Alex de Vries

Wat zijn we aan het doen en hoe zijn we hier terechtgekomen? – op atelierbezoek bij Alexandra Phillips

Interview
31 augustus 2026

De werkruimte van Alexandra Philips lijkt voor Alex de Vries een verzamelplaats van objecten te zijn. Hij ziet dingen waarvan de oorspronkelijke functie nog wel te achterhalen valt, maar nu een kwaliteit bezitten die niet meer met het gebruik ervan samenhangt. Eerder met een mysterieuze, intrinsieke betekenis, een waarde op zichzelf. Alexandra’s atelier maakt deel uit van het Groot Rotterdams Atelier Weekend. Op 19 en 20 september openen door heel Rotterdam zo’n 700 kunstenaars en makers de deuren van hun ateliers. Ontdek kunst van dichtbij, ontmoet de makers achter het werk en laat je verrassen op plekken die normaal gesloten blijven.

Schuin tegenover een grote bouwmarkt aan de Keileweg in Rotterdam ligt het spraakmakende kunstenaarscomplex Brutus, met als buren Kunst & Complex en Atelier Van Lieshout. Alexandra Phillips (VS, 1988) werkt daar sinds 2023 in de voormalige presentatieruimte van galerie Wilfried Lentz.
‘Ik kon deze werkplek huren nadat ik hier had deelgenomen aan de tentoonstelling Obsessions met L.A. Raeven en Joep van Lieshout. Ik hou van dit non-descripte gebied aan de periferie van de stad. Als enige Brutus-kunstenaar die zelfstandig ruimte huurt, prijs ik mezelf gelukkig dat ik hier op de begane grond zit, vlak naast de ingang.’

Haar atelier maakt op mij de indruk een verzamelplaats te zijn van objecten met een rudimentair karakter. Dingen waarvan de oorspronkelijke functie nog wel te achterhalen valt en die nu een op zichzelf betrokken gedaante hebben met een kwaliteit die niet meer met het gebruik ervan samenhangt, maar met een mysterieuze intrinsieke betekenis, een waarde op zichzelf. In een stellingkast lig een meterslang zandkleurig werk dat eruitziet als verweerd kunststof, bijeengehouden door een rood koord dat bij beter kijken blijkt te zijn getwijnd uit plastic zakjes. Het lijkt als een paleontologisch samenstel van gebeente te zijn opgegraven. De tijd is erin opgelost, in een vorm en materiaal waarvan de vergankelijkheid onbestemd is.

Me in my studio Keileweg 14A with Left Out in progress visible (right side) Photo: Steven Maybury 2024

Alexandra Phillips werd geboren in Port Chester, NY maar groeide op in Winston-Salem, NC, de stad die vooral wordt geassocieerd met het sigarettenmerk. Als ik vraag naar haar jeugd haalt ze meteen het boek Barbarians at the Gate: The Fall of RJR Nabisco tevoorschijn. Het boek dat in haar geboortejaar verscheen, beschrijft de leveraged buy-out (LBO) – een koop van een bedrijf waarbij de koper heel veel geld leent om de aankoop te betalen – van fabrikant RJR Nabisco, geschreven door de onderzoeksjournalisten Bryan Burrough en John Helyar. Ze geeft ermee aan dat ze zich meer dan bewust is van de economische en financiële machinaties in een nietsontziende industrie en de gevolgen daarvan voor de leefomstandigheden in de stad.
In die atmosfeer groeide ze op met een oudere broer en twee jongere zussen. Haar vader had een steigerbouwbedrijf en haar moeder gaf yogales. Ze gingen uit elkaar toen Alexandra 16 was.
‘Een steigerbouwer is de eerste op een bouwplaats, maar vaak ook de laatste die weer vertrekt. Mijn beide ouders waren vindingrijk en hadden hun leven zelfstandig opgebouwd. Ze waren allebei onafhankelijke denkers met een geweldig gevoel voor humor. Van mijn vijftiende tot mijn zeventiende zat ik op de North Carolina School of the Arts, een middelbare school als voorbereiding op een kunstopleiding. Ik maakte er kennis met uiteenlopende kunstdisciplines in een onderwijssysteem dat je kunt vergelijken met Bauhaus. Naast de beeldende kunsten was er aandacht voor design, muziek, dans en film. Ik heb daar veel tijd doorgebracht met het verkennen van een breed scala aan materialen, processen en technieken. Ik had er een geweldige tijd met veel vrienden. We waren jong en optimistisch, en beïnvloedbaar; een goed moment om kunst te gaan studeren. Na de scheiding van mijn ouders ging ik zelfstandig wonen en ik had op school een eigen werkruimte die uitkeek op de balletstudio.’

Left Out, 2024, plaster, red dirt, hand made rope, foam, plastic 300 x 45 x 30 cm
Free on Board 3/3, 2024, exhibition view CODA Museum Appeldorn, three foam panels, eggshells, paper, chalk, plastic, plaster, wood, acrylic composite 160 x 110 x 12 cm each

Voordat ze schilderkunst en kunstgeschiedenis ging studeren aan Kansas City Art Institute kreeg ze in 2006 een beurs voor een werkperiode aan de Penland School of Crafts in Bakersfield, NC. Daar verdiepte ze zich verder in fotografische processen en technieken. ‘Het was een zomercursus van anderhalve maand over het wat en hoe van de analoge fotografie, maar wat mij betreft vooral een oefening in kijken.’
Tijdens haar studie in Kansas deed ze in 2009 een zogenaamde fellowship van negen maanden aan de Association of Independent Colleges of Art & Design (AICAD) in Brooklyn, New York. AICAD biedt kunststudenten eigen ateliers, kritische beoordelingen en de mogelijkheid om zich volledig onder te dompelen in de kunstwereld van New York City. Alexandra Phillips zou tien jaar in New York blijven. Tot 2016, toen ze werd uitgenodigd voor een residentie van zes maanden bij Atelier Mondial in Bazel, Zwitserland. In 2017 verhuisde ze naar Maastricht voor een residentie aan de Jan van Eyck Academie en begon ze haar professionele loopbaan in Nederland. Hoe dat in zijn werk ging is een intrigerend verhaal.

‘In New York had ik een piepkleine studio en om mijn hoofd boven water te houden werkte ik als assistent voor kunstenaar Chloe Piene, de dochter van de Duitse ZERO kunstenaar Otto Piene. Tegelijkertijd werkte ik in de bediening van een restaurant. Daar kwam een vaste klant regelmatig kleine flesjes Bordeaux drinken. Ik begon eens te laat aan mijn dienst omdat het werk voor Chloe Piene was uitgelopen. De vaste klant vroeg waarom ik zo laat was en ik legde hem uit dat Chloe Piene me nodig had gehad. Die klant van me kende Otto Piene – die was ook de makkelijkste niet, zei hij – en bleek de Nederlandse NUL kunstenaar Jan Henderikse te zijn met wie ik bevriend raakte en ging samenwerken aan speciale projecten. We maakten uiteindelijke samen een muziek elpee, getiteld YOU/I 10”RECORD en de website purepropaganda.org magazine. Binnenkort verschijnt onze nieuwe elpee, Belcanto. Via Jan is mijn verbinding met Nederland tot stand gekomen. Hij heeft natuurlijk ook nog een studio in Antwerpen. Nadat ik een artist-in-residence project aan het Atelier Mondial in Bazel had gedaan, meldde ik me aan voor een postacademisch project van een jaar bij de Jan van Eyck Academie en daarna had ik niet veel trek om terug naar de Verenigde Staten te gaan, omdat Trump aan de macht was gekomen. Daaraan ben ik net op tijd ontsnapt.’

Cascade of Failures exhibition view, Galerie Fleur and Wouter, 2026 works pictured Accessory 2025, Huaquanbei 2026, Exposed Brick 1-3 2026, Time A Tell Tower 2025, Unearthed 2026
Free on Board 2 detail

In Nederland vestigde Alexandra Phillips zich in 2019 in Rotterdam en ze vond snel aansluiting in het professionele beeldende-kunstcircuit. Haar werk is regelmatig in zowel solotentoonstellingen als groepsexposities te zien in met name Nederland, België en Duitsland. Recent had ze nog de duotentoonstelling Cascade of Failures met William Ludwig Lutgens bij Galerie Fleur en Wouter in Amsterdam en deed ze mee aan de tentoonstelling Fragile in Museum CODA. Sinds vijf jaar is ze docent aan de glasafdeling van de Gerrit Rietveld Academie waar ze inmiddels als studio advisor actief is. Ze wordt vertegenwoordig door Coppejans Gallery in Antwerpen.

Ze omschrijft haar werk als ‘zeker sculpturaal en in zekere zin verhalend. De meeste werken vertonen sporen van het maakproces en mijn materiaalkeuzes spelen altijd in op wat er eerder is gebeurd’, hoewel ze er niet van houdt om strikt in een hokje geplaatst te worden. Die eigenschap van haar manier van werken kan goed worden toegelicht aan de hand van de samenhangende werken in Time a Tell dat ze maakte tijdens haar werkperiode bij Buitenplaats Brienenoord in 2025 met Maurice Meeuwisse als curator. Daarover verscheen de publicatie Time A Tell The Making of waarin ze onder meer verslag doet van het maken van een object van meubelschuim. Ze beschrijft daarin haar ontmoeting met twee agenten die ze wijst op het door haar gemaakte object – gemaakt door een rechthoekig gat in de grond te graven en dat als gietmal te gebruiken – dat in hun ogen er eerder uitziet als een aangespoeld stuk piepschuim dan als een sculptuur. Argwanend vragen ze naar haar identiteitsbewijs en maken een rapportje op. Vervolgens verdwijnt de sculptuur, maar duikt ook weer miraculeus op nadat het op een app als een stuk afval is geregistreerd door een daartoe aangestelde rapporteur waarna een gemeenteambtenaar het kan opruimen. Dat gebeurt uiteindelijk niet en de sculptuur wordt door de rapporteur bij haar terugbezorgd.

Alexandra beschrijft in een reeks samenhangende scenes uiteenlopende associaties die deze gang van zaken bij haar oproept, zoals het kunstobject Fallen Astronaut dat de Belgische kunstenaar Paul Van Hoeydonk zegt meegegeven te hebben aan een astronaut die het op de maan heeft achtergelaten waar niemand het kan bekijken. Er volgen nog een aantal intrigerende korte verhaaltjes die de betekenis van de milieuwetenschap over invasieve soorten in de natuur beschrijven en de toepassing van de vorm van een schelp als een benzinestation, een buitenmeubel en een miniatuur zandbak, Ook beschrijft ze nog de transitie van een kanten halsdoek in een houten replica ervan gedragen door de Engelse excentriek Horace Walpole.

Time a Tell Tower, 2025, acrylic composite, plasticine, iron and copper powder, wood, 160 x 65 x 75 cm
Net, 2025, collected string hand knotted into fishnet, 350 cm long, dimensions vary
Exposed Brick 1, inlayed pigmented plaster, insulation foam, plastic, 78 x 56 x 10 cm final work of Time A Tell, utilizing the last pieces of the sandbox shell described in the text

Deze korte verhalen die wonderlijke, triviale eigenaardigheden bevatten, verdiepen op een literaire manier de betekenis van haar verhouding tot de sculpturale kwaliteit die haar werk bezit. Persoonlijk kom ik er niet onderuit haar manier van doen in verband te brengen met de eigenschappen van The Artist’s Novel zoals beschreven en gepraktiseerd door haar Rotterdamse collega-kunstenaar David Maroto. Het wekt bij mij dan ook geen verrassing dat haar eerste elpee met Jan Henderikse als onderdeel van For the Record – een draagbare, op maat gemaakte platenspeler van purepropanda.org die een oplage van 9 kent – is aangekocht door het M HKA in Antwerpen. Daar is senior curator Joanna Zielińska met Maroto het langlopende project The Book Lovers is gestart.
Toch kun je haar werk niet een-op-een tot het genre van de ‘kunstenaarsroman’ rekenen, omdat het niet in de eerste plaats leesbaar is. Daarvoor is het te tastbaar. ‘Ik ben altijd al iemand geweest die veel met de handen werkt en goed observeert; ik let op kleine details en raak bijvoorbeeld gefascineerd door de overgang tussen een hek en de grond.’

‘Ik ben een atelierkunstenaar en ik maak objecten’, zegt Alexandra Phillips, maar die uitspraak zie ik als een simplificatie van de inhoudelijke aard van haar kunstenaarschap. Als ik vraag naar een voorbeeld van een recent werk, toont ze me een metalen object dat er klinisch en industrieel uitziet, maar je merkt meteen dat er iets mee aan de hand is. Het ziet er ook enigszins uit als een uit papier gevouwen kraanvogel, zoals we kennen uit de Japanse origami, al zet die associatie je ook weer op het verkeerde been. Al die misinterpretaties die zich in het ontdekken van de eigenschappen van zo’n sculptuur voordoen, maken precies de wezenlijke aard ervan inzichtelijk. Er doet zich tijdens het maakproces iets voor dat het overgankelijke van de betekenis van de sculptuur veroorzaakt.
‘Dit werk is gebaseerd op het kleine kartonnen inzetstuk dat wordt gebruikt om de oplaadkabel van een mobiele telefoon in de verpakking op zijn plaats te houden. Het is een uiterst delicaat vouwwerkje, dat duidelijk ontworpen is om met de hand te worden gevouwen, voordat het in massa werd geproduceerd en uiteindelijk werd gebruikt als een onbeduidend, misschien overbodig maar niettemin aanwezig onderdeel van een oplaadkabel – iets waarmee we allemaal vertrouwd zijn. Ik heb dat kleine stukje karton uit elkaar gehaald, het op schaal vergroot en, met wat hulp, nagebouwd in staal, een materiaal dat meer aanzien geniet als op zichzelf staand, autonoom object vanuit de vraag wanneer iets direct herkenbaar is of wanneer iets om meer aandacht of bezinning vraagt. Het gaat me niet zozeer om een onmiskenbaar resultaat, maar om de veranderingen die zich voordoen tijdens het maken, aspecten die het gekende verhaal verstoren door van de bestaande eigenschappen af te wijken en die te ontwapenen. Het is maar net vanuit welke hoek je iets bekijkt waardoor de betekenis van wat je waarneemt verandert. Ik vind het ook prettig om dingen te accepteren die nog niet helemaal af zijn, dingen die duidelijk nog in ontwikkeling zijn.’

Huaqiangbei, 2026, hand-cut steel, hand-painted with metal lacquer, 90 x 22 x 30 cm
Huaqiangbei detail

Alexandra’s atelier maakt deel uit van het Groot Rotterdams Atelier Weekend. Op 19 en 20 september openen door heel Rotterdam zo’n 700 kunstenaars en makers de deuren van hun ateliers. Ontdek kunst van dichtbij, ontmoet de makers achter het werk en laat je verrassen op plekken die normaal gesloten blijven.

Advertenties

Ook adverteren op mistermotley.nl? Stuur dan een mail naar advertenties@mistermotley.nl

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

* verplicht