Rennend, gillend en lachend wordt de doodskist gedragen. De chaotische tocht brengt de overledene met horden en stoten naar het familiemausoleum. De kist ploft af en toe op de grond en schommelt van links naar rechts.

In een hoekje in de expositieruimte van Nieuw Dakota, krijgt de bezoeker op een zeer subtiele manier, een inkijk in een ceremoniële begrafenis van Torajanesen uit Zuid-Sulawesi. Een kleine, ronde spiegel, omhooggehouden door een Indonesisch uitziende houder, toont de film van Naro Snackey.

De processie is buitengewoon vrolijk en, voor ons serieuze koffie en cake begrafenis mensen, nogal rommelig van aard. Allereerst wordt een stier geslacht om een gelijke spirituele staat als de overledene te behalen. In een grote kring, waarbij iedereen hand in hand is verbonden, wordt gezongen. Nadat gezamenlijk om de kist wordt gehuild, begint de tocht, waarbij een stoet midden door de velden, modder en plassen passeert. In stijl met het informele en warrige karakter van de begrafenis, komt de rouwstoet onsystematisch aan bij het mausoleum, waar wordt bediscussieerd aan welke kant van de kist nou de benen van de overledene liggen.

Dood en doodgaan is bij de Toraya’s het proces van een universele cyclus. Zowel animistische elementen als christelijk-protestantse invloeden smelten samen in de Tana Toraya cultuur. De meeste Torajanesen zijn in de koloniale tijd door Nederlandse zendelingen bekeerd tot het Christendom. Tegelijkertijd leven er nog veel oude religieuze gebruiken en gewoontes voort.

 

Fragment uit 'Tana Toraya', Death Ceremony, Procession, video installation van Naro Snackey, 2016
Fragment uit 'Tana Toraya', Death Ceremony, Procession, video installation van Naro Snackey, 2016

Fragment uit 'Tana Toraya', Death Ceremony, Procession, video installation van Naro Snackey, 2016
Fragment uit 'Tana Toraya', Death Ceremony, Procession, video installation van Naro Snackey, 2016

 

Indonesië en Nederland delen een discutabel verleden. Vorig jaar vierde Indonesië haar zeventigjarige onafhankelijkheid. Nu, een jaar later, staan er in de groepstentoonstelling in Nieuw Dakota werken van zowel Nederlandse als Indonesische kunstenaars die het afgelopen jaar aan elkaar werden gekoppeld en onderzoek deden naar kolonialisme, migratie, cultureel erfgoed, identiteit en persoonlijke herinneringen en verhalen.

Rethinking Home toont de huidige verbintenis, die uit het verleden voortkomt, tussen Indonesië en Nederland.

 

“My anger swells up, sad, I feel sad.” Een bewoner uit Atjeh vertelt in de documentaire Counter Memory 010 van Kaleb de Groot en Iben Trino-Molenkamp over zijn rouw. De boosheid, als gevolg van de Atjehoorlog, is in het bijzonder gericht op Nederlanders. Zij hebben daar veel kapot gemaakt en vermoordden de voorouders van de huidige bevolking. De verdrietige man is het nageslacht van de oorlogsslachtoffers, wat hem in zekere zin zelf ook slachtoffer maakt. Het fragment waarin een gravendelver vertelt over hoe hij nu nog steeds lijken van vermoorde mensen aantreft, laat zien dat het verleden nog tastbaar aanwezig is in het gebied. Het zorgt bovendien voor een (hernieuwde) aanwezigheid van de historische gebeurtenissen bij het publiek.  

Om de boosheid naar aanleiding van de gruweldaden in Atjeh te stillen, hebben lokale mensen ideeën over het construeren van een monument. Het scherm waarop de documentaire te zien is, hangt aan een constructie, gebaseerd op het ideale monument van de bevolking.

 

Kaleb de Groot & Iben Trino-Molenkamp, 'Counter Memory 010', video installation, 2016
Kaleb de Groot & Iben Trino-Molenkamp, 'Counter Memory 010', video installation, 2016

 

De geschiedenis en de koloniale verhoudingen tussen Indonesië en Nederland lijken stillaan weggeëbd in het collectieve geheugen. Toch zijn herinneringen en herdenkingen nog vers aanwezig. Cultureel historische en persoonlijke gebeurtenissen vermengen zich op een bijzondere manier in Tampan Ship of Souls. Jennifer Tee toont wandtapijten, waarvan de voorstelling geheel is opgebouwd met gedroogde tulpenbladen. Een van de tapijten toont twee schepen die de boven- en onderwereld verbinden. Het andere tapijt toont een levensboom. De tapijten zijn geïnspireerd op de Indonesische scheepskledij, die meestal religieuze voorstellingen met symbolische betekenissen toonden. In beiden tapijten speelt het contact met de vooroudercultuur en de menselijke ziel in verdere levens een grote rol. Referentie naar de Nederlandse tulp is onvermijdelijk door het gekozen materiaalgebruik. Het schip met de mast die op een van de tapijten te zien is, beschouwt Tee als het schip dat haar vader van Indonesië naar Nederland bracht in 1950. Bovendien is haar familie werkzaam in de tulpenindustrie. Een betere samensmelting tussen cultuur, identiteit en historie is haast ondenkbaar na het zien van wandtapijten.

 

Jennifer Tee, Tampan Ship of Souls & Tampan Tree of Life, tulpin petals collage, 2016
Jennifer Tee, Tampan Ship of Souls & Tampan Tree of Life, tulpin petals collage, 2016

 

Bij Rethinking home in Nieuw Dakota ontstaat een bijzondere context waar de zeer beweeglijke doodskist tijdens de ceremoniële begrafenis van de Toraya’s als het ware een spoor achterlaat in de Nederlandse tulpenvelden. Bezoek Rethinking Home nog tot 9 oktober in Nieuw Dakota.

 

Deelnemende kunstenaars:

Ade Darmawan, Agung Kurniawan, FX Harsono, Prilla Tania, Tintin Wulia, Jennifer Tee, Kaleb de Groot & Iben Trino-Molenkamp, Kevin van Braak, Naro Snackey, Tiong Ang

 

Naro Snackey, Concrete Syncretism, installation, 2016
Naro Snackey, Concrete Syncretism, installation, 2016

FX Harsono, Weaving the Fragments of Migration, Gazing at the Identity, Records of the Journey, 2016
FX Harsono, Weaving the Fragments of Migration, Gazing at the Identity, Records of the Journey, 2016

Links: Tiong Ang, A Year of Living Dangerously
Links: Tiong Ang, A Year of Living Dangerously

Tintin Wulia, 40,000 Homes and a Sense of Secrity, 2016
Tintin Wulia, 40,000 Homes and a Sense of Secrity, 2016