Mirthe de Leeuw

‘We hebben ernaar gestreefd dat iedereen in al die klassen fantastisch goed werk kon maken’ – in gesprek met Jacques Blommestijn

Interview
24 mei 2021

In september 2020 werd het boek Wicked Arts Assignments uitgegeven door Valiz. Het boek werd samengesteld door Emiel Heijnen en Melissa Bremmer, lectoren kunsteducatie van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. Hart van het boek vormen de kunstopdrachten die zijn verzameld van over de hele wereld. Mister Motley besteedt dit voorjaar op thematische wijze aandacht aan het boek omdat de opdrachten laten zien dat kunst niet losstaat van het alledaagse en dat iedereen met een goede opdracht aangezet kan worden tot creativiteit, tot het vinden van artistieke oplossingen. Vandaag een interview met Jacques Blommestijn die zelf ook met een  opdracht, ‘Happy Apocalypse’,  in het boek staat.


 

Wicher Hupkes (links) en Jacques Blommestijn (rechts)

Gedurende 36 jaar werkte Blommestijn als kunstdocent op het Rietveld Lyceum in Doetinchem tot hij het afgelopen jaar met pensioen ging. Samen met collega Wicher Hupkes organiseerde hij tentoonstellingen waarin een brug werd geslagen tussen kunst binnen de schoolmuren en de professionele kunstwereld. Tijdens hun lessen creëerden ze een humoristische en op toeval berustende werksfeer waarbinnen iedere leerling werd gestimuleerd om op bloedserieuze wijze een artistiek proces te doorlopen. Jacques en ik ontmoetten elkaar voor het eerst tijdens mijn stage op het Rietveld Lyceum. Nu, vijf jaar later, zoek ik hem weer op voor een gesprek over de rol van de kunstdocent, het schoolsysteem en de liefde voor het misverstand.

Mirthe de Leeuw (ML): Mis je het onderwijs? 
Jacques Blommestijn (JB): Het valt mee, ondanks het feit dat ik het fantastisch heb gevonden. Ik heb een soort sensatielust en dat heerst daar in zo’n school enorm, maar het is ook fijn om alles lekker ontspannen voor jezelf te doen. Je hebt zoveel aan je hoofd als je in het onderwijs werkt. Al die klassen met al die leerlingen, collega’s, programma’s en dingen waar je mee bezig bent, het gonst eigenlijk altijd.
Het is zo dat ik nu rechterop ben gaan lopen, meer om me heen kijk en meer toelaat wat zich zomaar aandient. Ik heb nu bijvoorbeeld de neiging om me te gaan verdiepen. Zo heb ik voor het eerst een kunstbeschouwingsmethode aangeschaft. Dat heb ik nooit eerder gedaan. Ik gebruikte altijd een eigen methode.

Al die klassen met al die leerlingen, collega’s, programma’s en dingen waar je mee bezig bent, het gonst eigenlijk altijd.

ML: Karakteristiek voor de wijze waarop je hebt lesgegeven, is het vooropstellen van de autonomie binnen een groep. Binnen welke opdrachten of op welke momenten zag je deze zelfstandigheid van de groep terug?
JB: Dat is heel vaak voorgekomen. Bijvoorbeeld een groep die helemaal zelfstandig het plein rondom de grote kerk in Doetinchem heeft vol gelegd met planken. Het was raadselachtig waarom daar allemaal planken lagen. Het idee was begonnen omdat ik op een gegeven moment dacht; wat neem ik dit jaar als onderwerp? Meestal aan het begin van het schooljaar doe ik iets, zoals me verkleden of m’n haren verven. Deze keer had ik een plank meegenomen naar school. Ik stond dus op de grote groepsfoto met die plank en de hele tijd sjouwde ik met die plank rond. Iedereen vroeg wat er met die plank was. ‘Ik heb recht op mijn eigen plank’, was dan mijn antwoord. Dat werd daarna een soort onderwerp voor de rest van het jaar; ‘wij hebben recht op onze eigen plank’.

Ik heb ook een keer het onderwerp ‘garagedeuren’ genomen. Ik ben toen het jaar begonnen met allemaal foto’s van garagedeuren die ik had genomen op vakantie in Spanje. Echt heel veel foto’s. Ik werd laaiend enthousiast van al die variatie in die garagedeuren. Ik heb ze toen een barokke en een classicistische garagedeur laten maken, omdat dat zo ‘typisch’ aansloot bij de theorie. Een vertaling van praktijk naar theorie die ik normaliter supersaai vind. Het was eigenlijk een soort balorigheid om met de gevestigde kunsteducatie te spelen.


 

‘Wij hebben recht op onze eigen plank’ – Kerkplein Doetinchem

Ik stond dus op de grote groepsfoto met die plank en de hele tijd sjouwde ik met die plank rond.


 

Garagedeuren opdracht, resultaat leerlingen

ML: Wat maakt toch dat deze opdracht, waarin de theorie perfect aansluit op de praktijk , verder gaat dan een één op één vertaling van deze twee domeinen?  
JB: Dat heeft ermee te maken dat de opdracht eigenlijk al niet volledig serieus is. Dus een combinatie van de overdreven aansluiting van theorie op de praktijk, wat altijd een enorm nepkarakter heeft omdat leerlingen helemaal geen houvast hebben aan traditionele beeldende middelen. Ze kregen een plaat en het moest iets van een reliëf worden. Mijn opzet is dat ze gaan experimenteren met materialen waarmee ze nog nooit hebben gewerkt, dat haalt een element van ‘knap-werk’ en ‘niet knap-werk’ eruit. Het gaat veel meer over de vraag; waar krijg ik houvast van in mijn experimenten? Dat is één ding, maar het ging me in essentie om het idee dat daaronder lag.

Ze moeten gaan beseffen dat de keuze die ik heb gemaakt voor zo’n garagedeur toevallig een leuk onderwerp is, maar dat het er niet toe doet. Ik begin mijn lessen wel met al die afbeeldingen van deuren uit Spanje. Zij zitten daar dan bij van ‘waar gaat dit over, waar moet dit heen, wat is de bedoeling?’. Daar geef ik vervolgens niet aan toe, ik houd de ‘suspense’ vast door alleen maar, met lááiend enthousiasme, garagedeur na garagedeur te bespreken.

Het hoogtepunt van de opdracht was de excursie die we hielden; we gingen naar een garageshowroom. Ik vond het zelf interessanter om een uniekere excursie te houden dan de gangbare museumexcursies, dus daarom zijn wij toen met een hele bus vol naar een garageshowroom gegaan. Onderweg daarnaartoe hebben we allemaal apart een haiku bedacht. Uiteindelijk hebben we de meest flauwe, de meest lieve en de meest aardige haiku met z’n allen uit ons hoofd geleerd. Toen we daar aankwamen en ik met de directeur zo in die grote ruimte stond, met al die grote garagedeuren en met die hele groep leerlingen was het moment aangebroken dat zij de haiku zouden presenteren. En je weet niet hoe enthousiast die leerlingen werden. Het misverstand, dat snappen ze dan. Ze hebben het dan echt door en ze staan dan allemaal te glunderen en die man weet niet echt wat er gebeurt. Hij dacht ‘het is altijd handig om reclame te maken voor mijn bedrijf’. Dat verschil in perspectief, dat wordt dan zó duidelijk. Het kunstzinnig perspectief tegenover het economisch perspectief. Dat vinden de leerlingen ook super boeiend. Op die leeftijd weet je al hoe de wereld in elkaar zit. Hoe wij allemaal worstelen met dat wij in deze economie moeten functioneren.

Het boekje De fundamenten van Ramsey Nasr, dat is echt voor iedereen een goed boekje om te lezen. Het gaat over de tijd van de hele pandemie. Het is eigenlijk hoe de samenleving in elkaar zit. Ik kom er nu op, omdat die leerlingen zo bewust zijn van hoe de samenleving in elkaar zit en daar kritisch naar kijken. Nasr verwoordt precies die problematiek.


 

‘Wij hebben recht op onze eigen plank’ – Kerkplein Doetinchem

ML: Is dat de rol van de kunstdocent anno 2021, om maatschappelijke problemen aan de orde te brengen?
JB: Ja, dat vind ik wel ja. Het is zelfs zo dat in het nieuwe curriculum.nu het vak burgerschap is opgenomen. Dat is toch om vanuit de samenleving te proberen iets te bewerkstelligen, waardoor iedereen bewust wordt van de noodzaak tot maatschappelijke verandering. Ja. Ik denk zeker dat dat van belang is.

ML: Je maakte naast het onderwijs ook zelf werk, hoe zag die verhouding tussen beide praktijken eruit?
JB: Je zou kunnen zeggen dat het werk dat ik zelf maak en dat leerlingen vaak maakten heel dicht bij elkaar kwam te liggen. Dat heeft wel zijn hoogtepunt gehad in de tentoonstelling Niet Gemaakt Werk.

ML: De combinatie van de professionele kunsten en leerlingenwerk was het uitgangspunt in de expositie Niet Gemaakt Werk, kun je hier iets meer over vertellen?
JB: Het uitgangspunt was een soort democratiseringsgedachte, dat iedere leerling gelijkwaardig zijn werk maakt en dat het in essentie niet gaat om het toetsen van vaardigheden. Daar ligt de nadruk niet op, het gaat erom dat iedereen op zijn eigen manier dat hele kunstzinnige proces kan beleven en uitvoeren. Dat is een democratisch principe, dat er niet op is gericht om een soort score in een groep van talentvol naar zwak te bestempelen. Het uitgangspunt was het idee van gelijkwaardigheid. Dat professionals en amateurs gelijkwaardig aan elkaar hetzelfde soort werk kunnen tonen. Op een ontspannen, gemakkelijke manier. Niet gemaakt werk. Niet geforceerd, gewoon natuurlijk ontstaan, bijna vanuit toeval. Dat typische kunstzinnige proces, dat wij als kunstenaars heel goed begrijpen. Dat dus ook bij leerlingen op dezelfde manier kan plaatsvinden en waar ook overtuiging in gevoeld kan worden. Dat vond ik in die tentoonstelling heel erg zichtbaar. Er was werk van leerlingen dat zo indrukwekkend was.


 

Tentoonstelling ‘Niet gemaakt werk’

Het uitgangspunt was een soort democratiseringsgedachte, dat iedere leerling gelijkwaardig zijn werk maakt en dat het in essentie niet gaat om het toetsen van vaardigheden.

ML: Wat was jouw rol als begeleider in het creatieve proces van de leerling?
JB: Ik verdiep mij natuurlijk in die leerlingen, in hun eigen mogelijkheden en ik pas mij altijd aan aan de mogelijkheden die ik vermoed dat zij hebben, waar zij het meest bij gebaat zijn. Dat doe ik door het geven van tips. En bij de een is dat heel anders dan bij een ander. Er wordt wel gedacht bij ons (Wicher Hupkes, red. ) dat leerlingen ons werk maken, maar het varieert zo enorm, dat is gewoon niet waar. Ik ga ook niet vertellen aan de leerlingen wat ikzelf maak, een hoogst enkele keer. Wicher werkte wel gewoon op school; op enorme vellen papier tegen de muur van het lokaal. Dat was fantastisch natuurlijk. Daar kon je echt zien wat hij deed.

ML: De kunstwereld karakteriseert zich veelal als vrij, autonoom en los van regelgeving. Binnen een school kennen we deze concepten uiteraard ook, maar er is ook een systeem dat bestaat uit regels. Hoe ging jij om met het schoolsysteem?
JB: Ik kan pas, na veertig jaar in het onderwijs gewerkt te hebben, eindelijk het schoolsysteem accepteren en er heel positief over zijn. Ik zie het niet meer als een beperking. Het interessante is dat ik nu besef dat zo’n systeem is ontwikkeld als mogelijke voorwaarde voor het functioneren van een school. Maar, je moet dat niet als heilig gaan ervaren, dat wordt vaak wel gedaan. Ook de manier waarop het kunstvak wordt vormgegeven binnen een schoolsysteem, dat verliest vaak veel kwaliteit doordat men denkt dat het ingepast moet worden in dat enorme ‘beoordelingstructuursysteem’. Dat is jammer.

Dat je zou kunnen beoordelen vind ik helemaal geen gek idee. De hele samenleving, overal, alles wordt beoordeeld. Maar ik heb daar natuurlijk wel mijn twijfels over. Beoordelen betekent uiteindelijk van oudsher dat het talent geluk heeft, want degene met talent wordt hoog beoordeeld en degene zonder talent, die wordt altijd slecht beoordeeld. En dat is onuitstaanbaar. Dat is echt zo vervelend.

Het is nooit de opzet van de kunstvakken geweest om een soort van technische vaardigheid te gaan beoordelen. Daar was ik (en het hele team) heel erg op tegen. Dat is iets wat we niet wilden accepteren. We hebben ernaar gestreefd dat iedereen in al die klassen zonder uitzondering, fantastisch goed werk kon maken. Ieder op z’n eigen manier en daarom hebben we vaak manieren van werken bedacht waarbij ze niet makkelijk terugvallen in van die bekende traditionele kwaliteitsvaardigheden.


 

Tentoonstelling ‘Niet gemaakt werk’

Beoordelen betekent uiteindelijk van oudsher dat het talent geluk heeft, want degene met talent wordt hoog beoordeeld en degene zonder talent, die wordt altijd slecht beoordeeld.

ML: Waar komt de behoefte naar het beheersen van vaardigheden vandaan denk je?
JB: Ik kan mij heel goed voorstellen dat men in zo’n snel veranderende samenleving zo snel mogelijk wil scoren. Dan bieden gangbare technische vaardigheden houvast. Het systeem van het snelle scoren en snelle succes boeken is niet hetgeen dat mij echt aanspreekt, omdat ik liever zoals in het boekje van Nasr, de fundamenten aan de orde zou willen stellen. Dat geldt ook voor mijn persoonlijke kunstenaarschap.

In 2014 heb ik bijvoorbeeld samen met anderen de Nieuwe Oosterbeekse School opgericht. Dat gaat heel erg over terugtrekken, want die Nieuwe Oosterbeekse School, dat zijn allemaal vrienden en kennissen die in de professionele kunst functioneren, maar als collectief zijn wij anoniem. Het is ontstaan met het idee om een netwerk te creëren van allemaal kunstzinnige mensen die op één of andere manier conceptueel verbonden zijn en een saamhorigheidsgevoel delen. Het is eigenlijk alleen maar een conceptueel idee. Dat wij als collectief gewoon genoeg hebben aan elkaar, leuke dingen doen of interessante dingen en verder zijn we doelloos.


 

Tentoonstelling ‘Niet gemaakt werk’

Het systeem van het snelle scoren en snelle succes boeken is niet hetgeen dat mij echt aanspreekt, omdat ik liever zoals in het boekje van Nasr, de fundamenten aan de orde zou willen stellen.

ML: Ik zou graag willen afsluiten met de vraag of je denkt dat een school een moeilijke plek is voor hedendaagse kunst?
JB: Eerlijk gezegd vind ik dat helemaal niet. Nee, het is fantastisch zelfs, kunst binnen een school. Omdat een school eigenlijk een soort klein dorpje is, waar je toch een aangenaam onderdak hebt. Je hebt een soort vriendelijke sociale overleving met elkaar en daar kun je lekker de grenzen in opzoeken.

Klik hier voor meer informatie over het project Wicked Arts Assignments. 

Advertenties

Ook adverteren op mistermotley.nl ? Stuur dan een mail naar advertenties@mistermotley.nl

#mc_embed_signup{ font:14px Riposte, sans-serif; font-weight: 200; } #mc_embed_signup h2 { font-size: 3.6rem; font-weight: 500 } #mc_embed_signup .button { border-radius: 15px; background: #000;} #mc_embed_signup /* Add your own Mailchimp form style overrides in your site stylesheet or in this style block. We recommend moving this block and the preceding CSS link to the HEAD of your HTML file. */

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

* verplicht
Email formaat
(function($) {window.fnames = new Array(); window.ftypes = new Array();fnames[0]='EMAIL';ftypes[0]='email';fnames[1]='FNAME';ftypes[1]='text';fnames[2]='LNAME';ftypes[2]='text'; /* * Translated default messages for the $ validation plugin. * Locale: NL */ $.extend($.validator.messages, { required: "Dit is een verplicht veld.", remote: "Controleer dit veld.", email: "Vul hier een geldig e-mailadres in.", url: "Vul hier een geldige URL in.", date: "Vul hier een geldige datum in.", dateISO: "Vul hier een geldige datum in (ISO-formaat).", number: "Vul hier een geldig getal in.", digits: "Vul hier alleen getallen in.", creditcard: "Vul hier een geldig creditcardnummer in.", equalTo: "Vul hier dezelfde waarde in.", accept: "Vul hier een waarde in met een geldige extensie.", maxlength: $.validator.format("Vul hier maximaal {0} tekens in."), minlength: $.validator.format("Vul hier minimaal {0} tekens in."), rangelength: $.validator.format("Vul hier een waarde in van minimaal {0} en maximaal {1} tekens."), range: $.validator.format("Vul hier een waarde in van minimaal {0} en maximaal {1}."), max: $.validator.format("Vul hier een waarde in kleiner dan of gelijk aan {0}."), min: $.validator.format("Vul hier een waarde in groter dan of gelijk aan {0}.") });}(jQuery));var $mcj = jQuery.noConflict(true);

Meer Mister Motley?

Draag bij aan onze toekomstige verhalen en laat ons hedendaagse kunst van haar sokkel stoten

Nu niet, maar wellicht later