Tien jaar geleden kwam Jenny Lindblom naar Nederland om te ze studeren aan de Rietveld academie, daarna vervolgde ze haar leerproces aan het Sandberg Instituut. Mister Motley zoekt haar op in Amsterdam, waar ze momenteel een huis huurt, in het midden van het centrum. 

Je woont tien jaar in Amsterdam, hoe is dat als Zweedse?

De afgelopen jaren waren erg hectisch en verbleef ik het meeste van de tijd in het buitenland voor residenties en exposities. Gedurende die tijd in het buitenland had ik maar zo nu en dan paar weken de tijd om terug te keren naar Nederland. Doordat ik al lange tijd in Amsterdam woon, is dit het ankerpunt, een thuisbasis om naar terug te keren.

Je had veel projecten in het buitenland de afgelopen jaren, kun je daar iets over vertellen?

Deze zomer was ik een maand in Texas met het Sandberg Instituut. Hier verbleven we in de stad waar kunstenaar Donald Judd naartoe verhuisde in de jaren zeventig, nu is het een bekende kunstenaarsplek. In 2013 vertrok ik naar Berlijn voor een project vanuit het Mondriaanfonds. Vanuit daar reisde ik naar het dorpje waar ik vandaan kom in Zweden, daar had ik een solo-expositie in het museum. Daarna ben ik doorgereisd naar Stockholm, wat een uur verderop ligt. Vervolgens had ik een andere tentoonstelling in Berlijn, waardoor ik weer paar maanden in Berlijn verbleef. Na Berlijn had ik een tentoonstelling en een residentie in Mallorca. Daarna volgde Rotterdam voor een residentie van een maand, en dáárna ging ik weer terug naar Amsterdam.
Het was een woeligjaar, soms wist ik nauwelijks waar ik was, wanneer ik ’s nachts wakker werd, of hoe ik me eigenlijk voelde.Het hoort bij het kunstenaars beroep tegenwoordig, het is ongelooflijk hectisch, maar ondertussen ook erg bijzonder!

Is het niet heel moeilijk om je te concentreren op je werk tijdens al dat reizen?

Het is speciaal om veel van de wereld te kunnen zien, maar soms ik kan ik al dat prachtigs maar moeilijk waarderen, omdat ik dan alleen maar bezig ben met het regelen van transport en mijn volgende verblijfsplaats. Het is leuker om rond te reizen als je op vakantie gaat en een duidelijke plek hebt om naar huis te keren. Het zwervend bestaan is onrustig en het concept ‘thuis’ is voor mij nogal abstract.
Anderzijds kon ik mij ook wel goed concentreren en is het een erg productieve periode geweest; het afgelopen jaar mocht ik drie solo tentoonstellingen hebben en mijn werk heeft zich sterk ontwikkeld. In het afgelopen jaar ben ik meer gaan werken met zware materialen en grote sculpturen, ik kijk er naar uit om deze techniek verder te kunnen verkennen op een vaste plek.

Hebben de reizen tot inspiratie geleid?
Dankzij mijn verblijf in verschillende steden bezocht ik meetings, besprekingen, tentoonstellingen en lezingen waar ik anders niet was geweest. Het is niet zo dat ik in hotels of in luxe ressorts verbleef.

Wat een gevolg is van mijn reizen, is dat ik - om contact met iedereen te blijven houden die ik verliet en om nieuwe huizen te vinden en op de hoogte te blijven van wat er te doen was in de steden – mij vorig jaar gedwongen voelde om eindelijk een Facebook-account aan te maken. Hiervoor was ik al nieuwsgierig in het online “personal branding” en het verschil tussen je privéleven, je gedachten en ideeën en je sociale leven, werk, vrienden en familie. Tijdens mijn studie aan de Rietveld Academie verdiepte ik mij in hoe het individu wordt beïnvloed door groepsdruk en las ik over de verschillende strategieën die gebruikt worden bij teambuilding kampen. Tot vorig jaar bekeek ik het online “personal branding” nog van een afstandje, nu neem ik er zelf ook actief aan deel.

Je thuis voelen in Berlijn, Stockholm en Amsterdam en in elke stad vrienden, favoriete plekken en je favoriete eten hebben is gaaf – maar het betekent ook dat ik continu mensen mis. Social media zorgen dat de plekken en vrienden altijd aanwezig zijn, alleen wel gefilterd waardoor je een selectie ziet, een selectie die je ook durft te laten zien aan je uitgebreide netwerk van willekeurige kennissen. Met een groot gedeelte van mijn vrienden had ik alleen op deze manier contact en ik besteedde hierdoor meer tijd online. Dit heeft invloed gehad op mijn werk en heeft me meer doen na denken over deze thema’s.

In sommige gevallen had ook de context van de plaats waar ik op dat moment verbleef een meer directe invloed. Zoals toen ik in Mallorca werken maakte waarbij ik zongevoelige kleurstoffen gebruikte die ik aan de zon blootstelde. 

Alle werken die ik gemaakt heb in de afgelopen twee jaar maken deel uit van een doorlopende serie genaamd ‘Very peasant [sic!] stay’, refererend naar een spelfout die ik tegenkwam op de reissite TripAdvisor, die als ondertitel ‘Very pleasant stay’ hebben. Ik vond Peasant een mooie typefout, omdat het een link legt naar lagere klassen, dit klassenperspectief vormt een rode draad in deze serie.

Een paar jaar geleden begon ik met het schilderen van gevouwen handdoeken, het soort die klaar liggen op bedden in hotels. Ik vind dit interessant, het is als een symbool voor luxe, want wanneer je zelf je handdoek vouwt in de vorm van een zwaan is dit echt totale tijd verspilling, een nederig gebaar, waar niemand aandacht aan besteed, maar wat teder is. Wanneer een – vaak onderbetaalde - schoonmaakster dit voor je doet, kunnen we zoiets maar weinig waarderen. De sculpturen gemaakt door schoonmaakpersoneel, combineer ik in sommige van mijn beelden met gips, een materiaal dat meer traditioneel gebruikt wordt in de kunst. En een ander perspectief van waarde en luxe wordt hierbij toegevoegd wanneer ik, als kunstenaar, mij deze beelden toe-eigen. Mijn sculpturen van origami gevouwen handdoeken in de vorm van een zwaan hebben geen direct verband met mijn eigen onderkomens. Ik ben al een lange tijd geïnteresseerd in dit soort beelden als een symbool van “het goede leven”, het geluk en succes waar men graag mee wil pronken bij andere mensen.

Only God will juge me

Een ander voorbeeld is een rug met tatoeage die ik schilderde, met de tekst “Only God will juge me”, een van de vele ''tattoo fails” die ik op internet tegenkwam. Deze tatoeage bestaat echt, maar ik heb de afbeelding wel een beetje bewerkt voor het schilderij. Dit was zeker de beste mislukte tatoeage die ik tegenkwam op Google, omdat het zegt dat alleen God hem zal beoordelen, terwijl tegelijkertijd het hele internet hem uitkotst vanwege deze spelfout. Dit werk, evenals veel andere werken beïnvloed door de ''tan fails'' die op internet rond circuleren, zowel de spelfout als de zonnebruining gone wrong, geven natuurlijk een link terug naar het klasse perspectief.

Het is zo van ‘nu’ dat men elkaar continu aan het beoordelen is, en mensen daardoor ook constant bewust zijn van hun identiteit en de buitenwereld. Offline ervaringen worden gefilterd door een internetperspectief, je wilt geen moment missen om vast te leggen, wanneer je weet dat er likes op de loer liggen, en mensen moeten steeds meer wennen om na te denken over hun persoonlijke merk.

Mijn werk is geen felle kritiek naar de internetcultuur, want het is een enorm complex verhaal daar heb ik geen eenduidig standpunt over. Het is geen pleidooi om Facebook te wissen en niet op ranking-sites te kijken, maar ik geef mijn observaties weer. Daarnaast ben ik onderdeel van de wereld en ervaar ik evengoed de gemakken van internet en Facebook.

De serie bevat zeker serieuze thema's als slechte arbeidsomstandigheden; de stress die kan komen door het voortdurend zien van alle succesvolle momenten die je vrienden online plaatsen; ongelijkheid wegens geslacht, klasse of ras. Maar er is meestal ook een humoristische kant aan de werken. Dit zijn meer reflecties dan kritiek want ik ben dus ook deel van dit alles.

Mijn werken, sculpturen en schilderijen, zijn allemaal doorlopende series. Wanneer ik een nieuw kunstwerk maak zie ik deze vaak in combinatie met de andere kunstwerken, er ontstaat een nieuwe betekenis uit de combinatie van alles samen. Er zijn verschillende manieren om mijn kunst te begrijpen, door de verschillende referenties die ik gebruik. Sommigen zullen de referenties naar YouTube video’s eruit pikken en anderen de referenties naar de kunstgeschiedenis. Dat is logisch en afhankelijk van de bagage van de toeschouwer, ik maak gebruik van beide bronnen en vind het interessant om hedendaagse tendensen te koppelen aan modeverschijnselen uit het verleden. Ik verwacht niet dat iemand alle connecties en bronnen die ik in mijn kunst stop er uit zal halen, je kunt nooit volledig de controle hebben op wat mensen zien. Iedereen heeft een ander bewustzijn en ik ben ook afhankelijk hoe de buitenwereld mij, en mijn kunst ervaart.

Je hebt net je eerste werk in de publieke ruimte gepresenteerd, kun je daar iets over vertellen?

Ik neem deel aan de kunstroute Get Lost aan de Fred Roeskestraat in Amsterdam, mijn werk hiervoor is te zien bij de Gerrit Rietveld Academie. Voor deze specifieke plek legde ik met mijn werk een link naar het archief van Stichting Kunst Openbare Ruimte (SKOR). SKOR is sinds 2012 gesloten en het archief is nu gevestigd in de bibliotheek in het Rietveld.

Mijn kunstbijdrage is een marmeren bankje met het opschrift “EXISTENCE LIGHT”, gegraveerd en geschilderd in een zonsondergang kleurverloop op de rugleuning. Existence light is ook de naam van het toegankelijke lettertype waarmee dit uit het marmer is gehouwen. SKOR gebruikte ook toegankelijke lettertypes als link naar de publieke ruimte; gratis toegankelijk voor iedereen. Het bankje gaat over de opkomst van afwerende architectuur, het wordt steeds moeilijker om gewoon ergens te kunnen zitten zonder daarvoor eten of drinken te moeten bestellen. Een reden voor het gebruik van marmer is om na te denken over de ontwikkeling van kunst in de openbare ruimte in het afgelopen decennium; het marmer is een link naar het meest archetypische idee van een beeldhouwwerk, zoals een beeld uit de klassieke oudheid. SKOR zorgde voor kunst in ziekenhuizen en andere welzijnsorganisaties, het leek mij nou leuk om een plek van welzijn te creëren in een plek die gedomineerd wordt door kunst: aan het water voor de kunstacademie.

Bekijk ook: www.jennylindblom.com