Mirthe Berentsen

Mythes over moeders in de kunst – het gelaagde spinnenweb van onuitgesproken machtsverhoudingen

Essay
30 juli 2021

De zomer is het uitgelezen moment voor reflectie. En dus kijken we terug op het afgelopen half jaar, en selecteren we de stukken die het (her)lezen waard zijn. Mirthe Berentsen signaleert in haar essay ‘Mythes over moeders in de kunst’ een onbetwistbaar verband tussen het scheppen van leven en het creëren van kunst. Maar toch werd het onderwerp van de vrouw als moeder, de moeder als kunstenaar, lange tijd genegeerd binnen de kunst en literatuur.

Als kind keek ik dagelijks naar de Sixtijnse Madonna van Rafaël. Het hing boven mijn bed en was jarenlang het laatste wat ik zag voor ik in slaap viel. De rust, de primaire kleuren, de kalmte van moeder Maria, de engeltjes als vrolijke noot werden voor mij de ultieme verbeelding van moederschap.
Tot ik een boek vond over bevallen met zwart-wit foto’s van schreeuwende vrouwen, bloed en hoofdjes als aliens. Op kraamvisites werd er gefluisterd en betekenisvolle blikken uitgewisseld. Dat waren de momenten waarop de meeste interessante dingen gebeurden, leerde ik al snel. Me oostindisch-doof houdend zat ik bij mijn moeders vriendinnen aan bed en hoorde ik woorden die voor mij geen betekenis hadden, maar als ik het gezicht van mijn moeder mocht geloven was het vooral verschrikkelijk en gefluister vanzelfsprekend. Ik speurde naar de vlekken in de lakens als bewijs van deze mysterieuze horror die blijkbaar hoorde bij het volwassen zijn. Films maakten het er niet beter op: schreeuwende, bezeten vrouwen die badend in het bloed op een ziekenhuisbed lagen, hun knieën vasthielden en vreemde pufff puffff puffff geluiden maakten.


 

Rafaël – De Sixtijnse Madonna, 1513-1514

Met terugwerkende kracht voelde ik me bedrogen, door de Madonna, door de vrolijke babyblogs, door de films, het gefluister, de kunst. Wat niemand me had verteld was dat chaos en angst zouden overheersen, met af en toe een sprankje liefde. De bevalling van het nieuwe leven bracht ook de sterfelijkheid in huis. Als een overweldigende verliefdheid die een verlammende angst voor de toekomst meegeeft, want wat is kan ook weer weg. Het moment van zijn en niet meer zijn is gevangen in een minuut. Geboren om 05:31, overleden om xx:xx. Het indrukwekkende natuurverschijnsel van de bevrijding uit mijn lichaam dat de onomkeerbaarheid van het moment benadrukt laat een implosie-explosie achter. Het was een overweldigende chaos, waarin ik het gevoel had eigenhandig het gehele universum en heelal opnieuw te moet inrichten. De sterren op de juiste plek, de planeten en de zon. Niet alleen mijn organen moesten weer op z’n plek komen na maandenlang weggedrukt te zijn geweest door de nieuwe mens.

Deze paniek is duidelijk voelbaar in de snel flikkerende lichtinstallatie “Mother and Child” (2005) van Jenny Holzer, waarin zij in enkele lichtgevende woorden de gevoelens van angst om het kind te verliezen beschrijft na het krijgen van haar dochter. Het werk is een hommage aan de Duitse expressionist Paula Modersohn-Becker, de eerste westerse, vrouwelijke kunstenaar die een zelfportret schilderde waarin ze zichzelf naakt en zwanger voorstelde. De fragiliteit van die geste en de grootsheid van de betekenis voor de kunstwereld krijgt een andere lading als je weet dat Modersohn-Becker enkele dagen na haar bevalling zou overlijden aan complicaties. Zadie Smith, moeder van twee kinderen, beschrijft het treffend in het prachtige essay ‘Joy’ uit 2013. “Sometimes joy multiplies itself dangerously. Children are the infamous example. Isn’t it bad enough that the beloved, with whom you have experienced genuine joy, will eventually be lost to you? Why add to this nightmare the child, whose loss, if it ever happened, would mean nothing less than your total annihilation?” 


 

Paula Modersohn Becker – Zittende moeder met kind op schot (1906)

 

Paula Modersohn Becker – Zelfportret op 6e trouwdag (1906)

Na de bevalling voelde elke meter die ik verder van mijn dochter weg was als een afscheid, een kleine dood. De troost van het trauma van de bevalling is de respectvolle verwondering voor je eigen lichaam. Dat afgepeigerde, getijgerde lichaam dat in staat is een heelal te scheppen. Dat kan krimpen tijdens het voeden, kan troosten door aanwezigheid en oneindige hoeveelheden voedsel kan produceren zodat het nieuwe lichaam blijft leven. Het kunstenaarschap en die beschikbaarheid lijken niet met elkaar te stroken. Het is de voortdurende mentale en fysieke beschikbaarheid die aan het moederschap wordt toegedicht, die angst inboezemt en mensen ervan weerhoudt. Je moet als maker altijd voor jezelf beschikbaar zijn, voor je eigen werk, je gedachten en de overstromingen van je hoofd. Je moet van de wereld zijn. Het kind doet een aanspraak op die beschikbaarheid, op je wereld.

Terwijl er een logisch verband bestaat tussen het maken, creëren en scheppen van leven en van kunst, werd het onderwerp van de vrouw als moeder, de moeder als kunstenaar, lange tijd genegeerd binnen de kunst en literatuur. Dienend dus onzichtbaar. Op de Biënnale in Venetië in 2013 zag ik de installatie van de Italiaanse kunstenaar Linda Fregni Nagler waarin zij 997 prachtige en gruwelijke foto’s liet zien onder de naam ‘The Hidden Mother’. Het zijn beelden van onzichtbare vrouwen. Op het eerste gezicht lijken de vrouwenfiguren gesluierd, zeker als je de beelden één voor één bekijkt. Wie beter kijkt ziet dat de negentiende en twintigste eeuwse vrouwen bewust onzichtbaar zijn gemaakt. De moeders dienen als onzichtbare stilhouder van de kinderen die gefotografeerd worden. Als spoken worden ze verstopt onder een doek, weggemoffeld van de foto’s terwijl ze helpen deze te creëren, zodat de focus op een ander onderwerp kan liggen. 


 

Linda Fregni Nagler – The Hidden Mother (2013)

Het is precies dit Victoriaanse spook waar Virginia Woolf over schrijft als ze het heeft over “het doden van de engel in het huis”. De onbaatzuchtige, opofferende vrouw in de negentiende en twintigste eeuw wiens doel in het leven was om de mannelijke helft van de wereldbevolking te kalmeren, te vleien en te troosten. Volgens Woolf is het de geïnternaliseerde stem van vrouwen die blijft beweren dat ze moeten zorgen en beschikbaar zijn en daarmee geen ruimte overlaten voor verbeelding en creativiteit. Zelf zei Woolf dat ze die engel had vermoord, zodat ze haar eigen stem kon hebben en horen. Vlak voor haar dood in 2010 werkte Louise Bourgeois samen met Tracey Emin aan de serie ‘Do Not Abandon Me’, waarin zij hun vrouwzijn koppelden aan het wel of niet zijn van een moeder. En het daarbij behorende verlangen, verwachting, verdriet en verlies wat voor hen allebei een rol speelde in hun keuze – hoe anders die ook was. Bourgeois had drie kinderen en Emin heel bewust geen (in een interview in 2015 zei ze daarover “There are good artists that have children. They are called men”). Eenzelfde soort urgentie beschrijft Nobelprijswinnaar Doris Lessing in ‘The Golden Notebook’, waarin zij schrijft over het artistieke en seksuele leven van een ‘vrije vrouw’ die bereid is om het gezinsgeluk op te offeren voor de vrijheid. Letterlijk, want Lessing (toen nog Wisdom) was 23 toen ze haar driejarige zoon en een jaar oude dochter achterliet en een paar straten verderop een nieuw leven begon. Ze had zich aangesloten bij de communistische partij en was ervan overtuigd dat ze op het punt stond een andere wereld voor haar kinderen te creëren. Ze wilde schrijven en dat was onmogelijk zolang ze met een conservatieve en traditionele man leefde.

Het roept de vraag op of haar gebrek aan vrijheid kwam door de kinderen of door een normatief patroon waarin zij werd geacht voor de kinderen te zorgen en haar eigen behoeften ondergeschikt te maken aan die zorg. Noem het het patriarchaat, het gelaagde spinnenweb van onuitgesproken machtsverhoudingen. Lessing doorbrak de norm en beging daarmee de grootste zonde binnen het patriarchaat: ze werd een vrouw die haar oppertaak als moeder weigert. De lijst van mannelijke schrijvers en kunstenaars die hun gezin hebben verlaten om hun hart en dromen te volgen en zich volledig te kunnen weiden aan de kunst is aanzienlijk.

Feminisme en het moederschap hebben een lange en gecompliceerde relatie. De beroemde feminist Shulamith Firestone gaat zelfs zo ver om te zeggen dat vrouwen nooit bevrijd zullen zijn van het patriarchaat als ze niet bevrijd zijn van het juk van reproductie.

Onmacht
In 2017 stond ik op een koude januaridag in Washington DC voor het Witte Huis, de dag na de inauguratie van de 45e president van Amerika. Miljoenen mensen waren tijdens de Women’s March samengekomen en voor het eerst in mijn leven begreep ik fysiek de vele gesprekken, boeken en kunstwerken over vrouwelijke solidariteit, sisterhood en het belang van het groeiende verzet tegen de heersende conventies van de patriarchale samenleving. Activiste en zangeres Janelle Monáe sprak tijdens de Women’s March over machtsmisbruik en de rol van de zwangerschap in de geschiedenis. “I wanna remind you that it was a woman that gave you Dr. Martin Luther King Jr. It was a woman that gave you Malcolm X. And according to the Bible, it was a woman that gave you Jesus” Het applaus hield minuten aan en ze riep alle vrouwen op om voor vrijheid en solidariteit te kiezen.

Feminisme en het moederschap hebben een lange en gecompliceerde relatie. De beroemde feminist Shulamith Firestone gaat zelfs zo ver om te zeggen dat vrouwen nooit bevrijd zullen zijn van het patriarchaat als ze niet bevrijd zijn van het juk van reproductie. Ze verlangt naar de dag dat baby’s gecreëerd kunnen worden in mechanische baarmoeders, zodat de fysieke onderwerping van de bevalling geen onvermijdelijk onderdeel meer is van de vrouwelijke ervaring. Schrijfster Adrienne Rich schreef in Of Woman Born uit 1976 “My children cause me the most exquisite suffering of which I have any experience” en claimt dat de patriarchale oppressie het probleem is met het moederschap, het in stand houden van bepaalde machtsverhoudingen en de mythe van de opoffering. Maar het is complexer dan dat. Monáe ziet zichzelf als womanist, in navolging van schrijfster Alice Walker. Zij wijst erop dat dit een puur witte benadering is van het probleem en voorbij gaat aan een lange geschiedenis van gedwongen sterilisatie en eugenetica, waarin het krijgen van kinderen en reproductie voor vrouwen van kleur een hele andere betekenis heeft. Voor vrouwen van kleur, zo betogen de womanists, is moederschap niet alleen vrijheid maar ook agency. En daarmee het vermogen om individuele keuzes en acties te ondernemen, waarmee het mogelijk is om zelf controle te houden over de omstandigheden.

Hoe anders mijn geschiedenis als witte vrouw ook is, ik herken me in de ervaring van het moederschap als agency. Een ernstige, erfelijke ziekte houdt mijn familie al decennia in een wurggreep. Zelf kinderen krijgen was een vloek omdat ik daarmee het kind zou opschepen met de belasting van ziekte en vroegtijdig overlijden. Toen ik na jarenlang twijfelen besloot dat ik een kindje wilde in ons leven was dat voor mij de grootste stap in het mijzelf toe-eigenen van mijn lot, mijn geschiedenis en gedetermineerde beleving van reproductie. De keus voor het kind was een keus vanuit reclaiming, een overwinning op de dood. Wat volgde was een proces van onderzoeken, hormonen, nog meer onderzoeken, blauwe plekken, hormonale uitbarstingen van dezelfde hormonen die mijn lichaam en geest leken te ontvoeren, en teleurstelling. De rode huilende rivieren uit mijn lichaam die maandelijks leken te onderstrepen dat aan het lot niet te tarten valt. Toen ik uiteindelijk zwanger bleek, bleef ik ‘s nachts wakker om alle mogelijke onderzoeken in JSTOR te lezen over miskramen, percentages en afgebroken zwangerschappen. Elke dag dat het kindje zich verder nestelde in het slijmvlies van mijn baarmoeder sliep ik iets langer.

De dood, een scheiding of grote liefde behoren tot de Grote Verhalen binnen de kunst en literatuur. Zo niet de bevalling en het ouderschap.

Afwezige vaders
In haar essay ‘De moeder aller vragen’ uit 2017 legt Rebecca Solnit de vinger op de zere plek.
Kort na het verschijnen van het essay interviewde ik haar voor de Volkskrant en zij benadrukte hoe noodzakelijk het is dat mannen betrokken zijn en zich inzetten voor het veranderen van de status quo omdat het uiteindelijk in hun eigen voordeel zal zijn. „Heel lang bestond het belachelijke idee dat feminisme de taak is van vrouwen. We zeggen toch ook niet dat anti-racisme de taak is van zwarte mensen? Omdat wij ook wel begrijpen dat witte mensen moeten veranderen als je racisme wilt aanpakken, omdat dat is waar racisme is.” Het feminisme richt zich op het leven van vrouwen, maar het grootste gedeelte van de genderrevolutie vindt plaats in het leven van mannen. De arena van het vaderschap.

De zwangerschap en het daarbij komende ouderschap mag gerust een rite de passage heten, een overgangsritueel dat rijk is aan symboliek. De dood, een scheiding of grote liefde behoren tot de Grote Verhalen binnen de kunst en literatuur. Zo niet de bevalling en het ouderschap. Vorige week zag ik de tentoonstelling ‘Mother’ van de Britse fotograaf Paul Graham. Grote foto’s van zijn moeder, een oude vrouw in – wat lijkt – de laatste periode van haar leven. Slapend, vermoeid en breekbaar. Vele kunstenaars hebben hun moeder geportretteerd, van Whistler tot Freud, Cézanne, Hockney, Ingres, Gauguin, Durer. De moeder is een iconisch gegeven binnen de kunstgeschiedenis, de madonna op een standbeeld. Niet het kind, wel de moeder (je zou er de Freudiaanse theorieën weer van willen afstoffen).

Maar het vaderschap als onderwerp van mannelijke kunstenaars in de kunst en literatuur is vrijwel afwezig. Natuurlijk, we kennen de afwezige vader, de rokende, gokkende, drinkende, schuinmarcherende vader die emotioneel onbenaderbaar is. Of de weggelopen vader, zoals in het prachtige schilderij ‘Single Mother with Father out of the Picture’ (2007) van Noah Davis. Ik vroeg rond of mensen kunstwerken kenden over het prille vaderschap, over de zorgzame vader van een baby, over de angst die ik hierboven beschrijf, over de transformatie van autonoom wezen naar aanwezige vader. Het resultaat was mager tot niets. Een paar liedjes en een documentaire over hippe pappa’s. 


 

Noah Davis – ‘Single Mother with Father out of the Picture’ (2007)

De verre vader is de geïdealiseerde vader. De kwetsbaarheid en opoffering van het ouderschap wordt gelijkgesteld aan het moederschap. Als het zijn van een man betekent dat je geen vrouw bent, dan is het patriarchaat onvermijdelijk. De vastgeroeste ideeën en verwachtingen rondom moederschap hebben invloed en consequenties op iedereen. Zowel mannen als vrouwen lopen vast in de patriarchale normen en verwachtingen, waarin vrouwen leveren en mannen verlangen. Er ontstaat strijd in de verwachtingen, nu mannen niet automatisch de bijrijders zijn van het ouderschap. Steeds meer onderzoek laat zien hoe caretakers hormonale en neurologische veranderingen doormaken als ze veel tijd met hun kind doorbrengen (of dit nu biologische vaders, verzorgers of tweede moeders/vaders zijn). De enorme veranderingen die vaders doormaken zijn te lang over het hoofd gezien, zowel op individueel, maatschappelijk als artistiek vlak. Het veranderen van de status quo is nooit en voor niemand makkelijk. Het heroverwegen van het vaderschap is een essentiële stap in de richting van het creëren van gendergelijkheid.

Zolang representatie van kwetsbare en zoekende vaders ontbreekt kan er ook geen draagvlak ontstaan voor een invulling van een ander soort vader- en kunstenaarschap. Het geromantiseerde idee van de beschikbaarheid die nodig is aan de wereld is de grootste valkuil voor elke kunstenaar. Er ontstaat verwarring over oorzaak en gevolg. Is het ouderschap het probleem, of het ouderwetse en romantische idee van de kunstenaar als geniale gek, de bezeten maniak die losstaat van conventies en mores? Het is een gevaarlijk en geromantiseerd beeld van de kunstenaar dat zowel mannen als vrouwen gevangen houdt. In Linda Nochlin’s baanbrekende essay uit 1971 “Why Have There Been No Great Women Artists?” beschrijft ze het probleem van de kunstenaar als genie. ‘The fault lies not in our stars, our hormones, our menstrual cycles, or our empty internal spaces, but in our institutions and our education—education understood to include everything that happens to us from the moment we enter, head first, into this world of meaningful symbols, signs and signals.’ Patriarchale verhoudingen gaan niet zozeer over mannen maar wel over vroeger, over denkbeelden die in stand worden gehouden door het verleden, berustend op aannames zonder argumenten.

Vulnerability has its own kind of genius schreef ik vlak na de bevalling.

Advertenties

Ook adverteren op mistermotley.nl ? Stuur dan een mail naar advertenties@mistermotley.nl

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

* verplicht

Meer Mister Motley?

Draag bij aan onze toekomstige verhalen en laat ons hedendaags kunst van haar sokkel stoten

Nu niet, maar wellicht later