Mister Motley heeft een boek gemaakt. Koop hier 'Dit is een vertaling'.

Image

Ekstergedrag als mentaliteit — in gesprek met Cas van Deurssen

30-09-2020 Puck Kroon

De avond na zijn diploma-uitreiking in Groningen spreek ik Cas van Deurssen (1994) via Skype, een kunstenaar uit Deurne met ervaring aan drie kunstacademies. Na amper een paar minuten onderbreekt Van Deurssen me: ‘Wacht, ik pak even een asbak.’ 
Van Deurssen zoekt in zijn werk naar een in elkaar vallende puzzel die hij met behulp van losse elementen aan elkaar lijmt. Op het canvas ontstaat een compositie die wringt en frictie veroorzaakt. Hij zoekt naar 
contrasten, naar elementen die niet thuishoren op het doek, zoals een gevonden polaroid van drie vrouwen. Recentelijk bereikte Van Deurssen het punt dat hij, als hij zijn portemonnee kwijt zou raken, meer zou balen van het verlies van de foto die erin zat dan van zijn pasjes en geld. Hij ziet waarde in niks, kiest ervoor objecten mee te nemen waarvan de waarde toeneemt door het verglijden van de tijd.’ 

Hij ziet waarde in niks

Studio detail, Kevin Osepa in opdracht van Mister Motley en Buning Brongers Prijzen
Studio detail, Kevin Osepa in opdracht van Mister Motley en Buning Brongers Prijzen


Wat is jouw definitie van schilderen? Zou je jezelf schilder noemen? 
‘Ik zie mijn schilderijen als poëtische dagboeken, een non-lineaire verzameling van gedachtegangen en ideeën die samenkomen op een doek. De composities bestaan uit objecten die op het eerste gezicht weinig met elkaar te maken hebben en pas in het kader een verhouding met elkaar aangaan. De anonieme uitwisseling met vreemden, inspireert me. Of ik mezelf echt als een schilder zie? Ik maak gebruik van het medium schilderen in bredere zin: ik werk op een canvas met een groot scala aan grotendeels gevonden materialen. Voor mij bestaat schilderen uit meer dan alleen het gebruik verf, kwasten en doek aangezien ik collage, sculptuur en metaal ook onderdeel laat zijn van de schilderkunst.’ 

De anonieme uitwisseling met vreemden, inspireert me.

Deze gevonden materialen zouden zich ook kunnen manifesteren in een sculptuur of installatie. Je bent niet opgeleid als schilder, maar je plaatst de gevonden materialen wel op een doek. Hoe belangrijk is dat kader voor jou? 
‘Die vraag houdt me de laatste tijd bezig. Ondanks mijn neiging te kiezen voor een frame waarbinnen je iets kunt doen, probeer ik er steeds meer buiten te treden. Een installatie heeft de mogelijkheid om door te groeien tot in het oneindige. Een rechthoekig canvas beperkt hoe ver je kunt gaan. De laatste tijd richt ik me op hoe ik de ruimte er meer bij kan betrekken. ‘

‘Afgelopen jaar had ik het gevoel dat ik mezelf binnen het tekenen en schilderen aan het herhalen was, waardoor ik me ben gaan richten op andere methodes om beeld te maken: lithografie in combinatie met digitale programma’s zoals Photoshop. Vanuit praktische overwegingen gebruikte ik scanners waardoor ik de waarde voor de snelheid van het produceren van beeld en het vertalen van fysiek materiaal dat doorleeft in een digitale omgeving ging zien. Ik veel ontdekte over composities, materiaalgebruik, de druk op de knop, de overeenkomsten tussen het scannen en de litho’s waarbij je veel tegelijkertijd doet en alles direct samengevoegd wordt. Schilderen is een langzaam proces waarbij alle elementen los van elkaar worden toegevoegd. Daar heb ik ook mijn thesis op gebaseerd: het bestaat uit een samenraapsel van alles wat ik de afgelopen jaren heb verzameld en dat met de jaren waarde heeft gekregen. Collages van gevonden voorwerpen heb ik gelinkt aan gedichten, registraties en observaties afgewisseld met een stroom aan gedachtegangen en verhalen.’ 

‘In het begin van de intelligente lockdown ben ik elke dag een paar uur met een notitieblokje gaan rondlopen. Dat was de eerste keer dat ik voor mezelf schreef in plaats van voor een thesis, een essay of een zaaltekst. Schrijven en schilderen gaan hand in hand met elkaar: de herinnering aan een moment van vroeger, een gevonden voorwerp of een bloem kunnen de aanleiding zijn voor een werk. Elke vondst krijgt dezelfde waarde wanneer het onderdeel wordt van hetzelfde canvas. De benadering vanuit hetzelfde perspectief zorgt ervoor dat herinneringen en omgeving samensmelten. De interactie die je aangaat met de omgeving vind ik interessant. Dat wat anderen hebben gemaakt heeft de potentie opnieuw gebruikt te worden. Ik maak me een gebaar, een woord of de intentie van een ander eigen, zo ga ik de interactie aan met een vreemdeling. Een aantal gedichten in mijn thesis bevatten een graffiti-tag die ik in Groningen ontdekte. Laatst kwam ik erachter dat die tags van een maat van mij zijn - zo wordt een vreemdeling een vriend. Dingen komen bij elkaar, zoals puzzelstukjes een puzzel vormen. Ik claim iets van hem, terwijl hij indirect ook mijn thesis claimt.’

Cas van Deursen Zuur oranje (Acid Orange), 2020 Acrylverf, spraybusverf, airbrush, siliconen, collage op canvas 235 x 190 cm.
Cas van Deursen Zuur oranje (Acid Orange), 2020 Acrylverf, spraybusverf, airbrush, siliconen, collage op canvas 235 x 190 cm.

Schilderen is een langzaam proces waarbij alle elementen los van elkaar worden toegevoegd.

Hoe verhoud je je tot de term ‘schilder’? 
‘In zekere zin voldoe ik niet aan de traditionele betekenis van wat een schilder is. Zo zit ik nooit voor een schildersezel te bedenken wat ik over wil brengen. Een wit doek bevat geen referentiekader en bevat alleen de mogelijkheid tot toevoegen in plaats van verbeteren. Als ik aan een doek begin, pak ik een spuitbus die ik helemaal leegspuit. Meestal slaat het nergens op en maak ik het doek alleen maar zo lelijk mogelijk. Vanuit daar ontstaat de aanleiding om dingen te verbeteren, weg te halen, weg te schrapen, weer wit te maken. Dat is het moment waarop het gesprek begint tussen het doek en mij begint. Door verschillende materialen door elkaar heen te gebruiken ontstaat er frictie: olieverf gaat over in graffiti, collage-elementen worden toegevoegd die vervolgens weer worden weggesneden, siliconen, plankjes of foto’s worden geplaatst en schroeven worden door het canvas gepriemd. Het moet net een beetje pijn doen. Pas als het (bijna) klaar is, weet ik eigenlijk waar het werk over gaat en vallen de puzzelstukjes in elkaar.’ 

Hoe zou je de dialoog die je met het doek aangaat omschrijven? Wat voor dialoog is dat? 
‘Dat is afhankelijk van het werk. Herman Lamers (oud-docent AKV St. Joost) stelde in het eerste jaar bij elk werk de vraag: “Wat voor feestje is dit?”. Toentertijd snapte ik die vraag nooit… Waarom moet het een feestje zijn en volstaat een begrafenis niet? Het is een goede vraag om de lading in het werk te ontdekken. Hoe moet het werk benaderd worden? Deze afweging in de manier van benaderen komt ook terug tijdens het maakproces. Het beeld dat onder mijn handen ontstaat bepaalt mijn omgang met het werk. Ik reageer continu op mijn eigen handelingen.’ 

Cas van Deursen Ron, de waterpuzzelaar (Ron, The Waterpuzzler), 2019 Olieverf, acrylverf, spraybusverf, siliconen, collage op doek (3x) 190 x 140 cm.
Cas van Deursen Ron, de waterpuzzelaar (Ron, The Waterpuzzler), 2019 Olieverf, acrylverf, spraybusverf, siliconen, collage op doek (3x) 190 x 140 cm.

Het beeld dat onder mijn handen ontstaat bepaalt mijn omgang met het werk

Wanneer is een doek af
‘Dat is moeilijk uit te leggen, ik denk dat het meer een gevoel is. Drie stappen voordat het af is weet ik wat er nog moet gebeuren om het af te maken. Elke kunstenaar kent het moment dat het doek verkloot is wanneer er te veel aan is gedaan. Sommige doeken bestaan uit verschillende lagen en hebben meer geleden om te worden wat het nu is. Door de jaren heen heb ik mezelf geleerd op tijd te stoppen en elementen uit het ene werk mee te nemen naar een volgend werk. Zo leven de beelden door in elkaar en ontstaat er een lopend verhaal.’ 

Elke kunstenaar kent het moment dat het doek verkloot is wanneer er te veel aan is gedaan.

Zijn er terugkerende onderwerpen of thema’s waar je je in je werk toe verhoudt? 
‘Als ik op straat iets tegenkom wat me aanspreekt, kan dat mijn subject worden. Ik verzamel geen troep. Objecten die ik meeneem bevatten een tipje van de sluier van het leven van een vreemde: kassabonnetjes, boodschappenbriefjes, polaroids of bankkaarten. Allemaal objecten waar ik zelf een verhaal aan kan knopen en over kan fantaseren. Het gaat over de relatie tussen mij en de onbekende ander, de vreemdeling.’ 

----
Dit interview is geschreven in opdracht van de Buning Brongers Prijzen, zonder redactionele inspraak. De Buning Brongers Prijs is een tweejaarlijkse Nederlandse kunstprijs voor jonge beeldend kunstenaars. De prijzen worden uitgereikt door de Buning Brongers Stichting uit de nalatenschap van Johan Buning, zijn vrouw Titia Brongers en zijn schoonzus Jeanette Brongers. De Buning Brongers Prijs is de grootste particuliere kunstprijs van Nederland en is sinds 1966 uitgereikt aan 150 kunstenaars. De kandidaten voor de prijs worden door kunstopleidingen uit het hele land voorgedragen. Aan de prijs is een geldbedrag verbonden van € 4.500.

Voor de winnaars wordt van 2 tm 18 oktober een tentoonstelling georganiseerd in Arti et Amicitiae en een catalogus uitgegeven in samenwerking met ontwerper Sido Dekkers en Mister Motley. De prijzen worden op 2 oktober uitgereikt in Arti et Amicitiae. U bent van harte welkom! U kunt zich hier aanmelden.

De prijswinnaars van 2020 zijn Cas van Deurssen, Anders Dickson, Clémence de La Tour du Pin, Gabriele Adomaityte, Leo Arnold en Vera Gulikers. Tot de prijsuitreiking zal Mister Motley elke week een interview met een winnaar publiceren.

Klik hier voor meer werk van Cas van Deurssen

Ook adverteren op mistermotley.nl? Stuur dan een mail naar maurits@mistermotley.nl