Een orgasme in de vorm van een spook – over queerness en gentrificatie
In het oude centrum van Amsterdam zijn vanwege de Warmoes Biënnale nog tot 3 mei op onverwachte plekken kunstwerken te vinden. Zo heeft Joakim Derlow de FEBO op de Oudezijds Voorburgwal tot zijn domein gemaakt en heeft daar een aantal personages doen opgaan in de architectuur van de snackbar. Buhlebezwe Siwani legt in Museum Ons’ Lieve Heer op Solder verbindingen tussen sekswerk en het katholicisme. Maurits de Bruijn werd door SLAA (Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam) gevraagd te reflecteren op het werk dat Agatha Zwierzynska maakte in HOT or NOT bar. Een sportbar waar voorheen een inclusieve queer bar huisde. ‘Seks vormt een geloof, het is niet onecht of oneigenlijk, maar laten we zeggen dat de echte, de eigenlijke eigenschappen er niet zozeer toe doen. Het gaat om wat eraan is voorafgegaan, precies zoals ook een spook de verdamping van een daadwerkelijk persoon is, zijn zowel spook als seks het residu van een eerdere gebeurtenis.’
Lichamen met pijn en andere gebreken doen iets met de ruimte
Een lichaam met pijn kan de westerse scheiding van lichaam en geest niet langer in stand houden, schrijft Mira Thompson. Iemand met pijn wordt genoodzaakt het lichaam en de geest te doen samensmelten, wat handicaps-activisten ertoe aanzette de dichterlijke samenvoeging “bodymind” te munten. De aanwezigheid van pijn oefent een kracht uit op hoe kunst wordt vormgegeven en waargenomen. Een subtiele kracht die de kunstbeleving richting geeft. Dit is Mira’s nieuwste bijdrage aan haar reeks Land zonder grenzen, waarin ze onderzoekt hoe handicaps en kunst verbinding met elkaar kunnen krijgen.
Put everything into your work, but don’t give all of yourself to everyone – on the practice of Bodil Ouédraogo
“Put everything into your work, but don’t give all of yourself to everyone.” These words of Bodil Ouédraogo form a manifesto for a generation forging its way through the demands of an attention economy that calls for total transparency, immediate legibility, and spectacular revelations—writes her sister Rita Ouédraogo. “Her refusal resonates with Glissant’s argument for opacity: the insistence that we must preserve aspects of identity and culture that resist reduction to Western models of transparency and understanding.” This essay was written in convergence with the exhibition Crossing Threads, previously shown in gelijk is ongelijk, a project space on the former island of Marken.
Geef alles in je werk, maar geef niet alles aan iedereen – over het werk van Bodil Ouédraogo
“Geef alles in je werk, maar geef niet alles aan iedereen.” De woorden van Bodil Ouédraogo vormen een manifest voor een generatie die zich een weg baant door de aandachtseconomie die totale transparantie, onmiddellijke leesbaarheid en spectaculaire onthullingen eist – schrijft haar zus Rita Ouédraogo. ‘Haar weigering sluit aan bij Glissants pleidooi voor ondoorzichtigheid die benadrukt dat we aspecten van identiteit en cultuur moeten behouden die zich verzetten tegen reductie tot westerse modellen van transparantie en begrip.’ Dit essay werd geschreven naar aanleiding van de tentoonstelling Crossing Threads, eerder te zien in gelijk is ongelijk, een projectruimte voor hedendaagse kunst op het voormalige eiland Marken.
Een glorieus soort krimpen van Miriam Reeders
Eind 2023 kreeg Miriam Reeders de diagnose longkanker. In haar werk onderzoekt ze hoe je een betekenisvol leven kunt leiden als je ongeneeslijk ziek bent. Miriam maakt tekeningen waarin het grote het kleine ontmoet en het existentiële gevaarlijk dichtbij het alledaagse komt. Haar werk is nu gebundeld in het boek Een glorieus soort krimpen, voorzien van een tekst van Eva Meijer. Een voorpublicatie.
De dingen zelf – over de objecten van Mik Bakker
‘Natuurlijk ben ik ook geïnteresseerd in de geschiedenis en de culturele context van dat materiaal. Als ik iets zie wat bruikbaar is, ga ik het bestuderen. Dan wil ik er alles van weten. Hoe oud iets is, waar en hoe het gemaakt is, welke spijkers er nog in het hout zitten, het vakmanschap van de metaalbewerker, de geschiedenis van een fabriek, dat soort zaken. Maar die verhalen zijn voor mij uiteindelijk niet leidend. Het gaat mij erom: kijk naar dat ding!’ Gerrit Willems ging op atelierbezoek bij Mik Bakker en schreef een essay over deze categorie beeldende kunst: ‘De betekenis ligt in het zichtbare, niet in het onzichtbare, in het zintuiglijke, niet in het verstandelijke. Het doet je iets.’
De tuin van Groningen
In de tiendelige serie Grond voor kunst, waarin we inzoomen op de interactie tussen hedendaagse beeldende kunst en het Groningse landschap, publiceren we vandaag Susanne Luurs reflectie op het onderzoek voor haar kunstwerk Wierdetuin. Susanne groeide op in Groningen. Op uitnodiging van Sense of Place deed ze artistiek onderzoek naar het Damsterdiep, een oud kanaal van Delfzijl naar de stad Groningen. Door zich letterlijk door het landschap te bewegen – kajakkend, zwemmend, wandelend – werd ze er onderdeel van en kon ze komen tot een kunstwerk dat ook voor het landschap betekenis draagt.
Met de zon schrijven
‘Onder de oppervlakte roert zich iets. Het kolkt, suist en heeft een uitweg gevonden.’ Dat is Sound of Falling. Laure van den Hout zag de film en schreef een essay over de associatieve wijze waarop motieven samenkomen: palingen, graan, ‘warm’, stenen, vliegen, handen, de rivier. Het brengt het werk Still Water (The River Thames for Example) van Roni Horn in gedachten, waar voetnoten in het beeld een stream-of-conciousness van over elkaar buitelende gedachten oproepen.
Er moet eerst een beetje gesnuffeld worden – over What’s Left Speaks
Vanavond opent bij Das Leben am Haverkamp in Den Haag de tentoonstelling What’s Left Speaks van Gaia D’Arrigo, Felix Bell en Nuno Lobo. Wietske Flederus sprak met de kunstenaars en schreef een essay naar aanleiding van de kennismaking die ze had met de wereld die Lobo, Bell en D’Arrigo gecreëerd hebben. ‘Dystopische scenario’s hebben iets weg van de spanning van enge films. Je durft niet te kijken maar wilt ook niks missen.’
Hekserij in tijden van opkomend fascisme
De maatschappelijke hang naar hekserij is terug van (nooit) weggeweest. Vanaf de middeleeuwen werden (voornamelijk) vrouwen beschuldigd van tovenarij, seksuele losbandigheid en duivelsaanbidding. Deze angst leidde tot tienduizenden martelingen en executies in Europa en Noord-Amerika. Dit doet Ivana Kalas de vraag stellen: als vrouwen die van hekserij beschuldigd waren zo’n vreselijk lot wachtte, waarom durven we onszelf nu dan de identiteit van heks aan te meten?
Driftwoods
On Saturday, February 14, The Sound of Night Falling in the Other Room, Bart Lunenburg’s solo exhibition, opened at Galerie Caroline O’Breen in Amsterdam. Bart usually commits to research, it’s an integral part of his practice. ‘As an artist living in this city, with wood as the primary material in my practice and with a great love for architectural history, I am curious about the wooden houses that have disappeared from Amsterdam’s history. About the hidden wooden structures, concealed behind plastered ceilings and white walls, behind monumental façades and cobbled streets. In this text, I would like to share with you my search for the various hidden layers of construction that I have encountered in my recent research. Layers of construction that support and surround us every day, without us even noticing. This research into historical tales and processes of urban development, viewed from the perspective of timber construction traditions, forms the basis for new installations, sculptures, and photographs.’ Today we publish the English translation of Bart’s essay that emerged from this research, on the occasion of the Warmoes Biennale, which opens on March 7 and where Bart’s work will be on display.
Translated by Michiel Huijben.
Geen enkele levensvorm staat volledig op zichzelf – twee tentoonstellingen scharen zich rond schimmels
De ecologische crisis is niet alleen een kwestie van kennis of overtuiging maar van aandacht, benadrukt de Chinees-Amerikaanse antropoloog Anna Tsing. In CODA in Apeldoorn loopt De paddenstoel aan het einde van de wereld, een tentoonstelling over ‘verval en veerkracht’ van de natuur met Tsings werk als uitgangspunt. In FUNGI. Anarchistische ontwerpers in het Nieuwe Instituut in Rotterdam staan schimmels zelf centraal, in een project dat mede door Tsing is samengesteld. Beide vertrekken op hun manier vanuit de gedachte dat mensen geen externe beheerders van de natuur zijn, maar deelnemers. Maar is kunst in staat om daar verandering in aan te brengen of berust die juist op een logica van afstand en kijken?
Drijfwoud
Op zaterdag 14 februari opent The sound of night falling in the other room, de solotentoonstelling van Bart Lunenburg in Galerie Caroline O’Breen in Amsterdam. Voor zijn beeldende projecten doet Bart regelmatig onderzoek. ‘Als kunstenaar wonend in deze stad, en met hout als belangrijkste materiaal in mijn praktijk en met een grote liefde voor architectuurhistorie, ben ik nieuwsgierig naar de verdwenen houten huizen van Amsterdam. Naar de verborgen houtconstructies die schuilgaan achter gestucte plafonds en witte muren, verborgen achter monumentale gevels en de klinkers van de straten. In mijn onderzoek ben ik verschillende verborgen bouwlagen tegengekomen die ons dagelijks dragen en omhullen, zonder dat we het doorhebben. Dit onderzoek naar historische verhalen en stedenbouwkundige processen, bekeken vanuit het perspectief van houtbouwtradities, vormt de basis voor nieuwe installaties, sculpturen en foto’s.’ Vandaag publiceren we Barts essay dat voortgekomen is uit dit onderzoek.
Zal ik je morgen weer zien?
‘Wanneer de zon ondergaat, neemt hij het licht met zich mee. Op ons, op dat deel van de aarde waar wij staan, valt minder en minder licht. We zien nog wel kleuren, maar vooral aan de hemel, want voor de tinten om ons heen moeten we meer moeite doen. We moeten dichterbij komen. Doordat het licht zich terugtrekt, hellen wij naar voren, komen we nader. En dat hellen is een lichamelijk, open gebaar. Beschijn me, ik kijk naar je, ik geef me. Je hebt me.’ Barbara Collé bezocht de tentoonstelling Sun don’t rush to be red, Son don’t rush to be read in TENT, raakte ontroerd en zelfs een beetje verliefd.
Hoe iets tot stand komt – over No Longer Not Yet van Katja Mater in FOMU
Laure van den Hout werd geraakt door No Longer Not Yet in het FOMU. Voor deze tentoonstelling heeft kunstenaar Katja Mater een selectie gemaakt uit de collectie van het museum, die gecombineerd met nieuw eigen werk leidt tot meer dan vijftig ‘ingrepen’. ‘De aandacht die de maker besteed heeft aan het vastleggen van een moment, wordt door Mater als het ware verlengd, soms door ‘m te verleggen: met zorg ontwerpt ze een ruimte waarin de beelden overdrachtelijk gemaakt worden.’












