De Fine Art afdeling van de Maastrichtse kunstacademie is nooit zo groot en de eindpresentatie wordt altijd in een bijgebouw met zo’n 35 kamers gehouden. Dit jaar viel op dat de expositie een mooi geheel vormde; de werken leken wel door een curator voor een tentoonstelling bijelkaar uitgezocht te zijn. Alle werken hadden ook een titel (meestal goed bedacht) die op titelkaartjes bij het werk vermeld werden. Sommige kunstenaars toonden hun werk in een ruimte, maar de meesten hadden vespreid door het gebouw in diverse kamers werk staan. Hieronder volgt een verslag van de werken die mij het meest opvielen.

In de grootste zaal toonde Emile Hermans dertien zwarte bakken liggend op de vloer. In iedere bak was de constellatie van een sterrenbeeld te zien gevormd door pillen verschillend in grootte en kleur. In een andere ruimte presenteerde hij een beeldgrap, op een lcd-scherm zag je het videobeeld van de achterkant van een lcd-scherm.




Emile Hermans


Stef van den Dungen heeft iets met kleur en wanden; op de benedenverdieping had hij de witte wanden doorzeefd met boorgaten terwijl de muren van de kleine kamertjes van de bovenverdieping iedere een andere kleur hadden gekregen. Elke kamer droeg de naam van twee voetvalclubs uit een land, zo heette de roze kamer “Ajax – Feyenoord”, en de aquablauwe kamer “Celtic – Rangers”. De kleuren in combinatie met de landen waaruit de voetbalclubs komen, gaven een andere beleving van de ruimten.




Stef van den Dungen


Opvallend is dat Maastricht ieder jaar wel een beeldende kunstenaar heeft die een ruimte geheel met een materiaal heeft bedekt of ingevuld. Meestal zijn het installaties zonder enige vorm van figuratie, het is vooral het materiaal zelf dat spreekt. Vorig jaar was een grote zaal nog gevuld met allerlei gipsen vormen in lieflijke pasteltinten. Dit jaar had Gladys Zeevaarders eveneens met gips gewerkt maar ook met beton, en bouwmaterialen als bakstenen, dakpannen, metalen pijpen, zand. Haar ruimte had vooral een rauw en rommelig karakter alsof hier puin was neergestort. Maar als je goed keek, zag je dat er zorgvuldig her en der stapelingen gemaakt waren en (letterlijk, dus niet figuurlijk) laag-bij-de-vloerse kamertjes gebouwd waren waarbij een laag gips tussen bouwmateriaal uitgestort was.




Gladys Zeevaarders


Kim Reijntjens had een grote ruimte geheel in beslag genomen voor het vertonen van een videowerk. Er was geluid maar het hoorde niet echt bij de getoonde videobeelden. Te horen was een man die in het Engels strenge opdrachten gaf aan een ander, zoals sta op, ga in het licht staan, maak je gezicht schoon, sneller, sneller! Verder was de gehele ruimte gevuld met een groot rood tapijt dat vanaf het plafond tot op de grond was uitgerold. Daar stond een stoel theatraal uitgelicht door een lamp. Uiteindelijk bleek dat alle los getoonde en te horen onderdelen in de ruimte, tezamen een installatie vormden. Achter en onder het tapijt stonden de props die gebruikt waren voor het videowerk dat bij het geluid hoorde en dat daar te zien was op een kleine monitor. De beelden van een actrice die de instructies van een regisseur opvolgt hier, en het geluid verderop in de ruimte liepen niet synchroon, maar dat was juist de bedoeling. Het geluidswerk was nl juist bij een andere video te horen waarop een jonge vrouw een blonde pruik opdoet en acteert dat zij een naieve jonge vrouw is die een waar gebeurd verhaal vertelt. Het begint vrolijk, maar eindigt melancholisch. Alle fragmenten tezamen in de ruimte vormden een intrigerende installatie die pas na een poosje als een puzzelstuk in elkaar vielen.






Kim Reijntjens


Anke Huntjens heeft iets met ‘horror vacui’, oftwel angst voor het lege, en vulde twee ruimten en ook het trapgat met haar werken. De meest speelse installatie stond vol met sculpturen en werken gemaakt van plastics en andere goedkope materialen. In het midden lag een opgeblazen luchtfiguur van supermarkttassen, onder een boog van verzaagde frituuremmers kon je naar achteren lopen langs kinderpoppen met discoballen als ledematen, doorzichtige wandjes van verknipte petflessen.


Anke Huntjens


Helemaal achterin in een klein kamertje kon je een ‘een-op-een’ performance van Felix Dorer krijgen. Hoewel dit echt typisch is voor de eindexamenexposities van 2015 (er is overal wel iemand die een intiem gesprek met een persoon houdt, of voor een persoon optreedt), viel Felix op door niet veel aan/van de bezoeker te vragen en te vergen. Je mocht tegenover hem aan tafel zitten zodat hij een zelf geschreven gedicht of verhaal uit zijn hoofd aan je kon vertellen. Met mijn ogen dicht werd ik meegenomen in zijn fantasiewereld waarin hij met een prachtige zachte stem verhaalde over een monster. Hij werkte ook samen met de volgende kunstenaar aan een (f)luistermuur waarin gesproken werd over het begin van het zijn.


Felix Dorer


Sara Bachour presenteerde 5 verschillende werken waarbij zij soms ook samenwerkte met andere mensen zoals oa Felix Dorer. Naast een video-installatie, twee geluidswerken, toonde zij een grappige installatie met accuboor, schepje en dweil voor zowel volwassene en kind. De kleine versie van het origineel was zeer perfect nagemaakt in plastic en andere materialen. De meeste indruk maakte haar humoristische video “Fables” waarin 13 gebruiksvoorwerpen met de vorm van een dier al ronddraaiend in beeld getoond werden. In het Italiaans (en met Engelse ondertiteling) werd verteld hoe het desbetreffende dier in de uiteindelijke vorm als gebruikvoorwerp terecht was gekomen.






Sara Bachour


De eindexpositie van de kunstacademie van Maastricht was te zien van 3 t/m 5 juli 2015.