverschijnselen en taal.

Sanne Vaassen - Nosegay
Sanne Vaassen - Nosegay

Ik wilde steeds het moment bewaren en tegelijkertijd ondergaan hoe de verandering zich voltrok.

In 2015 betrok ze die fascinatie op de kunst zelf, op de ‘eeuwigheidswaarde’ ervan. Het idee dat kunstwerken voor de eeuwigheid worden gemaakt, wordt ontkend door de veranderingen die zich in ieder kunstwerk voordoen onder invloed van de micro-organismen in materiële zin. Tegelijkertijd verandert het kunstwerk ook onder invloed van sociale en politieke omstandigheden en historische ontwikkelingen. Om die twee aspecten zichtbaar te maken hanteert ze zowel wetenschappelijke analyses als geschiedkundige gegevens in haar onderzoek naar en representaties van deze fenomenen. In het werk ‘Invisible Present’, bestaande uit een serie digitale prints, behandelt ze vanuit die samenhangende benadering een aantal werken uit de kunstgeschiedenis, onder meer van Karel Appel, Richard Long, Joseph Beuys, Piet Mondriaan en enkele zestiende-eeuwse meesters, waarin ze de vrijwel onzichtbare verandering voelbaar maakt door in petrischaaltjes de micro-organismen te tonen die de kunstwerken van binnenuit aantasten.Dit onderzoek naar ‘de staat van zijn’ van de kunst is typerend voor de manier waarop ze haar gewaarwordingen benadert. Ze combineert uiterst persoonlijke percepties met analytische deducties en poëtische, beeldende uitwerkingen.

Sanne Vaassen - Invisible Present
Sanne Vaassen - Invisible Present

In 2016 kreeg ze last van epileptische aanvallen.  Sanne Vaassen besloot haar aandoening in te zetten om het werk ‘Echo’ te maken. Ze transformeerde een EEG-scan van haar hersenen in geluid. Ze vertaalde de neurologische golven in partituren die kunnen worden afgespeeld door een muziekdoos. Op haar eigen wijze sluit Vaasen met dergelijk werk aan bij experimenten van conceptuele kunstenaars uit de jaren zeventig, zoals Marten Hendriks (1941) die in 1973 ‘Body Music’ maakte waarbij hij de contouren zijn lichaam liet stansen in een orgelboek dat hij door een orgel liet afspelen. 

Ook de kunstenaarsuitgaven die Sanne Vaassen maakt, gaan onwillekeurig connecties aan met kunstenaars als Edward Ruscha (1937) die de kunstenaarsboekjes ‘Twentysix Gasoline Stations’ (1963) en ‘Various Small Fires and Milk’ (1964) maakte, voorbeelden van ‘visuele poëzie’ waarbij alledaagse fenomenen een vorm van beeldrijm met elkaar aangaan, waardoor ze een andere lading krijgen. Anders dan bij Ruscha zijn de uitgaven ‘X’, ‘In Transition’ en ‘Untitled’ van Sanne Vaassen eerder partituren voor het beeldend denken dan concrete beeldrijmen. Waar het Ruscha is begonnen om ritmiek, klinkt bij Vaassen een melodie. Dat neemt niet weg dat zij een lijn voortzet in de kunst die met de toenemende digitalisering van het beeld enige tijd onderbelicht is gebleven, die van de boekkunst waar jonge kunstenaars nieuwe mogelijkheden in ontdekken. Zo laat ze in ‘X’ zien hoe bloemen in verschillende culturen, religies en nationaliteiten functioneren als symbolen en hoe ze van betekenis veranderen. ‘In Transition’ toont ze hoe door tijd en beweging vormen veranderen, zoals de moedervlekjes op haar lichaam. ‘Untitled’ behandelt het principe van de ‘oneindigheid’ als de tegenstelling tussen klein en groot, steeds kleiner of steeds groter.

Sanne Vaassen - X
Sanne Vaassen - X


Opvallend aan Sanne Vaassen is dat zij erin slaagt haar werk tot leven te laten komen. Ze maakt weliswaar artefacten, maar die komen tot stand in een vorm van gezamenlijk gebruik. De cartografie van de moedervlekken op haar huid heeft ertoe geleid dat ze mensen aanbood een van die moedervlekjes op hun huid te laten tatoeëren, tegelijkertijd een uiting van en een commentaar op de hedendaagse lichaamscultuur, waarin tatoeages, piercings en kunstmatige lichaamscorrecties vanzelfsprekend zijn geworden, vanuit een specifiek persoonlijk standpunt. Het aanraakbare gehalte van haar werk neemt daarmee een gedaante aan van transgressie, een tastbare verschuiving of mentale niveauverandering. Zoals Francis Alÿs (1959) 800 mensen een berg liet verplaatsen (‘When Faith Moves Mountains’, Peru, 2002), zo transplanteert Sanne Vaasen haar eigen huidverdikkingen in andermans lichaam.

Sanne Vaassen - cartography
Sanne Vaassen - cartography

 

Meer recent is Sanne Vaassen gefascineerd door de wijze waarop volkeren hun nationaliteit symboliseren door onder meer vlag en volkslied, maar ook door militaire stileringen van het wisselen van de wacht, marcheervormen en geweeroefeningen. Voor ‘Faux Pas’ uit 2019 nam ze ceremoniële legeroefeningen uit India, Frankrijk, Hongarije, China, de Verenigde Staten en Denemarken als uitgangspunt. Ze vertaalde deze naar bewegingschoreografieën die ze uitvoerde voor de Zweedse glasblazer Mikael Jakobsson die deze repeterende handelingen ter plekke herhaalde waardoor wonderlijke glasobjecten tot stand kwamen die het resultaat zijn van hun duet.

Sanne Vaassen - Faux Pas
Sanne Vaassen - Faux Pas


Voor ‘Flags’ uit 2016 haalde ze de stof van nationale vlaggen uit en elkaar wond die tot afzonderlijke knotten garen. Ze vroeg professionele wevers om met die knotten naar eigen inzicht een nieuw vlag te weven. Er ontstonden daardoor persoonlijke interpretaties van nationale symbolen. In het kader van Brexit heeft ze vijf Europese vlaggen uit elkaar gehaald en deze draden aan vijf Engelse wevers gegeven om te zien hoe zij de herziene relatie tussen Groot-Brittannië en Europa in een eigen vlag verbeelden.
Eerder, in 2014, had ze de betrekkelijkheid van nationale identiteit al aan de orde gesteld in het werk ‘National Anthems of the World,’. Met het bestaande boek ‘National Anthems of the World’, waarin alle volksliederen van de wereld zijn opgenomen en dat regelmatig wordt heruitgegeven vanwege allerlei aanpassingen van opgeheven of nieuwe landen, maakte ze één volkslied voor de wereld. Daartoe liet ze slakken in de pagina’s van de bundel sporen eten, zodat de teksten en melodieën zich op het oog met elkaar vermengden.

Er ontstonden daardoor persoonlijke interpretaties van nationale symbolen.

Sanne Vaasen koppelt geschiedenis aan herinnering, het verleden aan het nu. Ze lost de tijd op in het moment. In haar atelier liggen op tafel een aantal kleitabletten waarop je de sporen ziet van de bewegingen van haar vingers alsof ze over het display van haar mobiele telefoon heeft geveegd. Zo verbindt ze het eeuwenoude spijkerschrift op kleitabletten met de hedendaagse digitale communicatie waarvoor we eigenaardig genoeg nog altijd handmatige bewegingen uitvoeren om iets aan elkaar te verstaan te geven. 
Sanne Vaasen: “Mijn werk richt zich vooral op onze opvattingen over identiteit, niet alleen nationale identiteit, maar ook persoonlijke identiteit en hoe onbegrensd die in feite is. Welke omstandigheden dragen bij aan wie je bent? Ik benader die problematiek zowel cultureel als genetisch. Ik las in een wetenschappelijk tijdschrift over de opbouw van DNA en hoe deze uitgeschreven kan worden. Elk mens heeft zijn eigen reeks aan codes bestaande uit de letters: A, T, G en C.  Wanneer je deze zou uitschrijven heb je 21.000 dikke boeken nodig om die volledig weer te geven. Als ik het DNA van één persoon wil noteren, moet ik de komende 70 jaar dus ieder jaar 300 boeken maken om het hele DNA uit te schrijven.''

Ook adverteren op mistermotley.nl? Stuur dan een mail naar maurits@mistermotley.nl