Image

In gesprek met Simon Wald-Lasowski

11 Oct 2018 Daniela Apice

In het kader van zijn solo tentoonstelling (s)he was the picasso of passive-aggressive karate die tot 13 oktober 2018 te zien is bij trampoline in Antwerpen, een gesprek met kunstenaar Simon Wald-Lasowski over de uitgangspunten in zijn werk en zijn blik op de wereld.

Daniela Apice: ‘’Je verzamelt curiosa en alledaagse objecten die je veelal vindt in winkels, op markten en op het internet. Een deel hiervan is in de tentoonstelling samengebracht. In welke mate kun je spreken van een narratief in die assemblage van voorwerpen?

Simon Wald-Lasowski: ‘’Het verhalende aspect is een belangrijk gegeven in mijn werk. Ik zie mijzelf als een 'storyteller' die voorwerpen regisseert alsof het acteurs zijn. Elke object heeft van zichzelf al een narratief. Veel van de objecten die ik verzamel zijn gebruikt of tweedehands en zijn dus intrinsiek al geladen met geschiedenis. Ik vraag mij bij de verwerving ervan af: waarom is het object in de eerste plaats geproduceerd? Door wie wordt het gekocht? Welke rol heeft het gespeeld in iemands leven en aangezien het is weggegooid; waarom wordt het voorwerp niet meer beschouwd als 'worthy of love'!? De objecten die ik verzamel moeten mij raken. Ik vind ze op het eerst gezicht vaak vreselijk en maken mij oncomfortabel. Hun symboliek is vaak zo heftig dat ik daar een fysieke reactie van krijg. Ze confronteren mij met mijn opvatting over wat een goede of slechte smaak is en dat zegt dus indirect ook iets over mijn denken over sociale status. Als een object in mijn bezit komt wordt het opeens weer 'worthy of love, worthy of being saved' en ik probeer mijn initiële afkeer te veranderen in bewondering. Soms zoek ik bewust naar een object voor een verhaal dat ik in gedachte heb. Maar vaak blijven ze jarenlang in mijn archief totdat hun rol zich openbaart op een voor mij onverwacht moment. Zo ontstaat er na verloop van tijd een wisselwerking tussen sommige van mijn verzamelde objecten, wat resulteert in ogenschijnlijke 'toevallige' improvisaties.’’

Simon Wald-Lasowski, (s)he was the picasso of passive-aggressive karate, trampoline, Antwerp, exhibition view.
Simon Wald-Lasowski, (s)he was the picasso of passive-aggressive karate, trampoline, Antwerp, exhibition view.

DA: ‘’Je hebt een achtergrond in de fotografie, is dit van belang geweest voor je huidige oeuvre?”

SWL: ‘’Ik heb 13 jaar gewerkt als commercieel fotograaf. 'You could say I mastered the art of making quick communicative catchy images'! Mijn werk in opdracht was vaak een foto van een object of van een installatie die ik bouwde. Ik maakte dus iets tastbaars, maar het object zelf was alleen als een fotografische reproductie zichtbaar. Ik herinner mij de kunstenares Rachel Harisson in een interview zeggen dat haar favoriete werk van Brancusi de foto’s zijn die hij maakte van zijn studio. Een beeldhouwer die praat over de 2- dimensionale reproductie van een Brancusi werk, i.p.v. over de fysieke ervaring van de sculptuur zelf. Waarmee ik wil aangeven hoe krachtig het medium eigenlijk is”.

‘’Ik vond fotografie zelf te manipulatief inzetbaar om mee verder te gaan, het medium kan de blik van de kijker echt sturen. Het werd voor mij te gemakkelijk om iets ‘moois’ te maken. Ik wou de uitdaging aangaan om te experimenteren met de 3-dimensionale potentie van een werk. Momenteel houdt de fysieke ervaring van mijn ruimtelijke werk mij erg bezig. Er moet een duidelijk verschil zijn tussen de reproductie en de belevenis ervan. Wat voelt iemand die mijn (totaal)installatie betreedt die bovendien niet te vangen is in een paar beelden? Grappig genoeg zei de galeriefotograaf dat mijn show 'niet fotogeniek' was. Dus het voelt echt als een prestatie voor mij om erin geslaagd te zijn iets te maken dat verder gaat dan de reproductiewaarde. Iets dat geen Instagram kunst is, ook al flirt het er wel mee.’’

Monogamy series, 2018
Monogamy series, 2018

DA: ‘’Toch zie ik de fotografische blik binnen de installatie een duidelijke plek innemen. Je zet in op de potentie die voorwerpen hebben als beeld. Met de Monogamy series bijvoorbeeld reik je ons een maatschappelijk denkkader aan.’’

SWL: ‘’Ik zag deze zin voorbijkomen op sociale media die ging over het werk van een fotograaf: 'you’ll never look at a coffee mug the same way again', wat volgens mij de belofte van het medium zelf is. Doorgaans creëert een fotograaf niets tastbaars, hij of zij creëert geen object, maar probeert een nieuwe kijk op de werkelijkheid te activeren doormiddel van framing.
Ik ben steeds minder geïnteresseerd in het maken van nieuwe (kunst)objecten, in het maken van 'trash' met mijn handen. Het idee van de unieke hand van de kunstenaar relativeer ik steeds meer. Er circuleren al zoveel verbazingwekkende objecten en gebruiksvoorwerpen, waarom iets opnieuw maken!? Ik zie mezelf in de rol van kunstenaar steeds meer als ‘shopper'. En in zekere zin, ja, ik begrijp je punt. Ik koester objecten en nodig de kijker uit om scherp te stellen en ze een vraag te stellen. Zijn de makers van bepaalde items/producten zich eigenlijk bewust van de culturele, sociale en historische gelaagdheid die aanwezig is in hun symboliek? Door bepaalde objecten uit te lichten en met elkaar te combineren, probeer ik hun potentiële inhoud te activeren die anders verborgen blijft.’’

‘’De 'Monogamy series' bijvoorbeeld bestaat uit een koffiebeker van een mannelijk figuur waar ‘Just Married’ op staat. De beker is leeg, het mannelijk figuur heeft geen hoofd en ziet er onpersoonlijk uit. Ernaast heb ik een plastic 'smurfin' waterflesje geplaatst als zijn bruid. Zij heeft een Kinder Egg bolling op (de plaats van) haar buik met een tekening van een huis erop. Het cliché van de blonde, onderdanige vrouw wordt hier voor mij geactiveerd. En ook de aanname van heteronormativiteit als standaard. De smurfinfles is bijvoorbeeld, in tegenstelling tot haar mannelijke wederhelft, vol met water gevuld. En binnen die 'scheve' verhouding verwacht de man dat zijn partner hem moet (ver)vullen. Letterlijk. In dat proces zou zij leeg komen te staan. Dit klinkt misschien wat ver gezocht. Het beeld is ook gewoon aantrekkelijk qua vorm en kleur. Maar dit is wel de kritiek die ik erin zie.’’

wall: Untitled, 2018 floor: Hedonistic Doom (detail), 2018
wall: Untitled, 2018 floor: Hedonistic Doom (detail), 2018

DA : ‘’Met al die wegwerpproducten spiegel je de huidige consumptiedrang, maar tegelijkertijd verzamel je het zelf – dat klinkt wat tegenstrijdig.’’

SWL: ’’Ik heb me onlangs gerealiseerd dat mijn werk diep geworteld is in de koopkracht van de middenklasse. Het feit dat ik zelf een middle-class shopper ben, maakt het voor mij mogelijk om te kopen en op te slaan. Het consumeren, verzamelen en hamsteren vereist een zekere hebzuchtige mentaliteit, die ik wel heb. Toch voel ik me ook nauw verbonden met verzamelaars. Ik hou ervan hoe ze uren kunnen praten over waar ze een specifiek object hebben gevonden of wat het object voor hen betekent. En hoewel ze sterk deelnemen aan de rage van consumptie, voel ik dat ze de helende en spirituele energie die in objecten verborgen ligt erkennen, waarvan anderen het object zelf gewoonweg als vulgair beschouwen. Ik heb het gevoel dat ze de objecten meer dan de gemiddelde consument respecteren. Onvermijdelijk benadrukken verzamelaars zo de absurditeit van het kapitalisme, omdat het verzamelen van massaproducten zelf nooit kan uitmonden in een bevredigend, afgerond einde.’’

‘’Ik ben me bewust van het gif dat plastic is, maar toch ben ik gehypnotiseerd door zijn schittering. Dit komt naar voren in het werk 'Hedonistic Doom' waar ik maar liefst 64 koeltassen heb gekocht bij de supermarkt en als tapijt in de tentoonstelling presenteer. De ijsbeer die op deze tas staat afgedrukt geniet overduidelijk van een drankje in de zon terwijl zijn habitat/leefgebied, de arctic,  aan het wegsmelten is. In die zin ben ik niet veel beter dan de hedonistische ijsbeer,  die weet dat hij gedoemd is, maar in zijn machteloosheid besluit een goede tijd te hebben en zichzelf af te leiden van de grimmige realiteit. Dit klinkt erg pessimistisch. Ik weet dat we tot op zekere hoogte veranderingen kunnen aanbrengen en dat we onszelf voor de gek houden door te denken dat we machteloos zijn. We moeten vechten voor veranderingen. Toch weerhoudt de verleiding van plezier en het opgeven van die genoegens velen van ons het nemen van radicale, geëngageerde acties. Ik beweer niet dat ik een oplossing heb voorgesteld en in die zin is mijn standpunt niet tegenstrijdig. Ik wil gewoon delen hoe ik schoonheid in het alledaagse ervaar, in de hoop dat het meer bewustzijn zal brengen.’’

Welcome (detail), 2018
Welcome (detail), 2018

DA: ‘’Sommige werken zoals 'Queens & Queens' en 'Catalogue of Toad' hanteren stijlelementen die refereren aan de zogenoemde 'rainbow' esthetiek. Ook producenten gebruiken vaak deze clichés om hun producten te verkopen. In hoeverre wil je conventies in de hand werken?’’

SWL: ‘’Ik neem aan dat je met de 'rainbow' esthetiek een bepaald stereotype beeldtaal van kleuren, materialen en symbolen bedoelt die wordt geassocieerd met ‘fabulouss extravangant gayness’? De meerderheid van de homoseksuelen identificeert zich helemaal niet met die regenboogglitterclichés en hoewel ik me jarenlang heb geïdentificeerd als hetero, werd ik door mijn kleurrijke outfits toch vaak als homoseksueel gezien. Stereotypen zijn verstikkend en werken destructief, maar overheersen nog steeds onze huidige samenleving. In mijn werk speel ik graag met het verleidelijke potentieel van die clichés. Mijn vorige tentoonstelling bestond uit 28 gipsen aapsculpturen die ik individueel rijkelijk gedecoreerd had met allerlei gebruiksvoorwerpen die als typisch  'mannelijk' of 'vrouwelijk' gezien en bestempeld worden. De figuren krijgen hierdoor een tegenstrijdige inhoud, het werden voor mij mooie, maar ook dreigende wezens met onzijdige genderidentiteiten en vloeibare seksuele oriëntaties.’’

‘’In de Happy Pride poster van Ola die ik op straat heb gespot, herkende ik een soort styling tactiek die ik ook voor mijn apen gebruikte. Aan de Ola ijsjes zijn props toegevoegd zoals een eenhoorn hoofdband of een zeemanshoed om hun identiteit en hun seksualiteit mee aan te duiden. De poster bestaat verder uit een YMCA gaycliché en een ‘black’ Calippo ijsje met daarop een native American hoofdtooi. Ik zag direct dat de poster bedoeld is om de Pride Parade te ondersteunen, maar die tegelijkertijd de clichés versterkt en ook nog eens een racistisch lading in zich draagt. De poster is naar mijn idee heel duidelijk gemaakt door hippe (witte) hetero art directors die er niks van snappen. Of door gay normatieve art directors. Vanwege de 'catchy' kleuren en de positieve boodschap zien maar weinig mensen hoe manipulatief en onderdrukkend dit beeld eigenlijk is.’’

‘’Het werk ‘Catalogue of Toad’ bijvoorbeeld is een ambigu beeld. Hier zijn strikdasjes van opgezette padden op een worstsnijplank in een soort van Pride Parade gearrangeerd. De snijplank heeft de vorm van een uitgerekt varken, wat op zichzelf al een fysiek heftig beeld is. Door te werken met deze geladen beelddragers en met dieren als commodity items werk ik dus indirect mogelijk ook een anti-homo vooroordeel in de hand, terwijl ik juist met conventies probeer te breken. In dat opzicht laat ik met mijn werk bewust ruimte open voor meerdere perspectieven.’’

right: Queens & Queens (detail), 2018 left: Catalogue of Toad, 2018
right: Queens & Queens (detail), 2018 left: Catalogue of Toad, 2018

De tentoonstelling (s)he was the picasso of passive-aggressive karate is nog tot en met 13 oktober te zien bij trampoline in Antwerpen.

Klik hier voor meer informatie over Simon Wald-Lasowski