Collectiviteit

Naoorlogse hoop in het gezicht op een kinderpostzegel

In 1947 was de Hongaars-Nederlandse fotografe Eva Besnyö verantwoordelijk voor het maken van de kinderpostzegels. In het resultaat kon het Nederlandse publiek zijn eigen familie terugzien, de nieuwe generatie die de oorlog niet had meegemaakt en zou opgroeien om het land op te bouwen. ‘Er schuilt een stille hoop in deze portretten, een fragiel uitzicht dat zich in de eerste plaats wil bekommeren om de zorg voor deze kinderen – de rest komt misschien later wel.’ Nina Lissone duidt deze intieme portretten en plaatst ze in het oeuvre van een Joodse fotografe die zich in het begin van haar loopbaan juist had verbonden aan de Nieuwe Zakelijkheid, waarin de mensfiguur slechts als schaduw of een object fungeerde.

Een samenleving die is gevormd door overlappende en doorlopende verhalen van beweging – in gesprek met curator Musoke Nalwoga

Musoke Nalwoga schilderde de wanden van haar kunstruimte Motormond bruin om te breken met de steriele aanpak die we kennen van de meeste kunstruimtes. Samen met Roosje Klap is Nalwoga nu co-curator van de Noorderlicht Biënnale. Hun programma What knots knot knots? is tot en met 30 augustus te zien. ‘Over het koloniale verleden van Noord-Nederland is nog maar weinig verteld, bijvoorbeeld over de VOC-directeur en verzamelaar Jan Albert Sichterman die in Groningen woonde, over de lotgevallen van de Molukse KNIL-militairen in Drenthe en over de arbeidsmigranten in Friesland in de scheepsbouwindustrie in Harlingen, Workum, Hindeloopen en Stavoren voor de Verenigde Oost-Indische Compagnie en de West-Indische Compagnie.
Voor mij is het de vraag hoe de tentoonstelling meer kan bieden dan foto’s aan een muur, of wat je op je telefoon kunt zien en in fotoboeken.’ Alex de Vries ging met haar in gesprek.

Oefeningen in tijdelijkheid – over kraken en kunstenaarschap

Jam van der Aa ging in gesprek met Mirka Farabegoli over haar kunstenaarschap en de tentoonstelling Claiming the City – A Squatters’ Allegory die momenteel te zien is bij POST Nijmegen. Het levert een inzichtelijk essay op waarin Jam reflecteert op tijdelijkheid, noties van eigendom, kraken, kunstenaarschap en het collectief. ‘Toegegeven, je oefenen in tijdelijkheid, is een stuk gemakkelijker, als je erop kunt vertrouwen dat je de nieuwe mogelijkheden al binnen handbereik hebt. Spaargeld, vermogen. Speelgoed voor de rest van je leven. Maar wat heeft een kind in hemelsnaam aan een berg zorgvuldig bewaard en bewaakt speelgoed, als het niemand heeft om mee te spelen? Of wanneer je steeds bang bent, dat iemand een speeltje van je pikt? Kun jij met al je knikkers tegelijkertijd knikkeren? Heb ik de ruimte tussen mijn plafond en de vloer van mijn werkkamer zelf nodig?
Ik weet niet zo goed waar ik heen ga; wil gaan. Behalve ja, misschien, terug in de tijd. Claiming the City – A Squatters’ Allegory is voor mij een artistieke ode aan een wereld die langzaam aan het verdwijnen is, misschien al wel verdwenen is. Misschien toont deze expositie tevens het belang van een gezonde kunstwereld, met veel experimentele plekken, waar alles wat echt betekenisvol is, bijna net zo kwetsbaar is als de kraakbeweging.’

Noaberschap in een Gronings dorp – over I will pick up the cat poop in the yard van Anna Reutinger

Ik kan een taart bakken. Ik zal je hond eens uitlaten. De post ophalen. I will pick up the cat poop in the yard van Anna Reutinger is een verzameling linten waarop allerlei beloftes prijken. Dingen die de mensen uit het Groningse Oosterwijtwerd bereid zijn voor elkaar te doen. De Amerikaanse kunstenaar verzamelde deze gebaren en vatte ze in een tijdelijk kunstwerk dat tijdens het festival Terug naar het Begin te bewonderen was in de plaatselijke Mariakerk. Anika van de Wijngaard sprak met Reutinger, curator Elles Hesseling en Jaap de Koning van de kunstcommissie over gemeenschapszin, tijdelijke kunstwerken en non-elites. 

Symbool van zorg en reinheid, mogelijk gemaakt door kolonialiteit – over de prominentie van linnen in hedendaagse kunstpraktijken

Linnen is overal, lijkt het. De productie ervan was ooit prominent aanwezig in ons land, maar is verdwenen. Textielkunst werd lange tijd in de marges gedwongen en als vrouwenwerk weggezet én vormde een belangrijk onderdeel van onze koloniale geschiedenis. En nu is het materiaal dus helemaal terug, signaleert Romy Day Winkel aan de hand van het werk van Dagmar Bosma, Liza Prins en Marie Ilse Bourlanges. ‘Een goed gevulde linnenkast in de ontvangstkamer liet aan bezoekers zien dat je het je kon veroorloven om een groot huishouden te voeren. De vouwen in het tafelkleed, het bewijs dat het net uit de pers kwam, werden op zichzelf een teken van reinheid en orde.’

De bal is rond – als voetbal en kunst elkaar ontmoeten

Voetballers brengen mensen tezamen met hun spel. Kunstenaars doen dat met hun kunst. Maar wat gebeurt er als deze twee werelden elkaar ontmoeten op een Gronings sportpark, net buiten de ring van de stad? Onbegrip? Competitie? Verbazing? Of juist een omarmen van elkaars tekortkomingen? Lachend? Lallend? Liefhebbend? Arthur van den Boogaard schreef een tekst voor Het resort dat Elen Braga, William Ludwig Lutgens en Karina Beumer uitnodigde om een werk te maken bij Voetbal Vereniging Korreweg (V.V.K.) in Groningen. 

Een luide Nee! die de chique bezoekers dwingt de blik binnenwaarts te wenden – over The Fortress van Dries Verhoeven en Rieke Vos

In de Venetiaanse Giardini draalden eerder deze maand talloze mensen rond met zo ongeveer alle privileges denkbaar. Ze laafden zich aan kunstwerken van over de hele wereld – en dat laatste is ook nog eens een bizar voorrecht. Die vijf-, zes- of zevenvinkers kregen in het Nederlandse paviljoen het werk van Dries Verhoeven en curator Rieke Vos voorgeschoteld. Een fort dat de donkerte die de wereld overspoelt onontkoombaar maakt. ‘Voor even verdwenen de plooien van Issey Miyake, de designertassen, verdween ons decorum, onze ankers, de smalltalk die alles altijd weet terug te dwingen naar een vorm van normaliteit. Zelfs een genocide.’

Subject in gebouw – over roofkunst, restitutie en de grote terugreis

‘Het voelt alsof ik door de antiekwinkel loop van iemands schimmige achterneef die alles heeft ingedeeld in categorieën als meisjesobjecten en jongensobjecten, kanoverzamelingen en totempalen.’ Er is een golf van tentoonstellingen die roofkunst en restitutie als onderwerp nemen. ‘Maar niet alle etnografische musea, waaronder die in Nederland, nemen deel aan dat gesprek,’ schrijft Pelumi Adejumo. In haar essay rijgt ze het werk van Miles Greenberg aan de mythe van de moddervis, de tentoonstelling Back to Benin in Museum de Fundatie en Tijd voor Papoea in het Wereldmuseum in Leiden. 

IJsberenprotocol

Vandaag plaatsen we een voorpublicatie van een fragment uit IJsberenprotocol, de nieuwe roman van schrijver en beeldend kunstenaar Ananda Serné die op 28 mei aanstaande verschijnt bij Uitgeverij Cossee. In IJsberenprotocol verblijft protagonist Eira als writer in residence in een onderzoeksdorp op Spitsbergen. De roman is een meerstemmig verhaal over hoe een huis wordt aangetast door dooiende permafrost, een individu door haar gedachten en een kleine gemeenschap door sociale controle.

Kunst ter plekke – op atelierbezoek bij Joanneke Meester

Het atelier van Joanneke Meester bevindt zich waar ze haar werk maakt: op straat, in gebouwen, tijdelijke ruimtes, in onderdoorgangen en onder de mensen. Bij afvalpunten verzamelt ze materiaal om daarmee geïmproviseerde sculpturen te maken. Zo nodigt Joanneke Meester voorbijgangers uit met haar veelkleurige idioom in beeldende uitspraken waarin tekst en beeld in elkaar overvloeien. Alex de Vries ging met haar in gesprek. 

De staat ziet alles, maar geeft niets terug – over States of Violence in POST Nijmegen

Josephine Broekhuizen bezocht States of Violence in POST Nijmegen, een tentoonstelling die laat zien hoe de systemen die geweld zouden moeten begrenzen – democratie, rechtspraak, media, archieven, politie – zelf beginnen te rafelen. ‘Ik vraag me direct af: als juist deze structuren kwetsbaar worden, hoe weet ik dan nog wat waar is? En wanneer word ik ongemerkt onderdeel van dat geweld?’

We moeten het over de woonkamer hebben

De manieren waarop we met elkaar samenwonen staan altijd in verbinding met bredere politieke omstandigheden. Dat laat We need to speak about living room zien, een film en tentoonstelling van Winnie Herbstein in Kunsthuis Syb, waarin zij onderzoekt welke rollen bewoners innemen in collectief samenlevingsverband. ‘Nadat er gekookt is, moet iemand de afwas doen.’

Lichamen met pijn en andere gebreken doen iets met de ruimte

Een lichaam met pijn kan de westerse scheiding van lichaam en geest niet langer in stand houden, schrijft Mira Thompson. Iemand met pijn wordt genoodzaakt het lichaam en de geest te doen samensmelten, wat handicaps-activisten ertoe aanzette de dichterlijke samenvoeging “bodymind” te munten. De aanwezigheid van pijn oefent een kracht uit op hoe kunst wordt vormgegeven en waargenomen. Een subtiele kracht die de kunstbeleving richting geeft. Dit is Mira’s nieuwste bijdrage aan haar reeks Land zonder grenzen, waarin ze onderzoekt hoe handicaps en kunst verbinding met elkaar kunnen krijgen.

Een visuele draai aan de wereld – op atelierbezoek bij Helmut Smits

Het werk van Helmut Smits bezit een logica die in de eerste plaats aan hem toebehoort en niet eerder is opgemerkt. Uiteenlopende analyses van de dingen die hij waarneemt: cola zien als bruin en vervuild water, een regenboog die op de autoruit bevestigd is en zo het uitzicht beïnvloedt, patatjes die aan duivenpinnen zijn geregen. ‘Ik zoek naar iets wat voor de kijker herkenbaar is, maar benader dat vanuit een andere blik of logica.‘ Alex de Vries bezocht het atelier van Helmut en ging met hem in gesprek over zijn wonderlijke werk.

Advertenties

Ook adverteren op mistermotley.nl? Stuur dan een mail naar advertenties@mistermotley.nl

Nieuwe artikelen laden...

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

* verplicht