Waarom Maria Magdalena een queer icon is geworden
Eerder schreef Patrick Verhoeven voor Mister Motley over hoe de kunstcanon verrijkt kan worden met een queer blik op de kunstgeschiedenis, en hoe je queerness in kunst kan herkennen. Maar hoe zit dat met christelijke kunst of kunst geïnspireerd door christelijke thema’s? In een nieuw essay zoomt Patrick in op manieren om queerness in christelijke kunst te lezen. Dat doet hij aan de hand van Maria Magdalena, die vandaag de dag wordt gezien als inspiratiebron voor vrouwenemancipatie en een boegbeeld is voor het feminisme.
Na Maria, de moeder van Jezus, is Maria Magdalena de beroemdste vrouw binnen het christendom, maar ook de meest omstreden nieuwtestamentische figuur. Waar de religieuze iconografie[1] de maagd Maria doorgaans kuis verbeeldt, wordt Maria Magdalena afgebeeld als verleidelijk of juist afstotelijk. Deze Bijbelse figuur doorbrak echter conventies rond gender en geldt tegenwoordig als inspiratiebron voor vrouwenemancipatie en als boegbeeld van het feminisme. Sterke vrouwen uit de populaire cultuur, zoals Lady Gaga, FKA twigs en Kim Kardashian spiegelen zich aan haar vanwege haar intelligentie, eigenzinnigheid en rebelsheid.[2] Maar zou deze Bijbelse figuur ook vanuit een queer perspectief benaderd kunnen worden?
Eerder schreef ik De queer kunst die een correctie op de canon vormt over hoe de kunstcanon verrijkt kan worden met een queer blik op de kunstgeschiedenis en hoe je queerness in kunst kan herkennen. Maar hoe zit dat met christelijke kunst of kunst geïnspireerd door christelijke thema’s en hoe kun je deze spirituele kunst queer lezen? Om queerness in christelijke kunst te ontdekken heb ik puntsgewijs de volgende kwaliteiten uiteengezet die voor mij daarbij van belang zijn:
1. De seksuele en/of genderidentiteit van de maker, kan een rol spelen. Figuren uit de Bijbel worden in de kunsten met regelmaat sensueel weergegeven. Denk aan Maria Magdalena met ontblote schouders en decolleté, of aan een halfnaakte Jezus aan de geselkolom met een laag afgezakte lendendoek. Het thema Ecce Homo van de lijdende Jezus vormt, net als dat van de heilige Sint Sebastiaan, voor kunstenaars een ideale gelegenheid om te laten zien dat zij het mannelijk naakt als artistieke discipline goed in de vingers hadden. Jezus en Sebastiaan worden vaak ‘functioneel’ naakt afgebeeld, met een geïdealiseerd lichaam, al dan niet met ambigue genderexpressie (Anthonissen & Van Straaten, 2019). Het Franse kunstenaars- en liefdesduo Pierre et Gilles heeft in de loop der jaren een reeks gestileerde fotowerken gemaakt van een lijdende Jezus maar vooral ook van Sebastiaan als gay icon, waarin religieuze iconografie wordt gecombineerd met homo-erotiek en het lijden wordt verbeeld in camp en kitsch.
2. De iconografie van de voorstelling, bijvoorbeeld de afgebeelde Bijbelverhalen en -figuren, kan een rol spelen. Door christelijke kunst met een hedendaagse lens te verkennen, een voorstelling waarbij gender, inclusieve liefde of veroordeling een factor zijn, kun je voorbij het traditionele kunsthistorische narratief kijken. ‘Een queer lezing probeert niets kapot te maken, maar juist iets zichtbaar te maken wat vaak over het hoofd wordt gezien’ (Christoff Venema, 2025, p. 107). Queer bevraagt de heteronormativiteit, gaat voorbij aan de platonische liefde en is non-conformistisch. Deze outsiderpositie biedt ruimte om verschillende Bijbelverhalen en -figuren tegendraads te interpreteren.
Zo zijn er Bijbelverhalen die met een andere lezing van liefde, die buiten de norm valt nieuwe queer perspectieven te ontdekken zoals in Oudtestamentische verhalen over Ruth en Naomi (Boek Ruth) en David en Jonathan (Boek 2 Samuël), en in de kunstwerken die deze verhalen verbeelden. Van de veroordelende Bijbelverhalen over hel en verdoemenis zoals Laatste Oordeel voorstellingen moest een waarschuwende werking uitgaan. Zondige mensen zoals ‘sodomieten’ (lees: de homoseksueel) belandden in de hel vanwege seksuele handelingen tussen mensen van hetzelfde geslacht (sodomie), waarvoor zelfs de duivel geen naam had.
3. De manier waarop je naar een kunstwerk kijkt, bijvoorbeeld vanuit een queer gaze, kan een rol spelen. ‘Het onschuldige oog is een mythe’ (Zijlstra, 2020, p. 47), stelt kunsthistoricus Ernst Gombrich die zijn opvatting baseert op de theorie van verlichtingsfilosoof Immanuel Kant. Volgens Kant is de werkelijkheid bovenzintuiglijk.
Als beschouwer zien we nooit het bewuste beeld zelf, omdat onze verbeeldingskracht en het Ding an Sich ons onbekend blijven. We nemen slechts een geestelijke voorstelling van de fysieke werkelijkheid waar (Van den Braembussche, 2012; Zijlstra, 2020). Het verstand en de verbeelding geven vorm aan onze zintuiglijke waarneming, waardoor het beeld dat we ervaren nooit het bewuste beeld zelf is, maar een zintuiglijke indruk. Met andere woorden, we nemen de wereld waar (en dus ook kunst) door een gekleurde lens gevormd door onze geest. Dit impliceert dat christelijke kunst altijd bekeken wordt vanuit een persoonlijk perspectief dat cultureel en tijdsbepaald is. Daarbij ligt de waarnemingsfilter van wishful seeing voortdurend op de loer. Een selectieve manier van kijken die vooral datgene benadrukt wat onze verwachtingen ondersteunt (Herman, 2016).
4. De identiteit van de beschouwer: wie er kijkt, kan een rol spelen. Een voorbeeld uit de hedendaagse kunst is de Deense kunstenaar Henrik Olesen. Het archiefproject Some Faggy Gestures (2007) is een ironische tocht door de kunstgeschiedenis, waarbij: ‘Olesen (mis)reads art history through a blatantly anachronistic queer lens’ (Bishop, 2024, p. 56). De kunstinstallatie bestaat uit borden met afbeeldingen van kunstwerken, gecategoriseerd onder titels als ‘Violence’ en ‘Bondage’. Ze tonen verschillende voorstellingen van een gemartelde Jezus en Sint Sebastiaan, die in deze context een duidelijke homo-erotische lading krijgen vergezeld van tekstueel commentaar van de kunstenaar.
Queer narratief
In 2016 verleent paus Franciscus aan Maria Magdalena dezelfde status als de andere twaalf apostelen (Wijnia, 2022). Als Bijbelse figuur heeft zij door de geschiedenis heen een kronkelige weg vol onbegrip afgelegd. Als volgeling van Jezus werd ze door de laatantieke paus Gregorius de Grote (6e eeuw) in een kwaad daglicht gesteld omdat ze een bekeerde sekswerker was. De figuur van Maria Magdalena is echter een construct waarbij drie personen tot één vrouw zijn samengevoegd, namelijk: Maria uit Magdala bij wie Jezus zeven demonen uitdreef, die bij de kruisiging aanwezig was en aan wie hij als eerste verscheen, een ‘zondares’ die Jezus voeten zalfde en Maria van Bethanië, de zus van Lazarus. Later vond ook een vermenging plaats van Maria Magdalena en Maria van Egypte, een voormalige sekswerker (5e eeuw) die bekend stond om haar lange haren. Zij leefde dertig jaar boetvaardig (berouwvol) in de woestijn (Hall, 1992). In vroegchristelijke literatuur[3] komt echter naar voren dat Maria Magdalena waarschijnlijk één van de belangrijkste nieuwtestamentische figuren is. Door de middeleeuwse theoloog Thomas van Aquino (13e eeuw) werd zij ‘…the apostle to the apostles’ genoemd en zij is waarschijnlijk degene die het evangelie van Jezus aan de andere discipelen doorgaf (Griswold, 2025). Maar de Bijbelse vrouw heeft eeuwenlang te maken gehad met misogynie en #metoo-gerelateerde patronen, veroorzaakt en in stand gehouden door de katholieke kerk. Machtsstructuren die nog steeds doorwerken in onze westerse samenleving. Je zou kunnen stellen dat Maria Magdalena als vrouw het normatieve Bijbelse verhaal verstoorde, bekeken vanuit een mannelijk-patriarchaal perspectief.
Volgens filosoof en gendertheoreticus Judith Butler moet gender worden begrepen als een ‘performance’ en niet als een vaste ‘genderrol’. Men geeft zelf vorm aan gender door het te ‘performen’ op basis van overgeleverde gendernormen (Butler, 2024). Maria Magdalena werd door de katholieke kerk als zondares neergezet omdat zij afweek van de geconstrueerde vrouwelijke gendernormen. Zij voldeed niet aan het beeld van de aan de man ondergeschikte, zorgzame vrouw, maar nam een prominente positie in binnen het gevolg van Jezus. Het beeld dat van haar werd gecreëerd als bekeerde sekswerker was bedoeld om af te schrikken.
Als filosofisch en kritisch concept bevraagt queer heteronormativiteit en patriarchale structuren. Queeren als werkwoord staat voor aandacht geven aan wat wordt verzwegen, het kritisch bevragen van vanzelfsprekende aannames en het aanbrengen van een ontregelende ‘twist’. Vanuit haar gemarginaliseerde positie past Maria Magdalena binnen een queer narratief, waarin verhalen over seksuele en genderdiversiteit centraal staan. ‘The patron saint of outcasts, she embodies uncertainty’ (Griswold, 2025), aldus dichter en journalist Eliza Griswold. Door haar ambiguïteit als liminale figuur, zondares én heilige tegelijk, zou deze krachtige vrouw kunnen worden gezien als beschermvrouw van queers, oftewel een queer icon, vergelijkbaar met de rol die Sint Sebastiaan binnen de homogemeenschap inneemt.
Door de eeuwen heen is Maria Magdalena binnen de religieuze iconografie afwisselend verleidelijk en afstotelijk afgebeeld. In de kunsten wordt zij veelal op twee manieren voorgesteld, als rijk geklede vrouw met juwelen vóór haar bekering als sekswerker en als berouwvolle vrouw (voormalige sekswerker) gekleed in een eenvoudig gewaad, of naakt – slechts bedekt door haar lange haar. Vaak wordt zij afgebeeld met attributen als een zalfpot (het zalven van Jezus voeten), een kruis en soms een doornenkroon (verbonden met het lijden van Christus), een boek (het uitdragen van het geloof) of een doodshoofd (de vergankelijkheid van het leven). In de iconografie verwijzen haar lange haren zowel naar de haren waarmee ze de voeten van Jezus droogde (bij het zalven), naar de haren die ze afknipte als bekeerde sekswerker als naar de ongetemde lange haren van Maria van Egypte die haar naakte lichaam bedekten (Hall, 1992). Dit alles zorgt voor een complexe iconografie.
Representatie in kunst
Jaren geleden werd ik getriggerd door het beeldje Knielende Maria Magdalena (c. 1525). Het Magdalena-beeldje van de Maastrichtse beeldsnijder Jan van Steffeswert ontroerde mij dagelijks tijdens mijn stage in het Bonnefanten. Ik zag een rijk geklede figuur met een hoofdtooi en twee lange haarvlechten, in vol verdriet met ineengeklemde handen. De verfijnde manier waarop dit aangrijpende vrouwenfiguur uit hout is gesneden en van kleur is voorzien (polychromie) oogt delicaat, maar ook krachtig. Wie was deze vrouw precies? Vaag wist ik het wel.
Nu weet ik dat een boetvaardige Maria Magdalena moest waarschuwen voor onzedelijk gedrag zoals Penitent Magdalene (c. 1454) van de Italiaanse renaissancebeeldhouwer Donatello. De figuur verbeeldt: ‘…een door vasten en onthouding uitgeteerde gestalte’ (Veen & Vasari, 2011, p. 119) waarbij het naakte lichaam door haar haar is bedekt. De kunstenaar verwerpt in dit houten beeld de klassieke esthetica, niets is geïdealiseerd door het fysiek realisme. Een griezelig beeld dat mij in de jaren 90 uitermate fascineerde.
Heel anders is Maria Magdalena in Extase (1606), toegeschreven aan Caravaggio. Het schilderij toont haar in extase en bevat erotische accenten, zoals haar achterover geworpen hoofd, een betraand oog, een halfopen mond en ontblote schouders. De Italiaanse barokkunstenaar verbeeldt deze mystieke ervaring door haar, al luisterend naar de hemelse harmonieën van engelen, in vervoering te laten opgaan (Deb, 2025).
Een kunstenaar die ik enorm bewonder om wie ze was is Artemisia Gentileschi. De vrouwelijke barokkunstenaar maakte verschillende Maria Magdalena-schilderijen waarin ze haar veeleer afbeeldt als subject met psychologische en spirituele intensiteit dan als erotisch object. In het Italië van de 17e eeuw specialiseerde zij zich in voorstellingen, geïnspireerd door het naturalisme van Caravaggio, waarin krachtige vrouwen de hoofdrol spelen (Hessel, 2022).
Ook hedendaagse kunstenaars laten zich door Maria Magdalena inspireren, zoals de Zuid-Afrikaans-Nederlandse kunstenaar Marlene Dumas, die meerdere werken van haar heeft gemaakt. Bevrijd van het juk van vooroordelen wordt haar lichaam vol trots en zonder enige schaamte gepresenteerd (Wijnia, 2022).
Het inclusieve karakter en de genderexpressie van de Bijbelse vrouw komen terug in het werk Hairy Magdalena (2024) van de in Nederland woonachtige kunstenaar Dakota Magdalena Mokhammad. Zij groeide op met zowel de islam als de Russisch-orthodoxe kerk en verbindt in dit werk haar queer identiteit met die van Maria Magdalena. Zoals eerder opgemerkt wordt deze nieuwtestamentische figuur vaak afgebeeld met een lichaam dat door ongetemd lang haar wordt bedekt. Mokhammad grijpt dit kenmerk aan door een familiebontjas, generaties lang binnen haar Russische familie doorgegeven als symbool van de transitie van kind naar volwassen vrouw, te verknippen en zo haar eigen Maria Magdalena gestalte te geven (Museum W, 2026).[4]
Met Some Faggy Gestures (2007) rekte Henrik Olesen het kunsthistorische plaatje verder op: hij bekeek oude kunst door een queer lens en geeft zo een ‘twist’ aan de kunstcanon. Door zowel kunstwerken als christelijke kunst te bevrijden uit het traditionele, vastgeroeste narratief kunnen ze nieuwe betekenissen krijgen, zoals blijkt uit de herinterpretaties door de tijd heen van een Ecce Homo-voorstelling van Jezus, een met pijlen doorzeefde Sint Sebastiaan en de gerehabiliteerde Maria Magdalena.
Thuis draai ik het sacrale Magdalene van FKA twigs op de platenspeler, een plaat die voor mij queerness zowel auditief als visueel verbeeldt. Ik hoor een geëmancipeerde vrouw, bevrijd uit het boetvaardige juk, omringd door beats en innovatieve muziek, met daarover een buitenaardse, vaak elektronisch vervormde stem, één die diep binnenkomt. Het narratief van intens verlangen, liefde en pijn raakt mij. Een Gesamtkunstwerk als je het mij vraagt. En dan is er ook nog eens de hoes met het artwork van Matthew Stone waarin FKA twigs aan me verschijnt als Maria Magdalena.
♫ Mary Magdalene
Creature of desire ♫
Voetnoten
[1] Iconografie is het analyseren van de beeldvoorstelling, het onderwerp en de symboliek.
[2] De tentoonstelling Maria Magdalena (2021) in Museum Catharijneconvent legde al eerder deze hedendaagse en actuele link: Lady Gaga (videoclip Judas uit 2011), FKA twigs (plaat Magdalene uit 2019) en Kim Kardashian (foto David LaChapelle – Mary Magdalene Receives the Holy Spirit uit 2018).
[3] Vroegchristelijke literatuur zoals gnostische- en apocriefe geschriften, bevat vaak alternatieve theologieën en interpretaties van Bijbelse verhalen. Deze geschriften worden niet erkend door het kerkelijk gezag in tegenstelling tot de canonieke Bijbel.
[4] Het werk Hairy Magdalena (2024) van Dakota Magdalena Mokhammad is aangekocht door Museum W en zal vanaf maart 2026 in het museum te zien zijn. Tevens maakt het werk in maart deel uit van de Queer Geschiedenismaand een initiatief van IHLIA.
Bronnen
— Anthonissen, A., & Van Straaten, E. (2019). Queer!? Beeldende kunst in Europa 1969–2019. Zwolle, Nederland: Waanders uitgevers.
— Bishop, C. (2024). Disordered attention: How We Look at Art and Performance Today. London-New York: Verso Books.
— Butler, J. (2024). Wie is er bang voor gender? Utrecht: Uitgeverij Ten Have.
— Christoff Venema, J. (2025). Beelddrager van God gezocht (M/V/X): Queer Bijbellezen. Amsterdam: Buijten & Schipperheijn Motief.
— Deb, P. (2025, 13 april). ‘Mary Magdalene in Ecstasy’ comes to India: Behind the enduring legacy of Caravaggio, a painter & an outlaw. The Indian Express. Geraadpleegd van https://indianexpress.com
— Griswold, E. (2025, 19 april). Mistaking Mary Magdalene. The New Yorker. https://www.newyorker.com/culture/the-weekend-essay/mistaking-mary-magdalene
— Hall, J. (1992). Hall’s Iconografisch Handboek: onderwerpen, symbolen en motieven in de beeldende kunst. Leiden, Nederland: Primavera Pers.
— Herman, A. E. (2016). De kunst van het observeren: Scherper denken door aandachtig kijken. Amsterdam-Antwerpen: Uitgeverij Atlas Contact.
— Hessel, K. (2022). The Story of Art Without Men. London: Hutchinson Heinemann.
— Museum W. (2026, januari). Collectiepresentatie Museum W. Weert: Museum W.
— Van den Braembussche, A. A. (2012). Denken over kunst. Een inleiding in de kunstfilosofie. (Vierde, herziene druk). Bussum: Coutinho.
— Van Veen, H., & Vasari, G. (2011). Giorgio Vasari – De levens van de kunstenaars. Amsterdam-Antwerpen: Uitgeverij Contact.
— Wijnia, L. (2022). Mary Magdalene: Chief Witness, Sinner, Feminist. Zwolle: Uitgeverij Waanders & de Kunst.
— Zijlstra, O. (2020). Verbeelding; Over waarneming en kunst (1ste editie). Arnhem: ArtEZ.
—
Patrick Verhoeven is artist educator en initiator van de #queer_beeldbank. Als educator is hij werkzaam bij Museum W, waarvoor hij een queer tour heeft ontwikkeld.
www.queerbeeldbank.nl