Image

Het naakte landschap

15 May 2016 Annemiek Smit

Ik sta mijn eentje in zijn slaapkamer, hij is beneden. Ik heb me uitgekleed en laat mijn armen slap langs mijn lijf zwaaien. Ik ga op de bedrand zitten. Me uitkleden leek me een mooi gebaar. Of nou, duidelijk, dat in elk geval. Er hangt een klein spiegeltje aan de muur. Ik sta op en bekijk mijn gezicht van dichtbij. 

Beneden het geluid van een wc die doorgespoeld wordt, ik ga weer zitten. Ik hoor zijn voetstappen op de trap, even twijfel ik of ik onder de dekens moet gaan liggen maar blijf zitten. Het moet er nonchalant uitzien, als de deur opengaat ga ik staan, zoals op een verjaardag. Hij komt binnen en lijkt geamuseerd, maar langzaam verdwijnt de glimlach van zijn gezicht en maakt plaats voor iets anders. 
Hij heeft me gezien, nu echt. 

In het begin van mijn studie aan de kunstacademie was ik bij een performance van twee ouderejaars studenten. Ze waren naakt en renden tig keer op elkaar in. Zodat hun lijven keer op keer op elkaar klapten. 
´Lillend vlees, Rubens gone wrong´ hoorde ik iemand naast me fluisteren. Het was het soort naakt wat je nog lang bijblijft. Kwetsbaar, kwaad en weinig erotisch. 
Want daar ging ik vanuit, als achttienjarige, toen ik hoorde dat de performers naakt zouden zijn. Dat het op z'n minst erotisch zou worden. Maar bloot bleek meerdere, vaak verwarrende, dingen te communiceren. 
Ook ik ging performances doen, maar trok daarbij nooit mijn kleren uit. Wel keek ik toe naar hoe mijn klasgenoten het deden. Vaak uit een soort wanhoopsdaad. Docenten vroegen ons immers keer op keer om meer van onszelf te laten zien. Hun naakt voelde daarom ook anders dan het naakt van Abramovic en Ulay, het stel stond naakt in de ingang van de expositieruimte en maakte op deze manier de ingang zo nauw dat de bezoekers zich naar binnen moesten wringen en tevens een keuze moesten maken, kijk ik Marina of Ulay aan? Gestuurd en dwingend naakt, met een duidelijke vraag. Dat was het probleem van het kunstacademie naakt, het was onduidelijk. 

Naakt suggereert dat je bekeken wordt, of bekeken kan worden. Al eeuwen lang wordt er naar de vrouw gekeken. Moet je als vrouw naakt afgebeeld zijn op een schilderij om in het museum te hangen? Vroegen de feministen zich in de jaren zestig af. En: How does it feel to be a sexobject vraagt Lydia Schouten haar toeschouwers. Tijdens één van haar performances hangt ze in metalen frame vast aan rubberen banden, met een zweep in haar handen rent ze naar voren om zwarte ballonnen stuk te slaan. De rubberen banden trekken haar terug. 
Naakt mag ook choqueren en haar eigen grenzen verkennen. Dat doet het naakt van Melanie Bonajo. Ze vindt dat vrouwenlijven in de kunst helemaal niet gezien worden als echte vrouwen. Ze laat vrouwen hun lichamen beplakken met klei, om hun eigen vorm te herdefiniëren.
We hebben zelf in de hand hoe er naar ons gekeken wordt. Instagram toont ons een breed scala aan naakt. Allemaal open profielen, want we willen bekeken worden.  Maar nu hebben wij de touwtjes in handen, zo denken we. 
Dit mag je zien, maar dat niet. Of meer: Zo mag je me zien, en zo niet. 

Bonajo maakt de anti-selfies. Foto's van zichzelf huilend of plassend in de sneeuw, zo mag je haar zien. Ze is moe van het mooie beeld wat we van onszelf laten zien. De huil- en plasfoto's werden overigens genomen vóór de digitale explosie. 
'Jezelf niet te serieus nemen is het medicijn tegen het hedendaagse narcisme.'
Ze vindt het een probleem, dat in het westen het vrouwelijk naakt als seksueel bestempeld wordt. 
'Een mooie jonge vrouw scheert haar oksels met zeep en kijkt daarbij alsof ze een orgasme heeft.' Dat alles, in een wereld waar een vrouw die borstvoeding geeft van instagram gehaald wordt. Dubieus. 

Melanie Bonajo
Melanie Bonajo

Melanie Bonajo
Melanie Bonajo

Ik kijk naar mijn handen. Ik ben zeven, geloof ik. Mijn moeder staat naast me en knikt bemoedigend, mijn onderbroek moet uit. De dokter doet alsof ze een notitie maakt. Ik heb met balpen op mijn buik getekend. 
'Die mag ze aanhouden.'
Teleurgesteld trek ik mijn hemd omlaag. 
Ik denk met plezier terug aan de luchtigheid van naakt in mijn kindertijd. Op bed springen was leuker in je blootje, en ging je naar de dokter dan maakte je speciaal voor hem een tekening op je buik. Het had niets extra's. Zelfs de komst van mijn borsten veranderden niet veel aan de kwestie. Pas toen de buitenwereld bij er op wees, begonnen ze me zelf ook op te vallen. 

Naakt in de kunst is zo oud als de kunst zelf, de discussies lijken uitgekauwd. Trekt iemand zijn kleren uit in de kunst denken wij allen: ja ja, daar gaan we weer. Maar toch blijven we altijd kijken? Nog altijd voel ik het ergens achter in mijn keel kloppen en wend ik in eerste instantie mijn blik af, als ik langs bloot in het museum loop. Pas als ik mezelf heb toegesproken kijk ik nog een keer. Het blijft een onbekend landschap, omdat je het lang niet altijd mag zien. 

Ik open mijn ogen, hij slaapt nog. De deken is van hem afgevallen, een charmant gezicht. Ontwapenend. Nog nooit zag ik hem kwetsbaar. Hij trekt zijn knieën omhoog, ik streel zijn voorhoofd. Een nieuw soort naakt. Ik ga op zoek naar mijn tas, ik wil mijn schetsboek. Maar als ik weer in bed zit met mijn schetsboek op mijn schoot durf  ik niet meer. Het is te mooi en te kwetsbaar, dit nieuwe landschap.