Mister Motley heeft een boek gemaakt. Koop hier 'Dit is een vertaling'.

Image

Met Gijs Frieling naar de expositie over Rudolf Steiner

18-11-2014 Heske ten Cate

Sinds 13 september is de tentoonstelling: ‘Rudolf Steiner. Alchemie van het alledaagse’ in de Kunsthal te zien, een tentoonstelling die rond de hele wereld reist, die belooft een inzicht te bieden in de ingewikkelde materie die Steiner en zijn tijdgenoten optekenden, een tentoonstelling die de mistige sluier rondom de omstreden ideeën van deze Oostenrijker optrekt als ware het een hoeken-loze puzzel, waarvan alle stukjes ineen vallen bij het zien van de verzameling objecten en ideeën aan de gekleurde wanden van het museum. De tijd is er klaar voor.

De tentoonstellingsruimte is donker, vol en chaotisch. Het is ontzettend druk, veel oudere mensen die betekenisvol knikken bij het zien van een film over euritmie (zie afbeelding), zelf hebben zij vroeger op de Vrije School waarschijnlijk ook zo gedanst. Spontaan gebaart een oud heertje het begin van Steiners alfabet in bewegingen midden in het museum.
In het begin van de expositie worden vooral boeken getoond, handgeschreven documenten van Steiner, sleutelwerken in de antroposofie. Om de hoek hangen portretten en foto’s. Een oudere Poolse dame in een dikke blauwe wollen rok gaat met een portret van Rudolf Steiner op de foto zoals veel mensen met een kunstwerk op de foto gaan. ‘My father knew Rudolf Steiner’ zegt ze verontschuldigend, wanneer ze zich bewust wordt van de aandacht die haar fotoshoot trekt. Deze mededeling doet ontzag wekken bij de rest van de bezoekers. Rudolf Steiner is een rockster onder de verlichte denkers. Een rockster en een vreemde outsider, want wat is hij nou eigenlijk? Wetenschapper? Filosoof? Theoloog? Chemicus? Architect? Kunstenaar? Voedingsdeskundige? Danser? Pedagoog? Boer? Helderziende? Arts? Farmaceut? Journalist? Therapeut? Geestelijke?

Rudolf Steiner in 1923
Rudolf Steiner in 1923

Uit het boek '100 jaar euritmie in Nederland'
Uit het boek '100 jaar euritmie in Nederland'

Rudolf Steiner was een alleskunner, een wijsgeer die zich overal tegenaan bemoeide en dat maakt hem soms lastig te doorgronden. Er zijn 345 boeken van Steiners’ hand waarin hij lezing geeft van zijn antroposofische ideologieën op alle aspecten van het leven, en dat allemaal in 64 jaar tijd. Zodoende blijft er iets onduidelijks kleven aan de antroposofie, want hoe is het mogelijk dat 1 man hervormingsideeën ontwikkelde op zoveel verschillende gebieden? Zelf zegt hij over de antroposofie: ‘Antroposofie is een weg naar inzicht die het geestelijke in de mens met het geestelijke in de kosmos wil verbinden. Zij maakt zich in de mens kenbaar als een behoefte van het hart en van het gevoel. Zij moet haar rechtvaardiging vinden in het vermogen deze behoeften te bevredigen. Alleen diegene die in de antroposofie vindt waar hij vanuit zijn gemoed naar zoeken moet, kan haar waarde erkennen. Daarom kunnen antroposofen alleen mensen zijn die bepaalde vragen over het wezen van de mens en wereld even existentieel ervaren als zij honger en dorst ervaren.’ — Rudolf Steiner, Kerngedachten van de antroposofie (Wat Michaël wil1924, vertaling 1996) Antroposofie zou je kunnen samenvatten als een zoektocht naar betekenis buiten het waarneembare en een scholing voor het lichaam, de ziel en de geest. Deze drieledigheid is de grondsteen van de antroposofie. De boeken van Steiner zijn alles behalve makkelijk. Het is ingewikkelde materie, met vreemde terminologieën waardoor het lezen tergend traag en frustrerend is en bijna niet te doen zonder pen en papier naast het boek. 

Kort na de oplevering van Steiners’ meesterwerk: het eerste Goetheanum, een soort immens organische tempel, wordt er brand gesticht en blijft er weinig van het gebouw over. Nadat hij de bouwtekeningen van het tweede Goetheanum af gemaakt heeft sterft Rudolf Steiner in 1925. 

Eerste Goetheanum
Eerste Goetheanum

Tweede Goetheanum
Tweede Goetheanum

Eerder dit jaar bevond ik mij in het desbetreffende tweede Goetheanum in Dornach op een conferentie over de dood in de kunst. Namens mister Motley zou ik een lezing geven over het thema. Mijn vader was er ook. Hij is beeldhouwer en antroposoof en nodigde mij uit om eens kennis te maken met de antroposofische kunstwereld. Het Goetheanum voelt aan als een bedevaartsoord. Antroposofische kunstenaars van over de hele wereld reizen voor de conferentie af naar Dornach om er te praten over kunst. Gijs Frieling was er ook om over zijn muurschilderingen te vertellen. Binnen in het gebouw wordt er op gedempte toon gesproken, beleeft naar elkaar geknikt en net als in een kerk is iedereen er in de zomer bedekt gekleed. Ik had niet echt een idee wat te verwachten, maar voelde soms de behoefte om de serene stilte te verstoren. Het weekend bleek vooral een samenkomst van antroposofische kunstenaars afgewisseld met lezingen en discussiegroepen. In het Goetheanum was er een grote overzichtstentoonstelling gemaakt van hedendaagse antroposofische kunst. Het werk van Gijs Frieling hing er niet. De schilderkunst die er wel tentoongesteld werd was eenvormig: abstracte schilderijen met zachte kleuren die vloeiend in elkaar opgaan, volgens de regels van de antroposofie. Het is lastig om deze werken te positioneren binnen de hedendaagse kunst, omdat de hand van de kunstenaar lijkt te ontbreken. Volgens Steiner putten wetenschappers en kunstenaars inspiratie uit dezelfde miraculeuze bron. Het draait om de kracht van de werken, meer nog dan de kunstenaar erachter. Het nalatenschap van Steiner over schilderkunst is strikt. Voor hedendaagse antroposofische kunstenaars is het moeilijk een eigen toevoeging te doen.

Schilderij uit antroposofische meditatiekalender - 'Oktober', maker onbekend
Schilderij uit antroposofische meditatiekalender - 'Oktober', maker onbekend

Is het nodig om als hedendaags antroposofisch kunstenaar je iets van de kunstwereld aan te trekken, of kan deze kunst bestaan, omdat er een selecte groep fanatieke liefhebbers en verzamelaars is van deze antroposofische kunst, en is dat misschien genoeg? Binnen eigen kring worden de schilderwerken zeer gewaardeerd. Dit is echter volgens Gijs Frieling niet voldoende. De lezing die Frieling geeft over zijn eigen oeuvre doet stof opwaaien in Dornach. Hij is met zijn kunst een uitzondering op de regel, omdat de stijl, thematiek en methodes van zijn schilderen afwijken van de gangbare antroposofische kunst. Tijdens de conferentie voelt Gijs als mijn ‘gids’ die het nodige weet te relativeren en me een kijkrichting en kader verschaft. Tegelijkertijd gooit hij een knuppel in het bedevaartsoord en ben ik getuige van diepgravende discussies over de kenmerken van antroposofische kunst en de rol van de kunstenaar. Dat weekend blijkt dat de nalatenschap van Steiner over kunst zowel diepzinnig en interessant is, als een dogmatische reglement  over vorm en inhoud dat sommige kunstenaars exact willen volgen. 
Nu zit Gijs Frieling tegenover mij in het café van de Kunsthal, het TL kunstwerk aan het plafond schijnt als een aureool boven zijn hoofd. We bespreken de tentoonstelling van Rudolf Steiner.

Gijs Frieling
Met Gijs Frieling in gesprek in de Kunsthal

Gijs Frieling, A mon seul desir 2008-2009
Gijs Frieling, A mon seul desir 2008-2009

Gijs Frieling, Vooruitgang 2013, Nijmegen
Gijs Frieling, Vooruitgang 2013, Nijmegen

De antroposofische beweging is groeiende. Steeds meer mensen sluiten zich aan bij de complexe erfenis uit het hoofd van Rudolf Steiner. ‘Hoewel Steiner in zijn tijd een intelligent en vooruitstrevend man was, heeft er geen vertaalslag naar deze tijd plaatsgevonden. De stijl van Steiner klopt exact met de avant-garde rond 1900. Steiner kende zowel Kandinsky als Mondriaan. De innovatie van de antroposofie is echter in de vorige eeuw blijven steken, in een analoog tijdperk althans. Steiner schreef veel over helende krachten van kleur, vormenkracht en het gebruik van materiaal.’ Zodoende heeft ieder klaslokaal van de Vrije School een andere kleur, passend bij de leeftijd en ontwikkelingen van het kind. Dit zou je als een handboek voor kunstschilders kunnen opvatten, sterker nog, er is in Dornach een antroposofische kunstacademie waar de studenten volgens Steiners’ ideologie leren schilderen. 

Gijs Frieling is een eenling in zijn soort. Hij laat zich inspireren door de manier waarop Steiner de wereld observeerde. Gijs: ‘Steiner was zowel modernist en post-modernist, enerzijds laat hij zich leiden door een verzameling van bestaande stijlen en ideeën, maar hij gaat ook in alle ernst op zoek naar het innerlijk, de ziel van de kunst. Geen relativering of ironie, alles in de observaties van Rudolf Steiner is wezenlijk en oprecht.’ Daar kan Frieling zich aan relateren, al heeft hij zeker ook veel gehad aan de manier waarop Steiner over kleur schrijft. De manier waarop Gijs Frieling zijn kleuren aanbrengt; in dunne transparante lagen van zelfgemaakte verf op basis van pigmenten en caseine, ontleent hij onder andere aan de ideeën over schilderen van Rudolf Steiner. Hij schildert vooral in de geest van zijn meester, maar doet dat vanuit een open houding naar de kunstwereld. Ik vraag hem of er nog meer hedendaagse kunstenaars zijn, die net als hij antroposofie met de hedendaagse kunst weten te combineren en vanuit het gedachtengoed van Steiner iets nieuws ontwikkelen. ‘Zeker in Duitsland zijn er, mede door het bijzonder invloedrijke onderwijs van Joseph Beuys op de academie in Düsseldorf, veel kunstenaars die het een en ander van Steiner weten. Maar in Nederland ken ik eigenlijk bijna niemand met een hedendaagse positie in de beeldende kunst die zich met Steiner inlaat. Ruchama Noorda houdt zich onder andere met Steiner bezig, en Waldo Bien, maar die is niet meer erg actief binnen de kunst.’ 

Bordtekening door Rudolf Steiner
Bordtekening door Rudolf Steiner

Bordtekening door Rudolf Steiner
Bordtekening door Rudolf Steiner

In de huidige tentoonstelling wordt er weinig context geboden. Het is alsof Steiner zijn huisraad verkoopt in het museum, een yard sale van al zijn spullen en ideeën. De meubels die er staan doen me denken aan de docentenkamer van de Vrije School, waar wij als giechelende pubers met een balpen hartjes in krasten. Hier en daar ligt een spannend boek, of handgeschreven schrift dat doet verrassen. Toch blijft de tentoonstelling een feest der herkenning voor incrowd, de Vrije School leerling, de euritmist. Deze expositie is wederom een bewijs dat het moeilijk voortborduren is op de ideologie van Steiner. Mensen die echter weinig van antroposofie weten komen er niet veel wijzer van terug. De gebouwen met de missende hoeken kent iedereen al wel, de diepere inhoud ontbreekt. ‘Antroposofie is ingewikkeld, niet zoals de snaartheorie ingewikkeld is, in specialistische, theoretisch-mathematische zin, maar juist omdat het allesomvattend is, en over alles gaat. Rudolf Steiner geeft niet eenduidig antwoord op één specifiek probleem. Hij legt verbanden tussen natuurwezens en machines, tussen architectuur en reïncarnatie, tussen kleur en moraliteit. Het is betekenisvol dat Steiners bordtekeningen een centrale plaats kregen binnen de tentoonstelling van Gioni voor de laatste biënnale van Venetië. Die tentoonstelling rekende subtiel af met de intellectuele en morele pretenties van het recente ‘artistieke onderzoek’, door speculatieve kennissystemen en omvattende visioenen van kunstenaars en outsiders te presenteren. Ik weet niet of Steiner zelf zo gelukkig zou zijn geweest met deze plek in de kunstgeschiedenis, maar het maakt duidelijk dat deze invloedrijke curator hem beschouwd als iemand die over het hoofd wordt gezien. Het is een gemiste kans dat de  tentoonstelling in de Kunsthal niet meer behelst.’ aldus Gijs Frieling. Ik kijk ernaar uit als er een expositie rondom antroposofie verschijnt die dieper inzicht geeft in Steiners benadering over antroposofie en kunst. Waarin ook speculatieve kennissystemen en omvattende visioenen van kunstenaars en outsiders worden gepresenteerd: misschien zal Gijs Frieling er ooit een samenstellen.

Voor meer informatie over de tentoonstelling in de Kunsthal
Voor meer informatie over Gijs Frieling

Beelden uit de tentoonstelling:

Rudolf Steiner werkt aan het sculptuur ‘De Representant van de Mensheid’ 1919 ©Staatsarchief Basel-Stadt, foto Gertrud von Heydebrand-Osthoff
Maquette van ‘De Representant van de Mensheid’ 1919

Rudolf Steiner werkt aan het sculptuur ‘De Representant van de Mensheid’ 1919 ©Staatsarchief Basel-Stadt, foto Gertrud von Heydebrand-Osthoff
Rudolf Steiner werkt aan het sculptuur ‘De Representant van de Mensheid’ 1919 ©Staatsarchief Basel-Stadt, foto Gertrud von Heydebrand-Osthoff

Schets voor raam tweede Goetheanum
Schets voor raam tweede Goetheanum

Jospeph Beuys, Richtinggevende krachten, 1977
Jospeph Beuys, Richtinggevende krachten, 1977

 

Ook adverteren op mistermotley.nl? Stuur dan een mail naar maurits@mistermotley.nl